Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2020:1791
2020-11-13
Civiel recht; Personen- en familierecht
19/04578
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2020:1791 → ECLI:NL:GHAMS:2019:2392 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2020:1791 → ECLI:NL:PHR:2020:873 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Curatele. Procesbekwaamheid ondercuratelegestelde; art. 1:381 lid 6 BW. Brengt deze bekwaamheid mee dat ondercuratelegestelde bekwaam is om overeenkomst van opdracht te sluiten met advocaat?
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.417 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 19/04578
Datum 13 november 2020
ARREST
In de zaak van
1. [eiseres 1],wonende te [woonplaats],
2. [eiseres 2],wonende te [woonplaats],
EISERESSEN tot cassatie,
hierna: [eiseressen],
advocaat: M.J. van Basten Batenburg,
tegen
[verweerder],wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: [verweerder],
advocaat: J.H.M. van Swaaij.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
het vonnis in de zaak 4091822 \ CV EXPL 15-3830 van de kantonrechter te Haarlem van 13 juli 2016;
de arresten in de zaak 200.215.352/01 van het gerechtshof Amsterdam van 11 september 2018 en 9 juli 2019.
[eiseressen] hebben tegen het arrest van het hof van 9 juli 2019 beroep in cassatie ingesteld.
[verweerder] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor [verweerder] toegelicht door zijn advocaat en mede door A.C. Tjepkema.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiseressen] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseressen] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 882,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 13 november 2020.
CIVIELE KAMER
Nummer 19/04578
Datum 13 november 2020
ARREST
In de zaak van
1. [eiseres 1],wonende te [woonplaats],
2. [eiseres 2],wonende te [woonplaats],
EISERESSEN tot cassatie,
hierna: [eiseressen],
advocaat: M.J. van Basten Batenburg,
tegen
[verweerder],wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: [verweerder],
advocaat: J.H.M. van Swaaij.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
het vonnis in de zaak 4091822 \ CV EXPL 15-3830 van de kantonrechter te Haarlem van 13 juli 2016;
de arresten in de zaak 200.215.352/01 van het gerechtshof Amsterdam van 11 september 2018 en 9 juli 2019.
[eiseressen] hebben tegen het arrest van het hof van 9 juli 2019 beroep in cassatie ingesteld.
[verweerder] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor [verweerder] toegelicht door zijn advocaat en mede door A.C. Tjepkema.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiseressen] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseressen] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 882,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 13 november 2020.