Recidiveregeling art. 123b WVW 1994 en ontvankelijkheid OM in vervolging t.z.v. rijden onder invloed met ademalcoholgehalte van 740 microgram, art. 8.2.a WVW 1994. Verwerping verweer strekkende tot niet-ontvankelijkheid OM. Leidt omstandigheid dat rijbewijs o.g.v. art. 123b.1 WVW
Wegenverkeerswet 1994
Art. 130 WVW
Genoemd in 102 uitspraken · Officiële wettekst
102 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
OM-cassatie. Hof heeft OM n-o verklaard in vervolging t.z.v. rijden onder invloed (art. 8 WVW 1994) wegens schending van beginselen van goede procesorde, nu strafvervolging is gestart terwijl verdachte onderzoek naar rijgeschiktheid heeft afgerond bij CBR. Ontvankelijkheid OM in
CAG over art. 9 lid 2 WVW 1994, rijden met een ongeldigverklaard rijbewijs. De AG gaat in op het bewijs van het van kracht zijn van de ongeldigverklaring en de eis dat de bestuurder moet weten of redelijkerwijze moet weten dat het rijbewijs ongeldig is verklaard. In het onderhavi
Bij besluit van 2 juni 2020 heeft de directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen aan [appellant] een onderzoek naar de rijgeschiktheid opgelegd en de geldigheid van het rijbewijs geschorst. Op 25 februari 2020 is [appellant] door verbalisanten van de politie-eenheid
OM-cassatie. Vrijspraak t.z.v. rijden terwijl verdachte wist of redelijkerwijs moest weten dat geldigheid van zijn rijbewijs was geschorst, art. 9.5 WVW 1994. Formele rechtskracht van besluit van bestuursorgaan in strafrecht. Kon hof oordelen dat strafrechter (bij beoordeling van
Bij besluit van 12 oktober 2020 heeft het CBR [appellante] een onderzoek naar de rijgeschiktheid opgelegd en de geldigheid van haar rijbewijs geschorst. [appellante] heeft op 21 april 2020, 22 mei 2020, 2 en 6 juli 2020 contact gehad met de politie. De betrokken politieambtenaren
Alcoholslotprogramma (asp). Art. 8 WVW 1994. Bij de huidige Nederlandse regelgeving is de strafvervolging van een verdachte t.z.v. het rijden onder invloed van alcoholhoudende drank in strijd met de beginselen van een goede procesorde in die gevallen waarin verdachte o.g.v. datze
Huisvredebreuk. Grondslagverlating? De tll. is toegesneden op art. 138 Sr. Zij behelst het verwijt dat verdachte wederrechtelijk is binnendrongen in een besloten lokaal in gebruik bij Albert Heijn XL. Het Hof is tot een bewezenverklaring gekomen, maar heeft verdachte vrijgesproke
Schuld i.d.z.v. roekeloosheid, art. 6 en 175 WVW 1994. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:960. Het Hof heeft zijn oordeel dat te dezen sprake is van roekeloosheid voorzien van een motivering als in deze overwegingen bedoeld. V.zv. het middel klaagt dat
Bij besluit van 8 juli 2022 heeft het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen aan [appellante] een onderzoek opgelegd naar haar drugsgebruik en haar rijbewijs geschorst totdat de uitslag van dit onderzoek bekend is. Het CBR heeft [appellante] een onderzoek naar de geschiktheid, m
Conclusie plv. AG. Rijden met geschorst rijbewijs (art. 9 lid 5 WVW 1994). Beginsel van de formele rechtskracht. Kon het hof bij de beantwoording van de bewijsvraag de rechtmatigheid van het besluit tot schorsing zelfstandig onderzoeken, terwijl tegen dit besluit een met voldoend
vovo, intrekking taxivergunning gemeente amsterdam
Niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie in de vervolging van verdachte ter zake van overtreding van artikel 8 van de Wegenverkeerswet 1994. Naar aanleiding van de schriftelijke mededeling van genoemde overtreding heeft het CBR het aan verdachte afgegeven rijbewijs
Taxiverordening Amsterdam, voorlopige voorziening
vovo, taxivergunning Amsterdam, kenbare belangenafweging
Kort geding betreffende de vraag of de recidiveregeling van artikel 123b WVW een criminal charge oplevert als bedoeld in artikel 6 EVRM. Nu de uitkomst van een bodemprocedure daarover zeer ongewis is, wordt in dit kort geding niet vooruitgelopen op de uitkomst daarvan, waarbij m
Grondslagverlating. De wetgever heeft v.w.b. het verbod om een motorrijtuig te besturen of te doen besturen na een vordering tot overgifte van het rijbewijs dan wel gedurende de tijd dat het rijbewijs is ingevorderd en nog niet is teruggegeven, in art. 9.4 en 9.7 jo. art. 176.3 W
Conclusie AG. Klacht m.b.t. verwerping verweer strekkende tot n-o OM i.v.m. recidiveregeling art. 123b WVW 1994. Conclusie strekt tot verwerping van het cassatieberoep (art. 81 RO).
Bij besluit van 8 februari 2019 heeft het CBR aan [appellante] een onderzoek naar de rijvaardigheid opgelegd en de geldigheid van haar rijbewijs geschorst. Op 12 december 2018 heeft de Politie Eenheid Rotterdam [appellante] aangehouden op de Marathonweg in Vlaardingen, omdat zij
Conclusie AG. Recidiveregeling van art. 123b WVW 1994. Besproken worden de vragen: 1. Is er in geval van dwingend voorgeschreven verlies van geldigheid van het rijbewijs in de in art. 123b WVW 1994 bepaalde gevallen sprake van een criminal charge? 2. Zo ja is deze regeling in str
Conclusie AG. O.m. rijden terwijl verdachte wist dat geldigheid van zijn rijbewijs was geschorst (art. 9.5 WVW 1994). Volgens de AG blijkt niet voldoende uit bewijsvoering hof dat verdachte wist dat geldigheid van zijn rijbewijs was geschorst. Conclusie strekt tot vernietiging en
Conclusie AG. Veroordeling voor rijden na ongeldigverklaring rijbewijs (art. 9.2 WVW 1994). Staat het beschikken over een buitenlands (Bosnisch) rijbewijs in de weg aan veroordeling tzv art. 9.2 WVW, eerste volzin? AG is komt na bespreking wettekst en ratio van de wet tot het oor
Schorsen rijbewijs
Conclusie AG. Strafvervolging na niet-naleving voorwaarden alcoholslotprogramma in combinatie met ongeldigverklaring rijbewijs. AG bespreekt de vraag naar de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in de vervolging.
Intrekking taxivergunning Amsterdamse opstapmarkt (Taxiverordening Amsterdam 2012), proportionaliteit sanctiebeleid (Nota Handhavingsbeleid Taxiverordening).