Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2020:1456

2020-09-22 Strafrecht 20/00946
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2020-09-22
Publicatiedatum
2020-09-21
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
20/00946
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2020/1054

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Vervolgingsuitlevering opgeëiste persoon (Dominicaanse nationaliteit) aan Zwitserland t.z.v. verdenking van betrokkenheid bij invoer cocaïne van Nederland naar Zwitserland in de periode 2016-2019 en in Zwitserland rijden zonder geldig rijbewijs. Middel m.b.t. oordeel Rb dat stukken t.a.v. het rijden zonder rijbewijs genoegzaam zijn in de zin van art. 12 EUV en art. 18 UW . HR: art. 81.1 RO.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.827 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER






Nummer 20/00946 U

Datum 22 september 2020




ARREST




op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 20 december 2019, nummer [001] , op een verzoek van de Republiek Zwitserland tot uitlevering



van




[opgeëiste persoon] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1990,
hierna: de opgeëiste persoon.





1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de opgeëiste persoon. Namens deze heeft O.O. van der Lee, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.




2Beoordeling van het cassatiemiddel
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).



3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.



Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 22 september 2020.