1. Schriftelijke volmacht van een advocaat aan een griffiemedewerker om cassatie in te stellen. 2. Art. 51 Sv. Ad 1. HR herhaalt HR LJN BJ7810. Voorts herhaalt de HR de mogelijkheid om het verzuim te dekken in het geval het gaat om het instellen van hoger beroep uit HR LJN BV6999
Wetboek van Strafvordering
Art. 51 Sv
Genoemd in 192 uitspraken · Officiële wettekst
192 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Hoofdregel cfm art. 423.1 Sv is dat bij een tot nietigheid leidend verzuim in eerste aanleg, indien de hoofdzaak is beslist, niet wordt teruggewezen. Cfm het beginsel van art. 423.2 Sv zijn van die regel uitgezonderd de gevallen dat a. de zaak niet is behandeld door een onpartijd
1. Verstek en afwezigheid raadsman. De schriftelijke kennisgeving cfm art. 39.1 Sv is een ordemaatregel en geen voorwaarde om als raadsman te kunnen optreden. Als uit een in het dossier aanwezig stuk kan blijken dat verdachte voor die aanleg voorzien is van een raadsman, behoort
Artt 38, 39 en 51 Sv. Stelbrief noodzakelijk of kan rechtsbijstand ook worden afgeleid uit het indienen van een appelmemorie? HR herhaalt HR LJN ZD1192 m.b.t. het moment van eindigen van rechtsbijstand en HR LJN ZD2182 m.b.t. het kennisgeven van het optreden als rm a.b.i. art. 39
Verstek. Aanwezigheidsrecht. Het kantooradres van een advocaat dat is vermeld in de akte rechtsmiddel of de door hem verstrekte schriftelijke bijz. volmacht tot het instellen van een rechtsmiddel is niet een opgave van een adres a.b.i. art. 588a.1 onder c Sv, behoudens in een ver
Kernroljurisprudentie. Art. 423.1 en 423.2 Sv, verzoek tot terugwijzing zaak naar de Rb. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:1996:ZD0442 m.b.t. de vraag in welke gevallen een hof de zaak dient terug te wijzen naar de rechtbank. Vonnis in e.a. is bij verstek gewezen
Niet naleving art. 51 Sv. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:1998:ZD1192 en ECLI:NL:HR:2000:ZD2182, NJ 2001/161. Vernietiging en terugwijzing.
1. Stelbrief raadsman niet bij stukken, art. 51 Sv. 2. Aanwezigheidsrecht, detentie uit anderen hoofde. Ad 1. Aan cassatieschriftuur gehechte stukken bieden voldoende grond voor het ernstige vermoeden dat de stelbrief van de raadsman wel ter griffie van het Hof is ontvangen doch
Art. 51 Sv. Ondanks het feit dat er zich bij de aan de Hoge Raad toegezonden stukken geen ontvangstbevestiging bevindt van de stelbrief van de raadsman in hoger beroep, moet er, gelet op de inhoud van het transactierapport, in cassatie van worden uitgegaan dat zich wel een raadsm
Art. 51 Sv. Aan de cassatieschriftuur is een brief gehecht waarin de raadsman van verdachte zich stelt als haar raadsman in de zaak i.c., en een transactierapport waaruit is af te leiden dat die brief op de datum van de brief is verzonden naar het faxnummer van de strafgriffie va
1 . Art. 51 Sv. 2. Het in hulpeloze toestand achterlaten van een ander a.b.i. art. 7.1.b WVW 1994. 3. Vordering b.p. Ad 1. Falende klacht over het niet naleven van het in art. 51, tweede volzin, Sv vervatte voorschrift. Uit het aan de cassatieschriftuur gehechte stuk kan niet wor
Beklag, beslag op geluidsapparatuur onder klaagster i.h.k.v. verdenking t.z.v. strafbaar feit, waarna OM goederen zonder beslissing rechter af te wachten heeft teruggegeven aan verzekeraar. Hof heeft zich buiten staat verklaard gevraagde teruggave aan klaagster te gelasten, nu in
