Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2019:172

2019-02-05 Strafrecht 18/01540
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2019-02-05
Publicatiedatum
2019-02-01
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
18/01540
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2019/258 | SR-Updates.nl 2019-0167

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

N-o verklaring in h.b. ex art. 416.2 Sv. Geen afschrift appeldagvaarding verzonden naar raadsman, art. 48 Sv. HR: Op gronden vermeld in CAG is middel terecht voorgesteld. CAG: Stukken bevatten niets waaruit kan volgen dat voor behandeling van zaak van verdachte in h.b. een afschrift van dagvaarding in h.b. aan een voor hem optredende raadsman is verzonden. Een stelbrief van de advocaat en een verzendcontrolerapport waaruit succesvol ontvangst daarvan door griffie Hof is op te maken, zijn aan cassatieschriftuur gehecht. Daaruit vloeit het ernstige vermoeden voort dat t.a.v. appeldagvaarding voorschrift vervat in art. 48 Sv niet is nageleefd. Volgt vernietiging en terugwijzing.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (6)

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.879 tekens)
5 februari 2019
Strafkamer
nr. S 18/01540


Hoge Raad der Nederlanden



Arrest




op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof Den Haag van 23 maart 2018, nummer 22/005255-17, in de strafzaak tegen:



[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1986.




1Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben R.J. Baumgardt en P. van Dongen, beiden advocaat te Rotterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof Den Haag teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2. Beoordeling van het middel



2.1.
Het middel bevat de klacht dat art. 48 Sv in hoger beroep niet is nageleefd aangezien is verzuimd een afschrift van de appeldagvaarding aan de raadsman van de verdachte toe te zenden.



2.2.
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 4 tot en met 8 is het middel terecht voorgesteld.





3Beslissing

De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Den Haag, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.



Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 februari 2019.