Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2011:BQ7492

2011-06-10 Bestuursrecht; Belastingrecht 11/00003
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2011-06-10
Publicatiedatum
2013-04-05
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
11/00003
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.678 tekens)
nr. 11/00003
10 juni 2011


Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van X te Z (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 10 november 2010, nr. 09/4800 WIA, op het hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: het UWV) tegen een uitspraak van de Rechtbank te Haarlem (nr. AWB 08/6240 WIA) betreffende een besluit van het UWV ingevolge de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (hierna: de Wet WIA).

1. Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Centrale Raad beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.

2. Beoordeling van de klachten


Ingevolge artikel 116, lid 1, van de Wet WIA kan beroep in cassatie worden ingesteld tegen uitspraken van de Centrale Raad ter zake van schending of verkeerde toepassing van artikel 2, tweede tot en met zesde lid, en 8 en 9 van de Wet WIA en de daarop berustende bepalingen.
Het onderhavige cassatieberoep is echter niet ingesteld ter zake van schending of verkeerde toepassing van voormelde bepalingen, maar betreft de berekeningswijze van het dagloon. De klachten kunnen derhalve niet tot cassatie leiden.


3. Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4. Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren M.W.C. Feteris en R.J. Koopman, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 10 juni 2011.