Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2020:1145
2020-06-26
Civiel recht; Personen- en familierecht
19/02362
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2020:1145 → ECLI:NL:GHARL:2019:2923 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2020:1145 → ECLI:NL:PHR:2020:55 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Beslagrecht. Eigenbeslag op verschuldigde kinderalimentatie. Opheffingskortgeding. Klachten over beslaglegging op kinderalimentatie en het niet in achtnemen van de beslagvrije voet.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (2)
- ECLI:NL:PHR:2022:1026 Parket bij de Hoge Raad 04-11-2022
- ECLI:NL:RBROT:2021:7165 Rechtbank Rotterdam 30-04-2021
Volledige tekst
Volledige tekst (2.140 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 19/02362
Datum 26 juni 2020
ARREST
In de zaak van
[de vrouw],wonende te [woonplaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: de vrouw ,
advocaat: J. van Weerden,
tegen
[de man],wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de man,
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
het vonnis in de zaak C/16/461429 / KG ZA 18-336 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Midden-Nederland van 6 juli 2018;
het arrest in de zaak 200.243.915 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 2 april 2019.
De vrouw heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen de man is verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de vrouw heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [de vrouw] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [de man] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, C.E. du Perron, M.J. Kroeze en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 26 juni 2020.
CIVIELE KAMER
Nummer 19/02362
Datum 26 juni 2020
ARREST
In de zaak van
[de vrouw],wonende te [woonplaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: de vrouw ,
advocaat: J. van Weerden,
tegen
[de man],wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de man,
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
het vonnis in de zaak C/16/461429 / KG ZA 18-336 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Midden-Nederland van 6 juli 2018;
het arrest in de zaak 200.243.915 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 2 april 2019.
De vrouw heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen de man is verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de vrouw heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [de vrouw] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [de man] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, C.E. du Perron, M.J. Kroeze en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 26 juni 2020.