Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2016:951
2016-05-24
Strafrecht
15/03332
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2016:951 → ECLI:NL:PHR:2016:384 gevolgd
Inhoudsindicatie
Slagende bewijsklacht over opzettelijk aanwezig hebben van cocaïne en opzettelijk voorhanden hebben van lidocaïne. HR vernietigt met verwijzing naar CAG.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (4)
- ECLI:NL:PHR:2019:134 Parket bij de Hoge Raad 19-02-2019
- ECLI:NL:PHR:2018:226 Parket bij de Hoge Raad 30-01-2018
- ECLI:NL:PHR:2017:1374 Parket bij de Hoge Raad 21-11-2017
- ECLI:NL:PHR:2016:1202 Parket bij de Hoge Raad 25-10-2016
Volledige tekst
Volledige tekst (2.295 tekens)
24 mei 2016
Strafkamer
nr. S 15/03332
MD/EC
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 27 februari 2015, nummer 23/003758-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1963.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur en aanvullende schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schrifturen zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.
2 Beoordeling van het middel
2.1.
Het middel komt onder meer op tegen de motivering van de bewezenverklaring, voor zover deze betrekking heeft op het opzettelijk aanwezig hebben van drie zakjes cocaïne en dertig bolletjes cocaïne (feit 1) en het opzettelijk voorhanden hebben van lidocaïne (feit 2).
2.2.
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 8 tot en met 12 is het middel in zoverre terecht voorgesteld.
2.3.
Het middel slaagt.
3Slotsom
Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, het middel voor het overige geen bespreking behoeft, en als volgt moet worden beslist.
4Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 mei 2016.
Strafkamer
nr. S 15/03332
MD/EC
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 27 februari 2015, nummer 23/003758-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1963.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur en aanvullende schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schrifturen zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.
2 Beoordeling van het middel
2.1.
Het middel komt onder meer op tegen de motivering van de bewezenverklaring, voor zover deze betrekking heeft op het opzettelijk aanwezig hebben van drie zakjes cocaïne en dertig bolletjes cocaïne (feit 1) en het opzettelijk voorhanden hebben van lidocaïne (feit 2).
2.2.
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 8 tot en met 12 is het middel in zoverre terecht voorgesteld.
2.3.
Het middel slaagt.
3Slotsom
Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, het middel voor het overige geen bespreking behoeft, en als volgt moet worden beslist.
4Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 mei 2016.