Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2005:AT5773
2005-07-05
Strafrecht
03670/04 A
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2005:AT5773 → ECLI:NL:PHR:2005:AT5773
Inhoudsindicatie
Antilliaanse zaak. Maatstaf en motivering afwijzing getuigenverzoek. HR verwerpt beroep onder verwijzing naar conclusie van de A-G, inhoudend dat het hof onjuist noch onbegrijpelijk heeft geoordeeld dat de noodzaak (in het licht van art. 6 EVRM) tot het horen van X en Y onvoldoende is gemotiveerd. Het verzoek houdt niets in over hetgeen de verdediging aan de getuigen zou willen voorhouden of hetgeen de verdediging betwist van hun verklaringen, terwijl verdachtes verklaring de verklaring van X ondersteunt en de verklaring van Y wordt bevestigd door de verklaring van verdachtes mededader.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (5)
- ECLI:NL:PHR:2024:88 Parket bij de Hoge Raad 23-01-2024
- ECLI:NL:PHR:2018:922 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2018
- ECLI:NL:PHR:2018:922 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2018
- ECLI:NL:PHR:2018:921 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2018
- ECLI:NL:PHR:2018:921 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2018
Volledige tekst
Volledige tekst (2.369 tekens)
5 juli 2005
Strafkamer
nr. 03670/04 A
SG/ABG
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 12 oktober 2004, nummer H 83/2004, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren op Curaçao (Nederlandse Antillen) op [geboortedatum] 1974, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd in het Huis van Bewaring op Curaçao (Nederlandse Antillen).
1. De bestreden uitspraak
Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een vonnis van het Gerecht in Eerste Aanleg, zittingsplaats Curaçao, van 19 februari 2004 - de verdachte vrijgesproken van het hem onder 1 tenlastegelegde en voorts ter zake van 6. "mishandeling", 7. "bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht", 9. "verkrachting" en 10. "medeplegen van poging tot doodslag" veroordeeld tot negen jaren gevangenisstraf.
2. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. H.K. ter Brake, advocaat te Hoorn, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De conclusie is aan dit arrest gehecht.
3. Beoordeling van het middel
3.1. Het middel behelst de klacht dat het Hof ten onrechte, althans onvoldoende gemotiveerd het verzoek een aantal getuigen te horen heeft afgewezen. Blijkens de toelichting is het middel gericht tegen de afwijzing door het Hof van het verzoek met betrekking tot de getuigen [getuige 1] en [getuige 2].
3.2. Het middel faalt op de gronden als door de Advocaat-Generaal in zijn conclusie aangegeven.
4. Slotsom
Nu het middel niet tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.
5. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren G.J.M. Corstens en W.M.E. Thomassen, in bijzijn van de waarnemend griffier M.T.E. van Huut, en uitgesproken op 5 juli 2005.
Strafkamer
nr. 03670/04 A
SG/ABG
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 12 oktober 2004, nummer H 83/2004, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren op Curaçao (Nederlandse Antillen) op [geboortedatum] 1974, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd in het Huis van Bewaring op Curaçao (Nederlandse Antillen).
1. De bestreden uitspraak
Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een vonnis van het Gerecht in Eerste Aanleg, zittingsplaats Curaçao, van 19 februari 2004 - de verdachte vrijgesproken van het hem onder 1 tenlastegelegde en voorts ter zake van 6. "mishandeling", 7. "bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht", 9. "verkrachting" en 10. "medeplegen van poging tot doodslag" veroordeeld tot negen jaren gevangenisstraf.
2. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. H.K. ter Brake, advocaat te Hoorn, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De conclusie is aan dit arrest gehecht.
3. Beoordeling van het middel
3.1. Het middel behelst de klacht dat het Hof ten onrechte, althans onvoldoende gemotiveerd het verzoek een aantal getuigen te horen heeft afgewezen. Blijkens de toelichting is het middel gericht tegen de afwijzing door het Hof van het verzoek met betrekking tot de getuigen [getuige 1] en [getuige 2].
3.2. Het middel faalt op de gronden als door de Advocaat-Generaal in zijn conclusie aangegeven.
4. Slotsom
Nu het middel niet tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.
5. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren G.J.M. Corstens en W.M.E. Thomassen, in bijzijn van de waarnemend griffier M.T.E. van Huut, en uitgesproken op 5 juli 2005.