Conclusie AG. Klacht dat het hof de zaak ten onrechte bij verstek heeft afgedaan, ondanks het aanwezigheidsrecht van de verdachte. Conclusie sterkt tot verwerping.
Wetboek van Strafvordering
Art. 589 Sv
Genoemd in 26 uitspraken · Officiële wettekst
26 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie AG in zaak over eenvoudige belediging van een bekende politica via Facebook. Bespreking van twee aspecten van het recht van de niet-aangehouden verdachte op rechtsbijstand voorafgaand aan en tijdens het (telefonische) politieverhoor. 1. Dient een voor het verhoor uitgen
Conclusie AG over de rechtsgeldigheid van een betekening van een dagvaarding in persoon op het moment dat de verdachte is aangehouden op het politiebureau met toepassing van art. 587 lid 2 Sv. De dagvaarding is door de verbalisant aan de verdachte overhandigd, waarop de verdachte
Cassatie in belang der wet. Bezwaarschrift tegen toepassing vervangende hechtenis wegens niet (naar behoren) verrichte taakstraf, art. 14h, 22g en 22h Sr. Brengt de overeenkomstige toepassing van art. 14h.3 Sr op de behandeling van een ex art. 22g.3 Sr ingediend bezwaarschrift me
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. openlijke geweldpleging, art. 141.1 Sr. Betekening dagvaarding in hoger beroep en inhoud akte van uitreiking, art. 36h.1 Sv. Kon hof oordelen dat dagvaarding in h.b. rechtsgeldig is betekend, nu akte van uitreiking niet persoon vermeldt aan wi
Conclusie AG. Middel klaagt over de niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het ingestelde hoger beroep. Conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
Schorsing van het onderzoek ter terechtzitting komt eerst dan in aanmerking indien de uitreiking van de dagvaarding rechtsgeldig is geschied.
-
-
Betekening inleidende dagvaarding. Kan p-v van politie dat is opgemaakt bij uitreiking van dagvaarding worden gelijkgesteld met akte van uitreiking? Art. 589 Sv. M.b.t. uitreiking van inleidende dagvaarding is door 2 politieambtenaren op ambtseed/ambtsbelofte p-v opgemaakt en op
Conclusie AG. Veroordeling wegens (gekwalificeerde) diefstallen, mishandeling, bedreiging en belediging van een ambtenaar in functie, meermalen gepleegd. Slagende klacht over de geldigheid van de betekening van de dagvaarding in hoger beroep door uitreiking daarvan aan een ander
Conclusie AG. Betekeningperikelen. Diefstal (art. 310 Sr). M1: falende klacht dat hof de verdachte ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard in het hoger beroep, omdat aan de akten van uitreiking gebreken kleven, te weten dat het soort identiteitsbewijs en identiteitsbewijsn
Conclusie AG. Klacht dat het hof de zaak ten onrechte bij verstek heeft afgedaan, ondanks het aanwezigheidsrecht van de verdachte. Conclusie sterkt tot verwerping.
volgt.
Antilliaanse zaak. Rolbeslissing. Betekening van de aanzegging in cassatie ex art. 435 Sv in Sint Maarten. Op de gronden vermeld in de conclusie A-G moet worden aangenomen dat de uitreiking van de aanzegging a.b.i. art. 435 Sv niet op rechtsgeldige wijze heeft plaatsgevonden, zod
Middel over rechtsgeldigheid betekening oproeping in h.b. Uitreiking aan de griffier van een andere Rb. HR: art. 80a RO. Gelet op de bijzonderheden waardoor deze zaak wordt gekenmerkt is het belang van verdachte bij zijn cassatieberoep niet evident. De schriftuur bevat evenwel ni
Verdachte n-o in cassatieberoep nu niet tijdig beroep in cassatie is ingediend.
Betekeningsperikelen. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AE9649 en uit HR LJN AD5163. ’s Hofs opvatting dat de nietigheid van de dagvaarding wordt gedekt ingeval verdachte via zijn rm op de hoogte is gesteld van de tz is onjuist. HR verklaart de inleidende dagvaarding
Ontvankelijkheid cassatieberoep. De akte van uitreiking in persoon betreffende de mededeling uitspraak is voorzien van de personalia van verdachte, van diens ondertekening alsmede van een parketnummer, overeenkomend met dat van ‘s hofs arrest van 3-4-01, terwijl het tevens een in
Het hof heeft vastgesteld dat de inleidende dagvaarding (anders dan is ingevuld op de akte van uitreiking) niet aan verdachte doch aan een ander is uitgereikt. Daaruit vloeit voort dat de uitreiking van die dagvaarding niet is geschied overeenkomstig bij art. 589.1.4° en 589.3 jo
-
-
-
-
-