Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2018:235
2018-02-20
Strafrecht
17/01737
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2018:235 → ECLI:NL:PHR:2018:6
Inhoudsindicatie
OM-cassatie. Valkenburgse zedenzaak. Op gronden vermeld in ECLI:NL:HR:2018:202 kan het middel niet tot cassatie leiden. Samenhang met 17/00158, 17/00283, 17/00285, 17/00286 en 17/00287.
Citeert (1)
- ECLI:NL:HR:2018:202 Hoge Raad 20-02-2018
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (1.432 tekens)
20 februari 2018
Strafkamer
nr. S 17/01737
SB
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 28 december 2016, nummer 20/002463-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door het Openbaar Ministerie. Het heeft bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De raadsvrouwe van de verdachte, F.W. Oehlen, advocaat te Beek, heeft het beroep tegengesproken.
De Advocaat-Generaal G. Knigge heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van het middel
Op de gronden die zijn vermeld in het heden uitgesproken arrest in de zaak 17/00158, ECLI:NL:HR:2018:202, kan het middel niet tot cassatie leiden.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink, E.S.G.N.A.I. van de Griend, A.L.J. van Strien en M.J. Borgers, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 februari 2018.
Strafkamer
nr. S 17/01737
SB
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 28 december 2016, nummer 20/002463-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door het Openbaar Ministerie. Het heeft bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De raadsvrouwe van de verdachte, F.W. Oehlen, advocaat te Beek, heeft het beroep tegengesproken.
De Advocaat-Generaal G. Knigge heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van het middel
Op de gronden die zijn vermeld in het heden uitgesproken arrest in de zaak 17/00158, ECLI:NL:HR:2018:202, kan het middel niet tot cassatie leiden.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink, E.S.G.N.A.I. van de Griend, A.L.J. van Strien en M.J. Borgers, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 februari 2018.