Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2016:853

2016-05-13 Civiel recht 16/00438
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2016-05-13
Publicatiedatum
2016-05-13
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
16/00438
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | JWB 2016/186 | RvdW 2016/620 | JVggz 2016/18 met annotatie van F.L.G. Geisel

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. BOPZ. Machtiging tot voortzetting inbewaringstelling, art. 29 Wet Bopz. Verzoek betrokkene om bijstand van andere advocaat niet gehonoreerd.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (1)

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.306 tekens)
13 mei 2016
Eerste Kamer
16/00438
EV/AS


Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking


in de zaak van:



[betrokkene] ,wonende te [woonplaats] ,
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. G.E.M. Later,



t e g e n



DE OFFICIER VAN JUSTITIE IN HET ARRONDISSEMENT OOST-BRABANT,
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.






Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als betrokkene en de officier van justitie.





1Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/01/301721 / FA RK 15-6508 van de rechtbank Oost-Brabant van 3 december 2015.
De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.





2Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van de rechtbank heeft betrokkene beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van betrokkene heeft op die op 25 maart 2016 aan partijen toegezonden conclusie gereageerd bij brief van 11 april 2016. Nu deze reactie meer dan twee weken nadat de conclusie aan partijen was verzonden, en derhalve na het verstrijken van de termijn van art. 44 lid 3 Rv, bij de Hoge Raad is ingekomen, heeft de Hoge Raad deze brief terzijde gelegd.





3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.




4Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.


Deze beschikking is gegeven door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, G. Snijders, M.V. Polak en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 13 mei 2016.