art. 6 WVW 1994, aanmerkelijke schuld aan dodelijk verkeersongeval, veroordeling tot onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden en ontzegging van de rijbevoegdheid voor 1 jaar
Wegenverkeerswet 1994
Art. 5 WVW
Genoemd in 990 uitspraken · Officiële wettekst
990 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 36 · live
Een 69-jarige vrouw uit Doetinchem heeft geen schuld aan een ongeluk met een verkeersregelaar van een carnavalsoptocht op 5 maart 2011 in Doetinchem. De motorrijdende verkeersregelaar botste op de auto van de vrouw terwijl zij aan het keren was. Vrijspraak van het tenlastegelegde
Hetzelfde feit a.b.i. art. 68 Sr. HR herhaalt relevante overweging uit LJN BM9102. In het onderhavige geval is zowel het verschil in de rechtsgoederen ter bescherming waarvan de onderscheiden delictsomschrijvingen strekken als het verschil in de strafmaxima die op de onderscheide
Tenuitvoerlegging in Nederland van in Duitsland gewezen rechterlijke beslissing. In Duitsland - voor zover hier van belang - veroordeeld tot opname in een psychiatrisch ziekenhuis. Onder meer sprake van poging tot doodslag. Sprake van het vereiste opzet. Dat de veroordeelde, vanw
Bestelbus rijdt 's nachts op voorrangsweg buiten de bebouwde kom tegen daar stilstaande shovel op. Verzekeraar shovel aansprakelijk. 50% eigen schuld.
Artikel 6 WVW; veroorzaken van en doorrijden na dodelijk ongeval.
OM-cassatie. Beroep op avas. Bij een beroep op een strafuitsluitingsgrond moet de rechter de feitelijke grondslag van dat beroep onderzoeken. Voor aanvaarding van het beroep is vereist dat de rechter de feitelijke grondslag ervan voldoende aannemelijk acht. De last tot het aannem
Overgangsrecht verjaringstermijn overtredingen. Overtreding naar oud recht verjaard, naar huidig recht niet. Hof past gunstigste regeling toe. OM niet-ontvankelijk.
Aanrijding tussen twee auto's waarbij vaststaat dat een van de automobilisten te hard heeft gereden. Auto die aanrijding veroorzaakt had niet de juiste verlichting. De rechtbank vraagt dan wat de gevolgen zijn van snelheidsovertreding en onvoldoende verlichting.
Overtreding artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994. Politieman veroorzaakt ongeval met letsel. OM ontvankelijk. Werking Beschikking houdende vrijstelling van de bepalingen van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en de Brancherichtlijn verkeer.
gemotiveerde vrijspraak artikel 5 en 6 Wegenverkeerswet handelen van verdachte niet dusdanig dat kan worden gesrpoken van aanmerkelijk onvoorzichtig dan wel onoplettend handelen in de zin van artikel 6 Wegenverkeerswet tevens onvoldoende aanknopingspunten om tot veroordeling te k
Toewijzing vordering wijziging tll. Sprake van “hetzelfde feit” i.d.z.v. art. 68 Sr? Art. 304 Sr juncto art. 303 en art. 45 Sr en art. 6 WVW of art. 5 WVW 1994. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BM9102 m.b.t. aan te leggen beoordelingsfactoren of sprake is van “hetzel
Vrijwaring. Hoofdzaak en vrijwaring lopen niet gelijk op. Processuele consequenties. Geen rechtsgrond tot vrijwaring tussen eiser (WAM-verzekeraar) en gedaagden (inzittenden van aangereden auto). Inzittenden van aangereden auto aansprakelijk voor schade aan auto die opzettelijk h
Eiser reed in Utrecht in zijn auto achter gedaagde die eveneens een auto bestuurde. Tussen beide auto's heeft een aanrijding plaatsgevonden, nadat eiser gedaagde links inhaalde. Volgens eiser heeft gedaagde onrechtmatig t.o.v. hem gehandeld door zonder tijdig richting aan te geve
met vrachtwagen gevaar op de weg veroorzaken, dodelijk slachtoffer
Artikel 185 WVW Snorfiets is geen fiets, voetganger
Lestelschade. Deelgeschilprocedure. Verzoekster is aan te merken als schuldloze derde in de zin van de Bedrijfsregeling schuldloze derde. Verzoek toegewezen. Begroting en veroordeling in de kosten ex artikel 1019aa Rv.
Kinderstrafzaak. Artikel 6 Wegenverkeerswet. Rijden met een bromfiets, zonder rijbewijs, over een fietspad met een hogere snelheid dan verantwoord. Zwaar lichamelijk letsel bij afslaande fietser. Letsel in de zin van artikel 6 WVW bij een van de in de kinderzitjes vervoerde jonge
Officiersappel. Kind zit op de motorfiets vóór de bestuurder en met voeten op extra gemonteerde voetsteunen. Sanctie ter zake van artikel 58a RVV 1990 opgelegd. Zit het kind op een zitplaats in de zin van de wet? Op grond van welke bepaling valt hier tegen op te treden?
Overtreding van artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994. Verdachte is met zijn brommobiel van de weggeraakt en tegen bomen aangereden. Zijn vriend die naast hem zat, is hierbij zwaar gewond geraakt . Rechtbank veroordeelt verdachte tot een werkstraf van 30 uren voorwaardelijk met
10 jaar cel voor doodrijden van 3 personen en 1 poging daartoe (slachtoffer heeft dwarslaesie) op N59. Rechtbank neemt intentie op zelfmoord verdachte aan. Na detentie tevens maximale rijontzegging van 10 jaar. Gelet op bij verdachte bestaande persoonlijkheidsproblematiek heeft r
Vrijspraak 6 en 5 WvW 1994
Verwerping niet-ontvankelijkheidsverweer vanwege schending vertrouwensbeginsel. Veroordeling 6 WvW 1994.
Herziening. De aanvrage berust op de stelling dat aanvrager reeds eerder is veroordeeld voor hetzelfde feit. Op de door de A-G in zijn conclusie genoemde gronden moet de door aanvrager gestelde omstandigheid worden aangemerkt als een omstandigheid a.b.i. art. 457.1 aanhef en onde
Ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep. Art. 450.1 aanhef en onder a Sv. HR LJN BJ7810 heeft betrekking op een door een advocaat schriftelijk ingesteld beroep. In de onderhavige zaak is de advocaat ter griffie verschenen om hoger beroep in te stellen. De akte instellen hoger