Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2019:1490

2019-10-04 Civiel recht; Insolventierecht 18/00869
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2019-10-04
Publicatiedatum
2019-10-02
Rechtsgebied
Civiel recht; Insolventierecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
18/00869
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2019/1024 | RI 2019/76

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Insolventierecht. Voortzetting failliet ziekenhuis na pre-packprocedure. Ongerechtvaardigde verrijking dan wel onrechtmatig handelen van voortzettende onderneming?

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (4)

Volledige tekst

Volledige tekst (3.108 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN


CIVIELE KAMER



Nummer 18/00869

Datum 4 oktober 2019


ARREST


In de zaak van



[eiser],wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
hierna: [eiser],
advocaat: mr. B.I. Kraaipoel,


tegen

1. SPIJKENISSE MEDISCH CENTRUM B.V.,gevestigd te Spijkenisse,
2. [verweerder 2],wonende te [woonplaats],
3. MAATSCHAP [verweerster 3],gevestigd te [vestigingsplaats],
4. MAATSCHAP [verweerster 4],voorheen gevestigd te [vestigingsplaats],

5. [verweerster 5] B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats],
6. [verweerder 6],
wonende te [woonplaats],
7. [verweerder 7],
wonende te [woonplaats],


8. [verweerster 8] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
9. COÖPERATIE ZORG IN REGIO ZUID COÖPERATIEF U.A.,
gevestigd te Rotterdam,
10. STICHTING PROTESTANTS CHRISTELIJK ZIEKENHUIS IKAZIA,
gevestigd te Rotterdam,
11. STICHTING MAASSTAD ZIEKENHUIS,
gevestigd te Rotterdam,
12. STICHTING HET VAN WEEL-BETHESDA ZIEKENHUIS,

gevestigd te Dirksland,
VERWEERDERS in cassatie,
hierna gezamenlijk: SMC c.s.,
advocaten: mr. K. Teuben en mr. G.C. Nieuwland.


1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/10/459641/HA ZA 14-953 van de rechtbank Rotterdam van 11 maart 2015 (in het incident), 24 juni 2015 en 20 januari 2016;
b. de arresten in de zaak 200.189/984/01 van het gerechtshof Den Haag van 7 juni 2016 en 28 november 2017.


[eiser] heeft tegen het arrest van het hof van 28 november 2017 beroep in cassatie ingesteld. SMC c.s. hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [eiser] mede door mr. T.V.J. Bil.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.



2Beoordeling van het middel


De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.






3Beslissing


De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van SMC c.s. begroot op € 6.662,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiser] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.



Dit arrest is gewezen door de vicepresident C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren M.V. Polak, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 4 oktober 2019.