Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2007:BB3489
2007-09-14
Bestuursrecht; Belastingrecht
43294
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2007:BB3489 → ECLI:NL:PHR:2007:BB3489
Inhoudsindicatie
Ontvankelijkheid beroep in cassatie. Tegen tussenbeslissingen, zoals die bedoeld in art. 8:29, lid 3, Awb, stelt de wet geen afzonderlijk, tussentijds beroep in cassatie open.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (89)
- ECLI:NL:GHSHE:2026:1842 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 15-07-2026
- ECLI:NL:GHSHE:2026:1852 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 15-07-2026
- ECLI:NL:GHSHE:2026:1846 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 15-07-2026
- ECLI:NL:GHSHE:2026:1794 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 08-07-2026
- ECLI:NL:GHSHE:2026:808 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 25-03-2026
- ECLI:NL:GHARL:2026:1520 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 10-03-2026
- ECLI:NL:GHARL:2026:121 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 06-01-2026
- ECLI:NL:GHSHE:2025:2326 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 27-08-2025
- ECLI:NL:GHSHE:2025:2117 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30-07-2025
- ECLI:NL:GHARL:2025:3975 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 24-06-2025
- ECLI:NL:GHARL:2025:3972 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 24-06-2025
- ECLI:NL:GHSHE:2025:1403 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 21-05-2025
- ECLI:NL:PHR:2024:1398 Parket bij de Hoge Raad 20-12-2024
- ECLI:NL:PHR:2024:1398 Parket bij de Hoge Raad 20-12-2024
- ECLI:NL:GHSHE:2024:4092 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 18-12-2024
- ECLI:NL:GHSHE:2024:4071 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 18-12-2024
- ECLI:NL:GHSHE:2024:4093 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 18-12-2024
- ECLI:NL:GHARL:2024:7805 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 17-12-2024
- ECLI:NL:GHARL:2024:3016 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 30-04-2024
- ECLI:NL:RBNNE:2024:1214 Rechtbank Noord-Nederland 28-03-2024
- ECLI:NL:GHSHE:2024:699 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 06-03-2024
- ECLI:NL:GHSHE:2023:4252 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 20-12-2023
- ECLI:NL:GHARL:2023:8248 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 26-09-2023
- ECLI:NL:GHARL:2023:8247 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 26-09-2023
- ECLI:NL:OGHACMB:2023:106 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 28-06-2023
- ECLI:NL:GHARL:2023:5544 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 27-06-2023
- ECLI:NL:GHARL:2022:9074 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 25-10-2022
- ECLI:NL:GHARL:2022:9075 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 25-10-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:3156 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 07-09-2022
- ECLI:NL:GHARL:2022:7514 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 30-08-2022
- ECLI:NL:GHARL:2022:7505 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 30-08-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:1118 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 06-04-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:1038 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30-03-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:245 Parket bij de Hoge Raad 16-03-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:245 Parket bij de Hoge Raad 16-03-2022
- ECLI:NL:GHARL:2022:1742 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 08-03-2022
- ECLI:NL:GHSHE:2022:565 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 23-02-2022
- ECLI:NL:GHARL:2021:11541 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 14-12-2021
- ECLI:NL:GHARL:2021:11106 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 30-11-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:3397 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 11-11-2021
- ECLI:NL:GHARL:2021:2655 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 23-03-2021
- ECLI:NL:GHARL:2021:2413 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 16-03-2021
- ECLI:NL:GHARL:2021:1888 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 02-03-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:605 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 26-02-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:145 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 21-01-2021
- ECLI:NL:GHSHE:2021:143 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 21-01-2021
- ECLI:NL:GHARL:2021:896 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 19-01-2021
- ECLI:NL:GHARL:2020:7854 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 30-09-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:2692 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 31-08-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:2453 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30-07-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:2454 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30-07-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:2451 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30-07-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:2213 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 16-07-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:665 Parket bij de Hoge Raad 30-06-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:1648 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 28-05-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:1113 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 02-04-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:892 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 13-03-2020
- ECLI:NL:GHSHE:2020:840 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 05-03-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:184 Parket bij de Hoge Raad 28-02-2020
- ECLI:NL:RBZWB:2020:341 Rechtbank Zeeland-West-Brabant 28-01-2020
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.898 tekens)
Nr. 43.294
14 september 2007
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z, België, (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam van 19 april 2006, nr. 04/03074, houdende een beslissing als bedoeld in artikel 8:29, lid 3, Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb).
