Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2018:2143
2018-11-20
Strafrecht
17/00794
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2018:2143 → ECLI:NL:GHDHA:2016:3702 (Gedeeltelijke) vernietiging met terugwijzen
- conclusie ECLI:NL:HR:2018:2143 → ECLI:NL:PHR:2018:1010
Inhoudsindicatie
Verbeurdverklaring twee computers bij veroordeling wegens bezit en d.m.v. geautomatiseerd werk toegang verschaffen tot kinderporno, art. 33, 33a en 240b Sr. Blijkens ’s Hofs vaststellingen bevonden de kinderpornografische afbeeldingen zich op één van de computers. Nu Hof niet heeft vastgesteld dat t.a.v. de andere computer aan de voorwaarden voor verbeurdverklaring is voldaan, is de verbeurdverklaring van die computer niet naar de eis der wet met redenen omkleed. HR doet zaak niet zelf af gelet op wat omtrent die computer is vermeld in de b.m. Volgt vernietiging m.b.t. verbeurdverklaring computer en terugwijzing. CAG (anders): strekt tot teruggave aan verdachte.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (7)
- ECLI:NL:PHR:2024:964 Parket bij de Hoge Raad 17-09-2024
- ECLI:NL:PHR:2022:960 Parket bij de Hoge Raad 18-10-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:960 Parket bij de Hoge Raad 18-10-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:960 Parket bij de Hoge Raad 18-10-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:1065 Parket bij de Hoge Raad 27-09-2022
- ECLI:NL:PHR:2020:1260 Parket bij de Hoge Raad 15-12-2020
- ECLI:NL:PHR:2019:132 Parket bij de Hoge Raad 12-02-2019
Volledige tekst
Volledige tekst (5.225 tekens)
20 november 2018
Strafkamer
nr. S 17/00794
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 22 november 2016, nummer 22/004472-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1954.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.A. Kaarls, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de verbeurdverklaring van de inbeslaggenomen computer, merk Medion, tot teruggave van deze computer aan de verdachte en tot verwerping van het beroep voor het overige.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van het vierde middel
2.1.
Het middel klaagt onder meer over de verbeurdverklaring van een inbeslaggenomen computer, merk Medion.
2.2.
In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan.
Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat hij zich in de periode van 6 november 2010 tot en met 23 november 2010 schuldig heeft gemaakt aan het bezit van en het zich middels een geautomatiseerd werk de toegang verschaffen tot een tweetal kinderpornografische afbeeldingen. Blijkens de vaststellingen van het Hof bevonden deze afbeeldingen zich op de onder 5 op de lijst van inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen vermelde computer, merk HP Pavilion. Onder de verdachte is voorts onder meer een computer, merk Medion, inbeslaggenomen, vermeld onder 6 op de lijst van inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen. Beide computers zijn door het Hof verbeurd verklaard.
2.3.
De bestreden uitspraak houdt onder meer het volgende in:
"Beslag
Het na te melden inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen (de Hoge Raad leest: voorwerp) zoals dit vermeld is onder 5 op de in kopie aan dit arrest gehechte lijst van inbeslaggenomen voorwerpen (Computer, merk HP Pavilion), volgens opgave van verdachte aan hem toebehorend, is vatbaar voor verbeurdverklaring, nu het een voorwerp is met behulp waarvan het bewezen verklaarde is begaan. Het hof zal daarom dit voorwerp verbeurd verklaren.
Het hof heeft hierbij rekening gehouden met de draagkracht van verdachte.
Met betrekking tot de overige op de beslaglijst genoemde voorwerpen zal het hof de teruggave aan de verdachte bevelen.
(...)
BESLISSING
Het hof:
(...)
Verklaart verbeurd de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
de voorwerpen genummerd 5 en 6.
Gelast de teruggave aan de verdachte van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
de voorwerpen genummerd 1, 2, 3, 4 en 7 tot en met 11."
2.4.
