Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2007:BA3602
2007-06-12
Strafrecht
01472/06
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2007:BA3602 → ECLI:NL:PHR:2007:BA3602
Inhoudsindicatie
Na beschuldiging van winkeldiefstal meldt verdachte zich op politiebureau en voegt hij politieagenten de woorden “racisten, jullie zijn racisten” toe. Belediging ambtenaar gedurende of t.z.v. rechtmatige uitoefening van zijn bediening a.b.i. art. 266.1 jo. 267.2 Sr? HR: art. 81.1 RO. CAG: Term "racist" houdt een verwijzing in naar een dusdanig afkeurenswaardig, maatschappelijk niet geaccepteerd gedachtegoed dat die aanduiding door de meeste mensen z.m. als beledigend zal worden ervaren, zodat context niet ter zake doet, v.zv. het de vaststelling van het beledigende karakter van de uiting betreft.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (3)
- ECLI:NL:PHR:2023:41 Parket bij de Hoge Raad 10-01-2023
- ECLI:NL:PHR:2018:1116 Parket bij de Hoge Raad 28-08-2018
- ECLI:NL:PHR:2018:24 Parket bij de Hoge Raad 23-01-2018
Volledige tekst
Volledige tekst (1.503 tekens)
12 juni 2007
Strafkamer
nr. 01472/06
JB/SM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 31 januari 2006, nummer 24/001272-05, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1974, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. A.G. Ouwejan, advocaat te Culemborg, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De waarnemend Advocaat-Generaal Bleichrodt heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad het beroep zal verwerpen.
2. Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Slotsom
Nu het middel niet tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren A.J.A. van Dorst en J. de Hullu, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 12 juni 2007.
Strafkamer
nr. 01472/06
JB/SM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 31 januari 2006, nummer 24/001272-05, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1974, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. A.G. Ouwejan, advocaat te Culemborg, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De waarnemend Advocaat-Generaal Bleichrodt heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad het beroep zal verwerpen.
2. Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Slotsom
Nu het middel niet tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren A.J.A. van Dorst en J. de Hullu, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 12 juni 2007.