416 lid 2 Sv
Wetboek van Strafvordering
Art. 416 Sv
Genoemd in 648 uitspraken · Officiële wettekst
648 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 17 · live
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. zich ophouden op openbare weg teneinde drugs te koop aan te bieden (art. 2.7.2 APV Amsterdam 2008). Dubbel verstek. Aanwezigheidsrecht, art. 36g.1.c Sv. Dient vermelding adres van moeder van verdachte in schriftelijke bijzondere volmacht tot i
Conclusie AG. Middel klaagt dat hof het hoger beroep van de verdachte ten onrechte heeft aangemerkt als een beperkt ingesteld hoger beroep. Parketnummer gevoegde zaak ontbreekt op akte instellen hoger beroep. De conclusie strekt tot vernietiging en terugwijzing.
Verdachte niet-ontvankelijk, art. 416 lid 2 Sv: de verdachte wenst zijn oorspronkelijke bezwaren tegen het vonnis niet langer te handhaven (Museumplein en Coronagerelateerde strafzaken).
Verdachte niet-ontvankelijk. Hoewel zich in het dossier een door de raadsman opgestelde brief bevindt waarin is vermeld 'betreft: appèlschrituur', is in de brief met zoveel woorden opgenomen dat er 'thans geen grieven kenbaar worden gemaakt'.
Blijkens de mededelingen van de raadsman op de terechtzitting in hoger beroep heden wenst de verdachte het hoger beroep niet te handhaven, zodat hij geacht moet worden de eerder tegen het vonnis opgeven bezwaren in te trekken. VE n-o o.g.v. 416, lid 2 Sv.
Openbaar ministerie niet-ontvankelijk in het hoger beroep wegens te laat indienen van een schriftuur in de zin van 410 Sv.
vedachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep, verdachte wenst het hoger beroep niet te handhaven, intrekking hoger beroep niet meer mogelijk, 416 lid 2 Sv, vordering benadeelde partij in casu onvoldoende reden om behandeling hoger beroep voort te zetten
Conclusie AG. Middelen klagen dat het hof de verdachte ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard in haar hoger beroep, onder meer vanwege schending aanwezigheidsrecht en schending recht van verdachte op een inhoudelijke behandeling van de zaak in hoger beroep. Conclusie stre
Diefstal met geweld en bedreiging met geweld in vereniging (art. 312.1 en .2 Sr). Afwijzing voorwaardelijk getuigenverzoek omdat noodzaak niet is gebleken. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2021:576 (post-Keskin) m.b.t. beoordeling verzoeken tot oproepen en horen
Conclusie AG. Cassatieberoep van het openbaar ministerie in verband met de gevolgen van verkeerde toepassing van artikel 407 Sv. inzake beperking van het hoger beroep. Vaststaat dat de officier van justitie hoger beroep heeft ingesteld en vervolgens in een akte tot partiele intre
OM niet-ontvankelijk. Het openbaar ministerie heeft de termijn om een appelschriftuur in te dienen met bijna vier maanden overschreden.
Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep.
416 lid 2
Economische zaak. EVOA. Vrijspraak van het opzettelijk zonder toestemming overbrengen van afvalstoffen en het valselijk opmaken van transportdocumenten. Dat verdachte, een rechtspersoon, opzet had op het plegen van deze feiten acht het hof niet bewezen.
Verstekverlening, detentie uit anderen hoofde. Op gronden vermeld in CAG is achteraf bezien ’s hofs beslissing om tegen verdachte verstek te verlenen en onderzoek op tz. voort te zetten onjuist. Wegens grote belang verdachte om bij behandeling van zaak aanwezig te zijn, moet verd
Economische zaak. EVOA. Vrijspraak van het opzettelijk zonder toestemming overbrengen van afvalstoffen en het valselijk opmaken van transportdocumenten. Er is niet gebleken van een voornemen tot overbrenging.
Aanvullende conclusie AG naar aanleiding van cassatieschriftuur van de benadeelde partij. Positie benadeelde partij als de verdachte hoger beroep heeft ingesteld en daarin niet-ontvankelijk is verklaard. De wet voorziet niet in een met art. 421 lid 4 Sv vergelijkbare regeling ind
Economische zaak. EVOA. Veroordeling er zake het in vereniging feitelijk leidinggeven aan illegale overbrengingen en valsheid in geschrift door een rechtspersoon.
Eendaadse samenloop van afpersing (art. 317 Sr) en diefstal met geweld (art. 312 Sr). Bewijsoverweging: Getuige heeft bivakmuts van het hoofd van de overvaller getrokken. Het op de bivakmuts aangetroffen DNA-spoor betreft daderspoor. DNA database match met verdachte. Geen regel v
416 lid 2 Sv
Over Verhouding Flora- en faunawet (Ffw) en de Wet Natuurbescherming (Wnb). Verdachte veroordeeld terzake van overtreding van voorschriften gesteld bij de Ffw met als conclusie van hof dat "(...) de wetgever met de invoering van de Wnb ten aanzien van het doden en vangen van de v
Veroordeling wegens o.m. het schieten van een wild zwijn, het onder zich hebben van een big en het voorhanden hebben van patronen en een (gas)revolver. Bewijsmiddelen uitgewerkt. Overwegingen m.b.t. de verhouding Flora- en faunawet en de Wet Natuurbescherming. Taakstraf voor de d
Met 19/02283 samenhangende peek (geen schriftuur, beroep n-o).
Schoonmaken van illegaal geschoten wild zwijn en illegaal asbest uit de woning laten verwijderen. Bewijsmiddelen uitgewerkt. Overwegingen m.b.t. de verhouding Flora- en faunawet en de Wet Natuurbescherming. Taakstraf voor de duur van 120 uren en een geldboete.