Het Hof heeft in de bestreden uitspraak niet vastgesteld dat ten aanzien van de onder 6 op de lijst van inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen vermelde computer, merk Medion, aan de voorwaarden voor verbeurdverklaring is voldaan. De verbeurdverklaring is daarom niet naar de eis der wet met redenen omkleed.
2.5.
Het middel klaagt daarover terecht zodat de bestreden uitspraak op dit punt niet in stand kan blijven. Gelet op wat omtrent deze computer is vermeld in bewijsmiddel 11 - weergegeven in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 12 - zal de Hoge Raad de zaak niet zelf afdoen.
3Beoordeling van de middelen voor het overige
De middelen kunnen voor het overige niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen in zoverre niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Slotsom
Nu de Hoge Raad geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, brengt hetgeen hiervoor is overwogen mee dat als volgt moet worden beslist.
5Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de verbeurdverklaring van de onder nummer 6 op de lijst van inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen vermelde computer, merk Medion;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Den Haag, opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan;
verwerpt het beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 november 2018.
Strafkamer
nr. S 17/00794
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 22 november 2016, nummer 22/004472-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1954.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.A. Kaarls, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de verbeurdverklaring van de inbeslaggenomen computer, merk Medion, tot teruggave van deze computer aan de verdachte en tot verwerping van het beroep voor het overige.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van het vierde middel
2.1.
Het middel klaagt onder meer over de verbeurdverklaring van een inbeslaggenomen computer, merk Medion.
2.2.
In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan.
Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat hij zich in de periode van 6 november 2010 tot en met 23 november 2010 schuldig heeft gemaakt aan het bezit van en het zich middels een geautomatiseerd werk de toegang verschaffen tot een tweetal kinderpornografische afbeeldingen. Blijkens de vaststellingen van het Hof bevonden deze afbeeldingen zich op de onder 5 op de lijst van inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen vermelde computer, merk HP Pavilion. Onder de verdachte is voorts onder meer een computer, merk Medion, inbeslaggenomen, vermeld onder 6 op de lijst van inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen. Beide computers zijn door het Hof verbeurd verklaard.
2.3.
De bestreden uitspraak houdt onder meer het volgende in:
"Beslag
Het na te melden inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen (de Hoge Raad leest: voorwerp) zoals dit vermeld is onder 5 op de in kopie aan dit arrest gehechte lijst van inbeslaggenomen voorwerpen (Computer, merk HP Pavilion), volgens opgave van verdachte aan hem toebehorend, is vatbaar voor verbeurdverklaring, nu het een voorwerp is met behulp waarvan het bewezen verklaarde is begaan. Het hof zal daarom dit voorwerp verbeurd verklaren.
Het hof heeft hierbij rekening gehouden met de draagkracht van verdachte.
Met betrekking tot de overige op de beslaglijst genoemde voorwerpen zal het hof de teruggave aan de verdachte bevelen.
(...)
BESLISSING
Het hof:
(...)
Verklaart verbeurd de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
de voorwerpen genummerd 5 en 6.
Gelast de teruggave aan de verdachte van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
de voorwerpen genummerd 1, 2, 3, 4 en 7 tot en met 11."
2.4.
Het Hof heeft in de bestreden uitspraak niet vastgesteld dat ten aanzien van de onder 6 op de lijst van inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen vermelde computer, merk Medion, aan de voorwaarden voor verbeurdverklaring is voldaan. De verbeurdverklaring is daarom niet naar de eis der wet met redenen omkleed.
2.5.
Het middel klaagt daarover terecht zodat de bestreden uitspraak op dit punt niet in stand kan blijven. Gelet op wat omtrent deze computer is vermeld in bewijsmiddel 11 - weergegeven in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 12 - zal de Hoge Raad de zaak niet zelf afdoen.
3Beoordeling van de middelen voor het overige
De middelen kunnen voor het overige niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen in zoverre niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Slotsom
Nu de Hoge Raad geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, brengt hetgeen hiervoor is overwogen mee dat als volgt moet worden beslist.
5Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de verbeurdverklaring van de onder nummer 6 op de lijst van inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen vermelde computer, merk Medion;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Den Haag, opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan;
verwerpt het beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 november 2018.