Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2016:2116
2016-09-16
Civiel recht
15/01833
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2016:2116 → ECLI:NL:GHARL:2014:529 bekrachtiging/bevestiging
- cassatie ECLI:NL:HR:2016:2116 → ECLI:NL:GHARL:2014:9781 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2016:2116 → ECLI:NL:PHR:2016:380 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Aannemingsovereenkomst. Project met meerwerk en onderaannemers. Geschil over afrekening na ontbinding overeenkomst en faillissement aannemer.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.464 tekens)
16 september 2016
Eerste Kamer
15/01833
LZ/JS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
EBW INSTALLATIETECHNIEKEN B.V.,gevestigd te Almere,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. J. de Jong van Lier,
t e g e n
Pieter Tijmen PEL, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van [betrokkene 1] ,wonende te [woonplaats] ,
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als EBW en de curator.
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak C/06/78215/HA ZA 06-577 van de rechtbank Gelderland van 4 oktober 2006, 19 november 2008, 11 februari 2009, 21 juli 2010 en 17 april 2013;
b. de arresten in de zaak 200.132.425 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 28 januari 2014 en 16 december 2014.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof van 16 december 2014 heeft EBW beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding en het herstelexploot zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Tegen de curator is verstek verleend.
De zaak is voor EBW schriftelijke toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van EBW heeft bij brief van 26 mei 2016 op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt EBW in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 16 september 2016.
Eerste Kamer
15/01833
LZ/JS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
EBW INSTALLATIETECHNIEKEN B.V.,gevestigd te Almere,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. J. de Jong van Lier,
t e g e n
Pieter Tijmen PEL, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van [betrokkene 1] ,wonende te [woonplaats] ,
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als EBW en de curator.
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak C/06/78215/HA ZA 06-577 van de rechtbank Gelderland van 4 oktober 2006, 19 november 2008, 11 februari 2009, 21 juli 2010 en 17 april 2013;
b. de arresten in de zaak 200.132.425 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 28 januari 2014 en 16 december 2014.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof van 16 december 2014 heeft EBW beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding en het herstelexploot zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Tegen de curator is verstek verleend.
De zaak is voor EBW schriftelijke toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van EBW heeft bij brief van 26 mei 2016 op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt EBW in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 16 september 2016.