1. Het geding in feitelijke instantie
Aan belanghebbende zijn navorderingsaanslagen in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en de vermogensbelasting opgelegd, met verhogingen van de nageheven belasting, dan wel boetes. De navorderingsaanslagen en de boetebeschikkingen zijn, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraken van de Inspecteur gehandhaafd.
Belanghebbende is tegen die uitspraken in beroep gekomen bij het Hof. Het Hof heeft bij de bestreden uitspraak geoordeeld dat het beroep van de Inspecteur op het bepaalde in artikel 8:29, lid 1, Awb gedeeltelijk gerechtvaardigd is. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Minister van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Partijen hebben de zaak doen toelichten, belanghebbende door mr. dr. G.J.M.E. de Bont, advocaat te Breda, de Minister door mr. S.R. Markus, advocaat te 's-Gravenhage.
De Advocaat-Generaal P.J. Wattel heeft op 14 februari 2007 geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
Belanghebbende heeft schriftelijk op de conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
Tegen tussenbeslissingen, zoals die bedoeld in artikel 8:29, lid 3, Awb, stelt de wet geen afzonderlijk, tussentijds beroep in cassatie open. Tegen dergelijke beslissingen van de rechtbank of het gerechtshof kan ingevolge artikel 28, lid 5, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen slechts worden opgekomen tegelijkertijd met het hoger beroep of het beroep in cassatie tegen de einduitspraak, zijnde de uitspraak waarbij het geding wordt afgedaan. Aangezien het onderhavige cassatieberoep zich slechts tegen zulk een tussenbeslissing richt, is dat beroep niet-ontvankelijk. Daaraan doet niet af dat de beslissing is gedaan in de vorm van een uitspraak.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
5. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.W. van den Berge als voorzitter, en de raadsheren L. Monné, P.J. van Amersfoort, C.J.J. van Maanen en J.W.M. Tijnagel, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 14 september 2007.
14 september 2007
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z, België, (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam van 19 april 2006, nr. 04/03074, houdende een beslissing als bedoeld in artikel 8:29, lid 3, Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb).
1. Het geding in feitelijke instantie
Aan belanghebbende zijn navorderingsaanslagen in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en de vermogensbelasting opgelegd, met verhogingen van de nageheven belasting, dan wel boetes. De navorderingsaanslagen en de boetebeschikkingen zijn, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraken van de Inspecteur gehandhaafd.
Belanghebbende is tegen die uitspraken in beroep gekomen bij het Hof. Het Hof heeft bij de bestreden uitspraak geoordeeld dat het beroep van de Inspecteur op het bepaalde in artikel 8:29, lid 1, Awb gedeeltelijk gerechtvaardigd is. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Minister van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Partijen hebben de zaak doen toelichten, belanghebbende door mr. dr. G.J.M.E. de Bont, advocaat te Breda, de Minister door mr. S.R. Markus, advocaat te 's-Gravenhage.
De Advocaat-Generaal P.J. Wattel heeft op 14 februari 2007 geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
Belanghebbende heeft schriftelijk op de conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
Tegen tussenbeslissingen, zoals die bedoeld in artikel 8:29, lid 3, Awb, stelt de wet geen afzonderlijk, tussentijds beroep in cassatie open. Tegen dergelijke beslissingen van de rechtbank of het gerechtshof kan ingevolge artikel 28, lid 5, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen slechts worden opgekomen tegelijkertijd met het hoger beroep of het beroep in cassatie tegen de einduitspraak, zijnde de uitspraak waarbij het geding wordt afgedaan. Aangezien het onderhavige cassatieberoep zich slechts tegen zulk een tussenbeslissing richt, is dat beroep niet-ontvankelijk. Daaraan doet niet af dat de beslissing is gedaan in de vorm van een uitspraak.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
5. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.W. van den Berge als voorzitter, en de raadsheren L. Monné, P.J. van Amersfoort, C.J.J. van Maanen en J.W.M. Tijnagel, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 14 september 2007.