Jeugdzaak. Ontvankelijkheid vordering benadeelde partij. Voeging b.p. na requisitoir in e.a. tijdig ex art. 51g.3 Sv? V.zv. Hof heeft geoordeeld dat b.p. in het geding in h.b. bevoegd is tot voeging als b.p. ook indien in e.a. de opgave aan de rechter a.b.i. art. 51g.3 Sv is gesc
Verzending afschrift appeldagvaarding aan raadsman. Art. 51 Sv. Uit de stukken vloeit het ernstige vermoeden voort dat t.a.v. de dagvaarding in h.b. het voorschrift vervat in art. 51 Sv niet is nageleefd. Dit in het belang van verdachte gegeven voorschrift is van zo grote beteken
1. Art. 51 Sv. 2. Art. 409.2 Sv. Ad 1. De raadsvrouwe stond de verdachte in e.a. bij. De OvJ ging in h.b. Het bijstaan in e.a. geldt tot het moment de uitspraak in kracht van gewijsde is gegaan dan wel daartegen een rechtsmiddel is aangewend. Het Hof behoefde daarom niet te onder
1. Betekeningsperikelen, art. 588 Sv. Betekening appeldagvaarding. Het oordeel van het Hof dat het door de verdachte opgegeven adres door een latere opgave was achterhaald, omdat de raadsvrouwe bij het instellen van het h.b. een ander adres heeft opgegeven, getuigt niet van een o
Afschrift aan de raadsman van alle stukken die ter kennis van de verdachte worden gebracht ex art. 51 Sv. Hof verklaarde de verdachte niet-ontvankelijk (ex art. 416.2 Sv). Bij de stukken van het geding bevindt zich een ontvangstbevestiging van de strafgriffie van het Hof, aan de
Art. 51 Sv. Aangenomen moet worden dat de na het vonnis in EA en het instellen van hoger beroep ingezonden brieven van de rm, gericht aan de Rb, zich bij de stukken van het geding gevoegd zijn en naar het Hof zijn verzonden, zodat het Hof t.t.v. de behandeling van de zaak kennis
Cassatieberoep te laat. Blijkens de stukken is het beroep in cassatie ingesteld op 11-10-2006, zodat verdachte – nu de dagvaarding om ttz. van het Hof van 21-7-2006 te verschijnen aan hem in persoon is betekend – ingevolge art. 432.1.a Sv in het beroep niet kan worden ontvangen.
De klacht dat de raadsman in strijd met art. 51 Sv geen afschrift van de appèldagvaarding heeft ontvangen treft doel, hoewel in cassatie geen ontvangstbevestiging is overgelegd van de stelbrief, nu aan de schriftuur gehechte stukken voldoende grond bieden voor het ernstig vermoed
Art. 51 Sv. Bij de stukken van het geding bevindt zich een stelbrief van de raadsman inhoudende dat hij de verdachte in twee zaken, waaronder onderhavige zaak, als raadsman zal bijstaan. De ontvangst van deze stelbrief is door het Hof bevestigd. Niet is gebleken dat een afschrift
Art. 51 Sv. Afschrift aan de raadsman. De stukken van de beklagprocedure, waaronder het klaagschrift a.b.i. art. 552a Sv, waren niet aanwezig in het dossier dat de Pr ter beschikking stond bij de behandeling van de strafzaak in 1e aanleg. Het oordeel van het hof dat, gelet daar
Niet-naleving voorschrift van art. 51 Sv. Uit de stukken blijkt niet dat een afschrift van de dagvaarding in h.b. aan de raadsman is verzonden. Vernietiging en terugwijzing.
Niet-naleving art. 51 Sv. Indien uit enig in het dossier aanwezig stuk aan de rechter of de andere justitiële autoriteiten kan blijken dat verdachte voor de desbetreffende aanleg voorzien is van rechtsbijstand door een raadsman, dan behoort deze raadsman als zodanig te worden erk
-