Arbeidsrecht. Verhaal door werkgever op werknemers van verkeersboetes die aan de werkgever als kentekenhouder zijn opgelegd voor door werknemers tijdens de uitoefening van hun werkzaamheden begane verkeersovertredingen; uitleg art. 7:661 BW.
Wegenverkeerswet 1994
Art. 40 WVW
Genoemd in 18 uitspraken · Officiële wettekst
18 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
40 WVW. 5.4.1. RV. De kentekenplaat op de motorfiets was op onjuiste wijze aangebracht: niet staand maar liggend. Het kenteken was daardoor niet zichtbaar en dus ook niet leesbaar. Er is een onderscheid tussen de feitcodes K030a en N010d. Artikel 5.4.1 RV (feitcode N010d) ziet op
Als eigenaresse van auto niet voldoen aan vordering om bekend te maken wie bestuurder was van haar auto ten tijde dat met die auto ongeval is veroorzaakt, art. 41.1 WVW. Verhouding tussen spreekplicht van eigenaar van auto en zwijgrecht van verdachte. Vordering a.b.i. art. 41.1 W
In het kader van de productie van synthetische drugs gepleegde strafbare feiten. Beschouwingen over de bestanddelen aanwezig hebben en voorhanden hebben in enkele strafbepalingen. Voorstel tot aanpassing van de structuur onder meer door in art. 26 WWM geen bewustheid maar opzet (
Art. 2 Leerplichtwet 1969. Schoolverzuim. Zorgplicht van degene die het gezag over een jongere uitoefent en van degene die zich met de feitelijke verzorging van een jongere heeft belast. HR herhaalt relevante overweging uit HR LJN AD5614. Met “gezag” wordt in art. 2.1 Leerplichtw
Katvanger. “Tenzij anders blijkt” a.b.i. art. 1.3 WVW1994. Verweerin hoger beroep: een katvanger kan niet worden gelijkgesteld aan eigenaar of houder. HR: met zijn overweging “ dat de wettelijke bedoeling van art. 1.3 WVW1994 juist opgang doet ingeval iemand, zoals i.c., als kat
Katvanger. “Tenzij anders blijkt” a.b.i. art. 1.3 WVW1994. Verweerin hoger beroep: een katvanger kan niet worden gelijkgesteld aan eigenaar of houder. HR: met zijn overweging “ dat de wettelijke bedoeling van art. 1.3 WVW1994 juist opgang doet ingeval iemand, zoals i.c., als kat
In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen het wegslepen van de auto door het college. Het beroep is gegrond omdat het bestreden besluit gebaseerd is op een onjuiste wettelijke grondslag en de motivering gebreken bevat.
Vervolgings-EAB uit Oostenrijk. Art 6 OLW. De opgeëiste persoon heeft de Nederlandse nationaliteit en doet een beroep op de verstrekte terugkeergarantie. Art 11 OLW Verweer verworpen: Het enkele feit dat hij een kind heeft en haar moeder niet voor haar kan zorgen, is niet toereik
WAHV. Artikel 40 WVW jo. artikel 7 onder 6 Regeling kentekens en kentekenplaten. Kenteken mag onder omstandigheden met een tolerantie van 30 graden op een voertuig zijn aangebracht, maar hierbij geldt dat hierbij niet 30 graden t.a.v. horizontaal, maar t.a.v. verticaal als uitgan
Ontzegging rijbevoegdheid (OBM) bij onbekend gebleven bestuurder. Art. 181 WVW 1994. Art. 62 jo. 92 RVV 1990. De bijkomende straf van OBM kan ook aan een eigenaar of houder van een motorvoertuig worden opgelegd, indien deze wordt veroordeeld t.z.v. overtreding van art. 62 RVV 199
Snelheidsovertreding. Vrijspraak van het primair en subsidiair ten laste gelegde. Houder van een motorvoertuig, als bedoeld in artikel 1, eerste lid onder o van de Wegenverkeerswet 1994? De verdachte, huurder van de desbetreffende personenauto voor de duur van een etmaal, kan naa
Wijziging tll en ‘hetzelfde feit’. Art. 313 Sv, art. 68 Sr, art. 21, aanhef en onder a, RVV 1990 en art 181.1 WVW 1994. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BM9102. Wijziging van een oorspronkelijk op art. 21, aanhef en onder a, RVV 1990 toegesneden tll. in een op art. 1
OM-cassatie. Art. 165 WVW 1994 (vordering om als kentekenhouder naam en personalia van de bestuurder kenbaar te maken) en zwijgrecht. Nu de wettelijke regeling tz. naar de kern genomen niet is gewijzigd, heeft het Hof terecht tot uitgangspunt genomen hetgeen in HR LJN ZC9475 uit
-
-
Militaire zaak. Weigeren van bloedproef (art. 33a.6 WVW) en doorrijden na aanrijding (art. 30.1.a WVW). Onrechtmatig verkregen bewijs verweer. 1. Bevoegdheid tot binnentreden opsporingsambtenaren. Is legeringskamer in legeringsgebouw, waarin zich 3 mariniers bevinden, aan te merk
Het toezenden van op schrift gestelde vragen aan een verdachte is geen verhoor in de zin van art. 29 Sv.