Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2018:86
2018-01-23
Strafrecht
16/01627
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2018:86 → ECLI:NL:GHDHA:2016:934 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2018:86 → ECLI:NL:PHR:2017:1483 gevolgd
Inhoudsindicatie
Profijtontneming, w.v.v. uit medeplichtigheid aan oplichting. Falende middelen m.b.t. 1. voordeel dat betrokkene daadwerkelijk heeft behaald, 2. afwijzing ttz. in h.b. gedaan voorwaardelijk getuigenverzoek, 3. rechtsgevolg overschrijding redelijke termijn in e.a. en h.b. HR: art. 81.1 RO.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (7)
- ECLI:NL:PHR:2026:283 Parket bij de Hoge Raad 24-03-2026
- ECLI:NL:PHR:2025:1320 Parket bij de Hoge Raad 02-12-2025
- ECLI:NL:PHR:2024:895 Parket bij de Hoge Raad 03-09-2024
- ECLI:NL:PHR:2024:894 Parket bij de Hoge Raad 03-09-2024
- ECLI:NL:RBNHO:2021:10864 Rechtbank Noord-Holland 27-08-2021
- ECLI:NL:PHR:2021:86 Parket bij de Hoge Raad 02-02-2021
- ECLI:NL:PHR:2018:679 Parket bij de Hoge Raad 15-05-2018
Volledige tekst
Volledige tekst (1.506 tekens)
23 januari 2018
Strafkamer
nr. S 16/01627 P
ABO
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 15 maart 2016, nummer 22/002821-12, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:
[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1973.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft D.J.G.J. Cornelissen, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 januari 2018.
Strafkamer
nr. S 16/01627 P
ABO
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 15 maart 2016, nummer 22/002821-12, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:
[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1973.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft D.J.G.J. Cornelissen, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 januari 2018.