Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2017:2532

2017-10-03 Strafrecht 16/01762
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2017-10-03
Publicatiedatum
2017-10-03
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
16/01762
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2017/1088

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Antilliaanse zaak, medeplegen van afpersing en dragen van vuurwapen in Sint Maarten. Klacht dat de bewezenverklaring van het medeplegen van afpersing uitsluitend/in beslissende mate steunt op door de verdediging betwiste, bij de politie afgelegde verklaringen van een getuige die niet tz. van het Hof is gehoord en klacht over het bewijs van overtreding van de Vuurwapenverordening 1930. HR: art. 80a RO. Samenhang met 16/01761 A.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.856 tekens)
3 oktober 2017
Strafkamer
nr. S 16/01762 A
AGE/EC


Hoge Raad der Nederlanden



Arrest



op het beroep in cassatie tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, van 17 februari 2016, nummer H 129/15, in de strafzaak tegen:




[verdachte]
, geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991.





1Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft C. Reijntjes-Wendenburg, advocaat te Maastricht, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk zal worden verklaard.


2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep




De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.




3. Beslissing


De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.



Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier L. Nuy, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 3 oktober 2017.