Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2016:1446
2016-07-08
Civiel recht
15/01541
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2016:1446 → ECLI:NL:GHDHA:2014:4631 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2016:1446 → ECLI:NL:PHR:2016:610 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Goederenrecht. Appartementsrecht. Art. 5:112 BW. Uitleg splitsingsreglement.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (2)
- ECLI:NL:GHARL:2021:1223 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 09-02-2021
- ECLI:NL:PHR:2016:1339 Parket bij de Hoge Raad 02-12-2016
Volledige tekst
Volledige tekst (2.459 tekens)
8 juli 2016
Eerste Kamer
15/01541
LZ/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[eiseres] ,wonende te [woonplaats] ,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P.S. Kamminga,
t e g e n
VERENIGING VAN EIGENAREN [a-straat] 1 T/M 271 (ONEVEN NUMMERS),gevestigd te [plaats],
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. M.E. Franke.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en de VvE.
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 396918/HA ZA 11-1863 van de rechtbank ’s-Gravenhage van 17 augustus 2011 en 19 september 2012;
b. de arresten in de zaak 200.118.613/01 van het gerechtshof Den Haag van 19 februari 2013 en 30 december 2014.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof van 30 december 2014 heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De VvE heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot verwerping.
De advocaat van [eiseres] heeft bij brief van 28 april 2016 op die conclusie gereageerd; de advocaat van de VvE heeft dat gedaan bij brief van 29 april 2016.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de VvE begroot op € 848,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 8 juli 2016.
Eerste Kamer
15/01541
LZ/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[eiseres] ,wonende te [woonplaats] ,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P.S. Kamminga,
t e g e n
VERENIGING VAN EIGENAREN [a-straat] 1 T/M 271 (ONEVEN NUMMERS),gevestigd te [plaats],
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. M.E. Franke.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en de VvE.
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 396918/HA ZA 11-1863 van de rechtbank ’s-Gravenhage van 17 augustus 2011 en 19 september 2012;
b. de arresten in de zaak 200.118.613/01 van het gerechtshof Den Haag van 19 februari 2013 en 30 december 2014.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof van 30 december 2014 heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De VvE heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot verwerping.
De advocaat van [eiseres] heeft bij brief van 28 april 2016 op die conclusie gereageerd; de advocaat van de VvE heeft dat gedaan bij brief van 29 april 2016.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de VvE begroot op € 848,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 8 juli 2016.