Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2013:1031
2013-10-25
Civiel recht; Insolventierecht
13/03499
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2013:1031 → ECLI:NL:PHR:2013:805
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. WSNP. Afwijzing voorlopige voorziening; art. 287 lid 4 Fw. Cassatieberoep mogelijk? Afwijzing verzoek tot toelating schuldsanering; art. 288 lid 1 onder d, lid 3 Fw. Samenhang met 13/03497.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (31)
- ECLI:NL:GHSHE:2022:1774 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 02-06-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:1759 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 02-06-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:951 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 24-03-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2021:3752 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 16-12-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:1175 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 15-04-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:404 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 04-02-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2019:3244 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 29-08-2019
- ECLI:NL:GHSHE:2019:2087 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 06-06-2019
- ECLI:NL:GHSHE:2019:1870 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 16-05-2019
- ECLI:NL:GHSHE:2018:2916 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 12-07-2018
- ECLI:NL:GHSHE:2018:2413 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 07-06-2018
- ECLI:NL:GHSHE:2018:550 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 08-02-2018
- ECLI:NL:GHSHE:2017:5278 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30-11-2017
- ECLI:NL:GHSHE:2017:4105 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 21-09-2017
- ECLI:NL:GHSHE:2017:3985 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 14-09-2017
- ECLI:NL:GHSHE:2017:277 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 26-01-2017
- ECLI:NL:GHSHE:2017:174 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 19-01-2017
- ECLI:NL:GHSHE:2016:5578 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 15-12-2016
- ECLI:NL:GHSHE:2016:5088 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 10-11-2016
- ECLI:NL:GHSHE:2016:4947 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 03-11-2016
- ECLI:NL:GHSHE:2016:4397 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 29-09-2016
- ECLI:NL:GHSHE:2016:2388 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 09-06-2016
- ECLI:NL:GHSHE:2016:1230 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 24-03-2016
- ECLI:NL:GHSHE:2016:279 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 28-01-2016
- ECLI:NL:GHSHE:2015:4652 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 19-11-2015
- ECLI:NL:GHSHE:2015:3890 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 01-10-2015
- ECLI:NL:GHSHE:2015:2386 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 25-06-2015
- ECLI:NL:GHSHE:2015:2265 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 18-06-2015
- ECLI:NL:GHSHE:2015:384 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 05-02-2015
- ECLI:NL:GHSHE:2015:387 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 05-02-2015
- ECLI:NL:PHR:2014:14 Parket bij de Hoge Raad 17-01-2014
Volledige tekst
Volledige tekst (2.155 tekens)
25 oktober 2013
Eerste Kamer
13/03499
LZ/GB
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[verzoekster],wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. M.J.G. Schroeder.
Verzoekster zal hierna ook worden aangeduid als [verzoekster].
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak C/09/441216/FT RK 13/915 en 13/917 van de rechtbank Den Haag van 7 juni 2013;
b. het arrest in de zaak 200.128.620/01 van het gerechtshof Den Haag van 9 juli 2013.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Tevens heeft zij een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot niet-ontvankelijkheid van het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening en – voor het overige - tot verwerping.
De advocaat van [verzoekster] heeft bij brief van 20 september 2013 op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beoordeling van het verzoek om een voorlopige voorziening
Nu het beroep moet worden verworpen, behoeft het door [verzoekster] gedane verzoek om een voorlopige voorziening geen behandeling.
5Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk als voorzitter, C.E. Drion en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 25 oktober 2013.
Eerste Kamer
13/03499
LZ/GB
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[verzoekster],wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. M.J.G. Schroeder.
Verzoekster zal hierna ook worden aangeduid als [verzoekster].
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak C/09/441216/FT RK 13/915 en 13/917 van de rechtbank Den Haag van 7 juni 2013;
b. het arrest in de zaak 200.128.620/01 van het gerechtshof Den Haag van 9 juli 2013.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Tevens heeft zij een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot niet-ontvankelijkheid van het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening en – voor het overige - tot verwerping.
De advocaat van [verzoekster] heeft bij brief van 20 september 2013 op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beoordeling van het verzoek om een voorlopige voorziening
Nu het beroep moet worden verworpen, behoeft het door [verzoekster] gedane verzoek om een voorlopige voorziening geen behandeling.
5Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk als voorzitter, C.E. Drion en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 25 oktober 2013.