Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2015:44

2015-01-09 Civiel recht 14/04347
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2015-01-09
Publicatiedatum
2015-01-09
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
14/04347
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2015/145 | JWB 2015/19

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 80a RO. Onteigening. Art. 17 Ow; onderhandelingsplicht. Noodzaak en urgentie gevorderde onteigening.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.445 tekens)
9 januari 2015
Eerste Kamer
nr. 14/04347
LZ/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:



[eiser],wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens,



t e g e n



de GEMEENTE OOSTERHOUT,zetelende te Oosterhout,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.




Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de Gemeente.





1Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de vonnissen in de zaak C/02/275963/HA ZA 14-51 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 2 juli 2014 en 20 augustus 2014.
De vonnissen van de rechtbank zijn aan dit arrest gehecht.





2Het geding in cassatie

Tegen het vonnis van de rechtbank van 2 juli 2014 heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding en het herstelexploot zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Tegen de Gemeente is verstek verleend.
Het standpunt van de Procureur-Generaal strekt tot niet-ontvankelijk verklaring van het cassatieberoep op de voet van art. 80a RO.
De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 21 november 2014 op die conclusie gereageerd.






3Beoordeling van de ontvankelijkheid

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden (zie het standpunt van de Procureur-Generaal onder 3-9).
De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a lid 1 RO en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.





4Beslissing

De Hoge Raad:
verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op nihil.



Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 9 januari 2015.