Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2018:356
2018-03-16
Bestuursrecht; Belastingrecht
17/02691
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2018:356 → ECLI:NL:GHARL:2017:3534 (Gedeeltelijke) vernietiging met verwijzen
Inhoudsindicatie
Kansspelbelasting. Art. 2, lid 2, en 3, Wet KSB; art. 56 en 57 VWEU. Plaats van vestiging houder internetpoker is bepalend voor kwalificatie als binnenlands of buitenlands kansspel.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (44)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:415 Gerechtshof Den Haag 13-03-2025
- ECLI:NL:GHSHE:2021:210 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 29-01-2021
- ECLI:NL:HR:2020:1343 Hoge Raad 11-09-2020
- ECLI:NL:HR:2020:1409 Hoge Raad 11-09-2020
- ECLI:NL:HR:2020:1416 Hoge Raad 11-09-2020
- ECLI:NL:HR:2020:1408 Hoge Raad 11-09-2020
- ECLI:NL:HR:2020:1343 Hoge Raad 11-09-2020
- ECLI:NL:GHARL:2020:5438 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 14-07-2020
- ECLI:NL:RBNHO:2020:1243 Rechtbank Noord-Holland 21-02-2020
- ECLI:NL:RBNHO:2020:1244 Rechtbank Noord-Holland 21-02-2020
- ECLI:NL:RBNHO:2020:1244 Rechtbank Noord-Holland 21-02-2020
- ECLI:NL:RBNHO:2020:1243 Rechtbank Noord-Holland 21-02-2020
- ECLI:NL:RBNHO:2020:1321 Rechtbank Noord-Holland 19-02-2020
- ECLI:NL:RBNHO:2020:1321 Rechtbank Noord-Holland 19-02-2020
- ECLI:NL:RBNHO:2020:1321 Rechtbank Noord-Holland 19-02-2020
- ECLI:NL:PHR:2019:1380 Parket bij de Hoge Raad 31-12-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1378 Parket bij de Hoge Raad 31-12-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1379 Parket bij de Hoge Raad 31-12-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1377 Parket bij de Hoge Raad 31-12-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1375 Parket bij de Hoge Raad 31-12-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1376 Parket bij de Hoge Raad 31-12-2019
- ECLI:NL:GHSHE:2019:2457 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 12-07-2019
- ECLI:NL:GHARL:2019:5704 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 09-07-2019
- ECLI:NL:GHARL:2019:5709 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 09-07-2019
- ECLI:NL:GHARL:2019:5709 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 09-07-2019
- ECLI:NL:GHARL:2019:5704 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 09-07-2019
- ECLI:NL:GHARL:2019:5707 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 09-07-2019
- ECLI:NL:HR:2019:548 Hoge Raad 17-05-2019
- ECLI:NL:RBGEL:2019:891 Rechtbank Gelderland 04-03-2019
- ECLI:NL:RBNHO:2019:1713 Rechtbank Noord-Holland 28-02-2019
- ECLI:NL:RBNHO:2019:1713 Rechtbank Noord-Holland 28-02-2019
- ECLI:NL:GHSHE:2018:5295 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 31-12-2018
- ECLI:NL:GHSHE:2018:5296 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 31-12-2018
- ECLI:NL:GHSHE:2018:5299 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 31-12-2018
- ECLI:NL:GHSHE:2018:5298 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 31-12-2018
- ECLI:NL:GHSHE:2018:5297 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 31-12-2018
- ECLI:NL:RBNHO:2018:10263 Rechtbank Noord-Holland 26-11-2018
- ECLI:NL:RBNHO:2018:10264 Rechtbank Noord-Holland 26-11-2018
- ECLI:NL:RBNHO:2018:10263 Rechtbank Noord-Holland 26-11-2018
- ECLI:NL:RBNHO:2018:8883 Rechtbank Noord-Holland 15-10-2018
- ECLI:NL:RBNHO:2018:8883 Rechtbank Noord-Holland 15-10-2018
- ECLI:NL:PHR:2018:925 Parket bij de Hoge Raad 03-09-2018
- ECLI:NL:PHR:2018:925 Parket bij de Hoge Raad 03-09-2018
- ECLI:NL:RBGEL:2018:1870 Rechtbank Gelderland 24-04-2018
Volledige tekst
Volledige tekst (4.909 tekens)
16 maart 2018
nr. 17/02691
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 25 april 2017, nr. 16/00094, op het hoger beroep van de Inspecteur tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Nederland (nr. LEE 14/4084) betreffende de aan [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) over het tijdvak oktober 2013 opgelegde naheffingsaanslag in de kansspelbelasting. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
1Geding in cassatie
De Staatssecretaris heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Belanghebbende heeft een verweerschrift ingediend.
