Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2018:691
2018-05-04
Bestuursrecht; Belastingrecht
17/06111
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- sprongcassatie ECLI:NL:HR:2018:691 → ECLI:NL:RBDHA:2017:14060
Inhoudsindicatie
HR: 81.1 RO.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (4)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:1365 Gerechtshof Den Haag 15-07-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2024:22378 Rechtbank Den Haag 23-12-2024
- ECLI:NL:PHR:2024:118 Parket bij de Hoge Raad 02-02-2024
- ECLI:NL:GHDHA:2022:2863 Gerechtshof Den Haag 11-10-2022
Volledige tekst
Volledige tekst (1.454 tekens)
4 mei 2018
Nr. 17/06111
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z], Italië (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 30 november 2017, nr. SGR 17/262, betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2016 opgelegde aanslag in de forensenbelasting van de gemeente Noordwijkerhout.
1Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Noordwijkerhout heeft een verweerschrift ingediend.
2Beoordeling van de klachten
De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
4Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president G. de Groot als voorzitter, en de raadsheren Th. Groeneveld en A.F.M.Q. Beukers-van Dooren, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 4 mei 2018.
Nr. 17/06111
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z], Italië (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 30 november 2017, nr. SGR 17/262, betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2016 opgelegde aanslag in de forensenbelasting van de gemeente Noordwijkerhout.
1Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Noordwijkerhout heeft een verweerschrift ingediend.
2Beoordeling van de klachten
De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
4Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president G. de Groot als voorzitter, en de raadsheren Th. Groeneveld en A.F.M.Q. Beukers-van Dooren, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 4 mei 2018.