Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2016:2486
2016-11-01
Strafrecht
15/00826
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2016:2486 → ECLI:NL:GHARL:2015:871 niet ontvankelijk
- conclusie ECLI:NL:HR:2016:2486 → ECLI:NL:PHR:2016:1052 gevolgd
Inhoudsindicatie
Gangbang. Bij iemand jonger dan zestien jaar ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, art. 245 Sr. Een vijftienjarig meisje moet gedurende enige uren in een voor haar onbekende woning onvrijwillig seksuele handelingen verrichten met zes onbekende jongens van ongeveer achttien jaar oud. Handelen in strijd met sociaal-ethische norm? HR: art. 80a RO. Samenhang met nr. 15/00807, nr. 15/05201, nr. 15/05425 en nr. 15/05632 (niet gepubliceerde zaken die ook zijn afgedaan met art. 80a RO).
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (3)
- ECLI:NL:PHR:2018:844 Parket bij de Hoge Raad 28-08-2018
- ECLI:NL:PHR:2018:368 Parket bij de Hoge Raad 17-04-2018
- ECLI:NL:PHR:2017:109 Parket bij de Hoge Raad 03-01-2017
Volledige tekst
Volledige tekst (1.745 tekens)
1 november 2016
Strafkamer
nr. S 15/00826
MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 5 februari 2015, nummer 21/002484-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G. Spong, advocaat te Amsterdam, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal W.H. Vellinga heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk zal worden verklaard.
2Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 november 2016.
Strafkamer
nr. S 15/00826
MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 5 februari 2015, nummer 21/002484-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G. Spong, advocaat te Amsterdam, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal W.H. Vellinga heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk zal worden verklaard.
2Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 november 2016.