De Staatssecretaris heeft een conclusie van repliek ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van dupliek ingediend.
2Beoordeling van het middel
2.1.
In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan.
2.1.1.
Belanghebbende is inwoner van Nederland en heeft in oktober 2013 € 8506 gewonnen met deelname aan pokertoernooien via een website. Van hem is kansspelbelasting geheven.
2.1.2.
In geschil is of die heffing in strijd is met het vrije verkeer van diensten in de EU.
2.2.
Het Hof heeft geoordeeld dat de op Malta gevestigde vennootschap Rational Gaming Europe Limited (hierna: Rational Gaming) de aanbieder van de in 2.1.1 bedoelde pokertoernooien is, en niet de aan haar gelieerde, op het eiland Man gevestigde vennootschap Rational Group Limited (hierna: Rational Group). De heffing van kansspelbelasting is naar het oordeel van het Hof in dit geval in strijd met het vrije verkeer van diensten in de EU.
2.3.
Het middel betoogt dat belanghebbende geen beroep kan doen op de vrijheid van dienstenverkeer omdat de daadwerkelijke kansspeldienst niet wordt aangeboden door Rational Gaming op Malta maar door of namens Rational Group op het eiland Man.
2.4.
Artikel 2, lid 2, van de Wet op de kansspelbelasting bepaalt, voor zover hier van belang, dat een kansspel als binnenlands wordt beschouwd indien het wordt gehouden door een lichaam in de zin van de AWR dat in Nederland is gevestigd. Voor de beantwoording van de vraag of sprake is van een binnenlands of buitenlands kansspel is dus niet van belang waar degene is gevestigd die gelegenheid geeft tot deelname aan het kansspel. Beslissend is waar de houder van dat spel is gevestigd. In dit geval zijn er twee rechtspersonen betrokken bij de online pokertoernooien waaraan belanghebbende heeft deelgenomen: Rational Gaming en Rational Group. Uit ’s Hofs oordeel kan niet worden afgeleid welke van deze rechtspersonen is aan te merken als de houder van de spelen. Daarvoor is bepalend wie de organisator is (vgl. Kamerstukken II 1959/60, 5787, nr. 3, p. 6), dat wil zeggen de zeggenschap heeft over de organisatie van die spelen. De enkele omstandigheid dat, zoals het Hof heeft aangenomen, Rational Gaming jegens belanghebbende heeft gefungeerd als aanbieder van pokertoernooien, is onvoldoende om te oordelen dat Rational Gaming dan ook de houder van die spelen is.
Indien Rational Group de houder is van de spelen, is sprake van buitenlandse kansspelen in de zin van artikel 2, lid 3, van de Wet op de kansspelbelasting en is belanghebbende de kansspelbelasting verschuldigd. Omdat Rational Group gevestigd is op het eiland Man, kan dan geen sprake zijn van strijdigheid met artikel 57 VWEU omdat de dienstverrichting door Rational Group op grond van artikel 355, lid 5, letter c, VWEU buiten de werkingssfeer van het vrije dienstenverkeer valt. In dat geval is belanghebbende de kansspelbelasting verschuldigd, ongeacht of Rational Gaming in Nederland of elders binnen de Europese Unie is gevestigd.
2.5.
Het middel slaagt. Gelet op het voorgaande kan niet in het midden blijven wie als houder van de spelen is aan te merken. ’s Hofs uitspraak kan niet in stand blijven. Verwijzing moet volgen.
3Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verklaart het beroep in cassatie gegrond,
vernietigt de uitspraak van het Hof, en
verwijst het geding naar het Gerechtshof ’s‑Hertogenbosch ter verdere behandeling en beslissing van de zaak met inachtneming van dit arrest.
