Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2017:2535
2017-10-03
Strafrecht
16/01522
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2017:2535 → ECLI:NL:PHR:2017:1002 gevolgd
Inhoudsindicatie
Profijtontneming, w.v.v. uit hennepteelt. Zijn uit hennepteelt verkregen opbrengsten daadwerkelijk aan betrokkene toegekomen? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 16/01521
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (6)
- ECLI:NL:PHR:2025:1314 Parket bij de Hoge Raad 02-12-2025
- ECLI:NL:PHR:2024:1023 Parket bij de Hoge Raad 25-06-2024
- ECLI:NL:PHR:2024:1030 Parket bij de Hoge Raad 25-06-2024
- ECLI:NL:RBAMS:2022:6058 Rechtbank Amsterdam 12-10-2022
- ECLI:NL:PHR:2021:1091 Parket bij de Hoge Raad 23-11-2021
- ECLI:NL:PHR:2017:1367 Parket bij de Hoge Raad 17-10-2017
Volledige tekst
Volledige tekst (1.468 tekens)
3 oktober 2017
Strafkamer
nr. S 16/01522 P
IV/SA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 8 maart 2016, nummer 22/002086-15, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:
[betrokkene]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1981.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft J.L. Baar, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier L. Nuy, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 3 oktober 2017.
Strafkamer
nr. S 16/01522 P
IV/SA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 8 maart 2016, nummer 22/002086-15, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:
[betrokkene]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1981.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft J.L. Baar, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier L. Nuy, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 3 oktober 2017.