Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2018:985

2018-06-26 Strafrecht 16/05859
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2018-06-26
Publicatiedatum
2018-06-22
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
16/05859
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2018/814

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Medeplegen diefstal van koperen kabels (art. 311.1.4 Sr) en kraken leegstaande woning (art. 138a Sr). Rechtsbijstand door voorkeursadvocaat. Klacht dat het Hof i.s.m. het recht op een eerlijk proces a.b.i. art. 6 EVRM bij de bewijsvoering heeft betrokken de verklaring die verdachte bij de politie heeft afgelegd zonder in de gelegenheid te zijn gesteld om voorkeursadvocaat te raadplegen. HR: art. 80a RO. Samenhang met 16/05860 (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, verdachte n-o).

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.728 tekens)
26 juni 2018
Strafkamer
nr. S 16/05859
LBS


Hoge Raad der Nederlanden



Arrest



op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 22 november 2016, nummer 22/002708-16, in de strafzaak tegen:



[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985.




1Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft E. Tamas, advocaat te 's-Gravenhage, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk zal worden verklaard.





2Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep


De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.




3. Beslissing


De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.



Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 26 juni 2018.