Dit arrest is gewezen door de vice-president G. de Groot als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra, Th. Groeneveld, J. Wortel en A.F.M.Q. Beukers van Dooren, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 16 maart 2018.
nr. 17/02691
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 25 april 2017, nr. 16/00094, op het hoger beroep van de Inspecteur tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Nederland (nr. LEE 14/4084) betreffende de aan [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) over het tijdvak oktober 2013 opgelegde naheffingsaanslag in de kansspelbelasting. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
1Geding in cassatie
De Staatssecretaris heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Belanghebbende heeft een verweerschrift ingediend.
De Staatssecretaris heeft een conclusie van repliek ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van dupliek ingediend.
2Beoordeling van het middel
2.1.
In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan.
2.1.1.
Belanghebbende is inwoner van Nederland en heeft in oktober 2013 € 8506 gewonnen met deelname aan pokertoernooien via een website. Van hem is kansspelbelasting geheven.
2.1.2.
In geschil is of die heffing in strijd is met het vrije verkeer van diensten in de EU.
2.2.
Het Hof heeft geoordeeld dat de op Malta gevestigde vennootschap Rational Gaming Europe Limited (hierna: Rational Gaming) de aanbieder van de in 2.1.1 bedoelde pokertoernooien is, en niet de aan haar gelieerde, op het eiland Man gevestigde vennootschap Rational Group Limited (hierna: Rational Group). De heffing van kansspelbelasting is naar het oordeel van het Hof in dit geval in strijd met het vrije verkeer van diensten in de EU.
2.3.
Het middel betoogt dat belanghebbende geen beroep kan doen op de vrijheid van dienstenverkeer omdat de daadwerkelijke kansspeldienst niet wordt aangeboden door Rational Gaming op Malta maar door of namens Rational Group op het eiland Man.
2.4.
Artikel 2, lid 2, van de Wet op de kansspelbelasting bepaalt, voor zover hier van belang, dat een kansspel als binnenlands wordt beschouwd indien het wordt gehouden door een lichaam in de zin van de AWR dat in Nederland is gevestigd. Voor de beantwoording van de vraag of sprake is van een binnenlands of buitenlands kansspel is dus niet van belang waar degene is gevestigd die gelegenheid geeft tot deelname aan het kansspel. Beslissend is waar de houder van dat spel is gevestigd. In dit geval zijn er twee rechtspersonen betrokken bij de online pokertoernooien waaraan belanghebbende heeft deelgenomen: Rational Gaming en Rational Group. Uit ’s Hofs oordeel kan niet worden afgeleid welke van deze rechtspersonen is aan te merken als de houder van de spelen. Daarvoor is bepalend wie de organisator is (vgl. Kamerstukken II 1959/60, 5787, nr. 3, p. 6), dat wil zeggen de zeggenschap heeft over de organisatie van die spelen. De enkele omstandigheid dat, zoals het Hof heeft aangenomen, Rational Gaming jegens belanghebbende heeft gefungeerd als aanbieder van pokertoernooien, is onvoldoende om te oordelen dat Rational Gaming dan ook de houder van die spelen is.
Indien Rational Group de houder is van de spelen, is sprake van buitenlandse kansspelen in de zin van artikel 2, lid 3, van de Wet op de kansspelbelasting en is belanghebbende de kansspelbelasting verschuldigd. Omdat Rational Group gevestigd is op het eiland Man, kan dan geen sprake zijn van strijdigheid met artikel 57 VWEU omdat de dienstverrichting door Rational Group op grond van artikel 355, lid 5, letter c, VWEU buiten de werkingssfeer van het vrije dienstenverkeer valt. In dat geval is belanghebbende de kansspelbelasting verschuldigd, ongeacht of Rational Gaming in Nederland of elders binnen de Europese Unie is gevestigd.
2.5.
Het middel slaagt. Gelet op het voorgaande kan niet in het midden blijven wie als houder van de spelen is aan te merken. ’s Hofs uitspraak kan niet in stand blijven. Verwijzing moet volgen.
3Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verklaart het beroep in cassatie gegrond,
vernietigt de uitspraak van het Hof, en
verwijst het geding naar het Gerechtshof ’s‑Hertogenbosch ter verdere behandeling en beslissing van de zaak met inachtneming van dit arrest.
Dit arrest is gewezen door de vice-president G. de Groot als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra, Th. Groeneveld, J. Wortel en A.F.M.Q. Beukers van Dooren, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 16 maart 2018.