Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2011:BU7430
2011-12-09
Civiel recht
11/02657
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2011:BU7430 → ECLI:NL:PHR:2011:BU7430
Inhoudsindicatie
Arbeidsrecht. Rechtsmiddelenverbod art. 7:685 lid 11 BW. Cassatieberoep niet-ontvankelijk nu geen beroep is gedaan op doorbrekingsgronden (rechter is buiten toepassingsgebied artikel getreden, heeft artikel ten onrechte buiten toepassing gelaten, dan wel fundamenteel rechtsbeginsel veronachtzaamd).
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (13)
- ECLI:NL:GHARL:2024:3329 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 14-05-2024
- ECLI:NL:PHR:2024:233 Parket bij de Hoge Raad 08-03-2024
- ECLI:NL:PHR:2023:595 Parket bij de Hoge Raad 16-06-2023
- ECLI:NL:PHR:2021:1220 Parket bij de Hoge Raad 28-09-2021
- ECLI:NL:PHR:2020:805 Parket bij de Hoge Raad 15-09-2020
- ECLI:NL:PHR:2018:1314 Parket bij de Hoge Raad 09-11-2018
- ECLI:NL:GHSHE:2017:3503 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 03-08-2017
- ECLI:NL:GHSHE:2017:5924 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30-01-2017
- ECLI:NL:HR:2016:344 Hoge Raad 26-02-2016
- ECLI:NL:HR:2015:3629 Hoge Raad 18-12-2015
- ECLI:NL:HR:2015:3633 Hoge Raad 18-12-2015
- ECLI:NL:HR:2015:3630 Hoge Raad 18-12-2015
- ECLI:NL:GHARL:2015:5549 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22-07-2015
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (3.254 tekens)
9 december 2011
Eerste Kamer
11/02657
RM/LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Verzoekster],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. K.Y. van Oosten,
t e g e n
GREENCORE CONVENIENCE FOODS ALPHEN B.V., thans genaamd: Qizini Alphen B.V.,
gevestigd te Alphen aan den Rijn,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de [verzoekster] en Greencore.
1. Het geding in feitelijke instantie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak 1035542/EJ VERZ 11-80115 van de kantonrechter te Alphen aan den Rijn van 10 maart 2011.
De beschikking van de kantonrechter is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de kantonrechter heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
Greencore heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verzoekster in haar cassatieberoep.
3. Beoordeling van het middel
3.1 Het gaat in deze zaak kort gezegd om het volgende. Tussen partijen heeft een arbeidsovereenkomst bestaan. Greencore heeft de kantonrechter verzocht de arbeidsovereenkomst te ontbinden op grond van gewichtige redenen, te weten een verstoorde arbeidsrelatie (art. 7:685 BW). [Verzoekster] heeft verweer gevoerd en subsidiair om toekenning van een vergoeding gevraagd.
De kantonrechter heeft de arbeidsovereenkomst ontbonden zonder toekenning van een vergoeding.
3.2 Het cassatiemiddel houdt in dat de bestreden beschikking niet voldoet aan de op grond van art. 80 lid 1, aanhef en onder a, RO daaraan te stellen eisen.
3.3 Art. 7:685 lid 11 BW sluit de mogelijkheid van cassatieberoep uit tegen een krachtens dit artikel gegeven beschikking. Naar vaste rechtspraak is een cassatieberoep desondanks ontvankelijk indien daartoe wordt aangevoerd dat de rechter buiten het toepassingsgebied van het artikel is getreden, het ten onrechte buiten toepassing heeft gelaten, dan wel bij de behandeling van de zaak een zodanig fundamenteel rechtsbeginsel heeft veronachtzaamd dat van een eerlijke en onpartijdige behandeling van de zaak niet kan worden gesproken.
3.4 Nu [verzoekster] zich op geen van de voormelde gronden voor doorbreking van het rechtsmiddelenverbod van art. 7:685 lid 11 BW heeft beroepen, moet zij niet-ontvankelijk worden verklaard in haar beroep.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verklaart [verzoekster] niet-ontvankelijk in haar beroep;
veroordeelt [verzoekster] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Greencore begroot op nihil.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren F.B. Bakels, als voorzitter, W.D.H. Asser en C.E. Drion en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 9 december 2011.
Eerste Kamer
11/02657
RM/LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Verzoekster],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. K.Y. van Oosten,
t e g e n
GREENCORE CONVENIENCE FOODS ALPHEN B.V., thans genaamd: Qizini Alphen B.V.,
gevestigd te Alphen aan den Rijn,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de [verzoekster] en Greencore.
1. Het geding in feitelijke instantie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak 1035542/EJ VERZ 11-80115 van de kantonrechter te Alphen aan den Rijn van 10 maart 2011.
De beschikking van de kantonrechter is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de kantonrechter heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
Greencore heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verzoekster in haar cassatieberoep.
3. Beoordeling van het middel
3.1 Het gaat in deze zaak kort gezegd om het volgende. Tussen partijen heeft een arbeidsovereenkomst bestaan. Greencore heeft de kantonrechter verzocht de arbeidsovereenkomst te ontbinden op grond van gewichtige redenen, te weten een verstoorde arbeidsrelatie (art. 7:685 BW). [Verzoekster] heeft verweer gevoerd en subsidiair om toekenning van een vergoeding gevraagd.
De kantonrechter heeft de arbeidsovereenkomst ontbonden zonder toekenning van een vergoeding.
3.2 Het cassatiemiddel houdt in dat de bestreden beschikking niet voldoet aan de op grond van art. 80 lid 1, aanhef en onder a, RO daaraan te stellen eisen.
3.3 Art. 7:685 lid 11 BW sluit de mogelijkheid van cassatieberoep uit tegen een krachtens dit artikel gegeven beschikking. Naar vaste rechtspraak is een cassatieberoep desondanks ontvankelijk indien daartoe wordt aangevoerd dat de rechter buiten het toepassingsgebied van het artikel is getreden, het ten onrechte buiten toepassing heeft gelaten, dan wel bij de behandeling van de zaak een zodanig fundamenteel rechtsbeginsel heeft veronachtzaamd dat van een eerlijke en onpartijdige behandeling van de zaak niet kan worden gesproken.
3.4 Nu [verzoekster] zich op geen van de voormelde gronden voor doorbreking van het rechtsmiddelenverbod van art. 7:685 lid 11 BW heeft beroepen, moet zij niet-ontvankelijk worden verklaard in haar beroep.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verklaart [verzoekster] niet-ontvankelijk in haar beroep;
veroordeelt [verzoekster] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Greencore begroot op nihil.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren F.B. Bakels, als voorzitter, W.D.H. Asser en C.E. Drion en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 9 december 2011.