Gerechtshof 's-Hertogenbosch
ECLI:NL:GHSHE:2016:4762
2016-10-25
Civiel recht
200.186.108_01
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- hogerBeroep ECLI:NL:GHSHE:2016:4762 → ECLI:NL:RBLIM:2016:747
- hogerBeroep ECLI:NL:GHSHE:2016:4762 → ECLI:NL:RBLIM:2016:969
- hogerBeroep ECLI:NL:GHSHE:2016:4762 → ECLI:NL:RBLIM:2016:4843
- ontnemingsvordering ECLI:NL:RBLIM:2016:10894 → ECLI:NL:GHSHE:2016:4762
- tussenuitspraak ECLI:NL:GHSHE:2016:4762 → ECLI:NL:GHSHE:2016:2834
- tussenuitspraak ECLI:NL:GHSHE:2017:39 → ECLI:NL:GHSHE:2016:4762
Inhoudsindicatie
Kort Geding. Echtscheidingsconvenant.
Citeert (1)
- ECLI:NL:RBAMS:2016:4565 Rechtbank Amsterdam 20-07-2016
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.418 tekens)
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Afdeling civiel recht
zaaknummer 200.186.108/01
arrest van 25 oktober 2016
in de zaak van
[de man]
,
wonende te [woonplaats] (België),
appellant in principaal appel,
geïntimeerde in incidenteel appel,
hierna aan te duiden als de man,
advocaat: mr. C.C.J. van Pol te Echt, gemeente Echt-Susteren,
tegen
[de vrouw] ,
wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerde in principaal appel,
appellante in incidenteel appel,
hierna aan te duiden als de vrouw,
advocaat: mr. N.V.N.J. de Laurente te Maastricht, voorheen S.T.M. Horst,
als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 12 juli 2016 in het hoger beroep van het vonnis van 18 januari 2016, door de voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, gewezen tussen de man als eiser in conventie, verweerder in voorwaardelijke reconventie en de vrouw als gedaagde in conventie, eiseres in voorwaardelijke reconventie.
5Het verdere verloop van de procedure
Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
de akte uitlating bevoegdheid van de vrouw;
de akte uitlating van de man;
de antwoordakte van de vrouw;
de antwoordakte van de man.
6De beoordeling
In zijn antwoordakte is de man naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 20 juli 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:4565 nog uitgebreid ingegaan op art. 24 EEX-Verordening (herschikt). Daarop heeft de vrouw nog niet kunnen reageren. De eisen van een goede procesorde brengen dan mee dat zij daartoe alsnog in de gelegenheid wordt gesteld. Het hof zal aldus beslissen.
7De uitspraak
Het hof:
verwijst de zaak naar de rol van 8 november 2016 voor:
- akte aan de zijde van de vrouw met het hiervóór in rov. 6 vermelde doeleinde;
houdt verder iedere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. G.J. Vossestein, M.J. van Laarhoven en P.P.M. van Reijsen en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 25 oktober 2016.
griffier rolraadsheer
Afdeling civiel recht
zaaknummer 200.186.108/01
arrest van 25 oktober 2016
in de zaak van
[de man]
,
wonende te [woonplaats] (België),
appellant in principaal appel,
geïntimeerde in incidenteel appel,
hierna aan te duiden als de man,
advocaat: mr. C.C.J. van Pol te Echt, gemeente Echt-Susteren,
tegen
[de vrouw] ,
wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerde in principaal appel,
appellante in incidenteel appel,
hierna aan te duiden als de vrouw,
advocaat: mr. N.V.N.J. de Laurente te Maastricht, voorheen S.T.M. Horst,
als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 12 juli 2016 in het hoger beroep van het vonnis van 18 januari 2016, door de voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, gewezen tussen de man als eiser in conventie, verweerder in voorwaardelijke reconventie en de vrouw als gedaagde in conventie, eiseres in voorwaardelijke reconventie.
5Het verdere verloop van de procedure
Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
de akte uitlating bevoegdheid van de vrouw;
de akte uitlating van de man;
de antwoordakte van de vrouw;
de antwoordakte van de man.
6De beoordeling
In zijn antwoordakte is de man naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 20 juli 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:4565 nog uitgebreid ingegaan op art. 24 EEX-Verordening (herschikt). Daarop heeft de vrouw nog niet kunnen reageren. De eisen van een goede procesorde brengen dan mee dat zij daartoe alsnog in de gelegenheid wordt gesteld. Het hof zal aldus beslissen.
7De uitspraak
Het hof:
verwijst de zaak naar de rol van 8 november 2016 voor:
- akte aan de zijde van de vrouw met het hiervóór in rov. 6 vermelde doeleinde;
houdt verder iedere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. G.J. Vossestein, M.J. van Laarhoven en P.P.M. van Reijsen en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 25 oktober 2016.
griffier rolraadsheer