Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep. De verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep, wegens een gebrek in de volmacht tot het instellen van hoger beroep, alsmede vanwege het ontbreken van grieven.
Wetboek van Strafvordering
Art. 416 Sv
Genoemd in 648 uitspraken · Officiële wettekst
648 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 11 · live
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. rijden terwijl hij wist dat zijn rijbewijs was geschorst, art. 9.5 WVW 1994. Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 432.1.a Sv. Had cassatieberoep binnen 14-dagen na verstekuitspraak hof moeten worden ingesteld, nu dagvaarding in hoger beroep v
Ontvankelijkheid cassatieberoep. Uit de stukken van het geding moet worden afgeleid dat verdachte met de dag van de tz van het hof van 3-11-2020 tevoren bekend was. Daarom had o.g.v. art. 432.1.c Sv het cassatieberoep moeten worden ingesteld binnen veertien dagen nadat het hof di
Toewijzing verzoek verdediging NO ex 416.2 Sv en afwijzing verzoek OM tot aanhouding, mede omdat OM niet nader heeft geconcretiseerd dat en waarom de door de rechtbank opgelegde straf niet passend zou zijn.
Rijden zonder rijbewijs, art. 107.1 WVW 1994. Geen afschrift van oproeping in hoger beroep verzonden aan raadsvrouw van verdachte, art. 48 Sv. HR: Op redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Bij de stukken bevindt zich een aanhoudingsverzoek aan strafgriffie hof, waarin raadsvr
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. diefstal (art. 310 Sr). Op dag voor zitting (om 19.42 uur) verstuurde e-mail van raadsvrouw met grieven niet tijdig ter kennis van hof gekomen. HR: middel slaagt op gronden vermeld in CAG. CAG: Aan de cassatieschriftuur gehechte stukken bieden
Conclusie AG. Verdachte veroordeeld voor leidinggeven aan een criminele organisatie en flessentrekkerij. Middelen over (M1) afwijzing verzoek verdachte het hoger beroep niet-ontvankelijk te verklaren, (M2 en 3) afwijzing verzoek vorderingen benadeelde partijen niet-ontvankelijk t
Conclusie AG. Betekeningsperikelen bij dagvaarding in hoger beroep. Art. 588 lid 1 (oud) Sv. Bij politieverhoor opgegeven woon- of verblijfplaats is niet achterhaald. De conclusie strekt tot nietigverklaring van de dagvaarding in hoger beroep.
Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep.
416 lid 2
Conclusie AG. Betekeningsperikelen. Wijziging BRP-adres heeft tot gevolg dat eerder op de voet van art. 36g, eerste lid, Sv opgegeven adressen in feite komen te vervallen. Conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
Het hof bevestigt het vonnis van de rechtbank, waarbij wel is beslist dat de kwalificatie van feit 3 poging “zware mishandeling” moet worden aangevuld met “meermalen gepleegd”. In het arrest zijn overwegingen gewijd aan de akte intrekking ter zake van 2 van de 3 feiten, die was o
Rijden onder invloed, art. 8.2.a WVW 1994. Geen afschrift van dagvaarding in hoger beroep verzonden aan raadsvrouw van verdachte, art. 48 Sv. Aan schriftuur gehechte brief van advocaat aan strafgriffie hof, welke per fax verzonden brief blijkens aan schriftuur gehecht verzendcont
Economische zaak. Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. het benadelen van de gezondheid /welzijn van runderen (art. 2.1 Wet dieren). Betekening dagvaarding in h.b. HR: In uitspraak hof, die bij verstek is gewezen, ligt oordeel besloten dat verdachte behoorlijk is gedagvaard. Inhou
416 lid 2
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. zich ophouden op openbare weg teneinde drugs te koop aan te bieden (art. 2.7.2 APV Amsterdam 2008). Dubbel verstek. Aanwezigheidsrecht, art. 36g.1.c Sv. Dient vermelding adres van moeder van verdachte in schriftelijke bijzondere volmacht tot i
416 lid 2 Sv
Conclusie AG. Middel klaagt dat hof het hoger beroep van de verdachte ten onrechte heeft aangemerkt als een beperkt ingesteld hoger beroep. Parketnummer gevoegde zaak ontbreekt op akte instellen hoger beroep. De conclusie strekt tot vernietiging en terugwijzing.
Verdachte niet-ontvankelijk, art. 416 lid 2 Sv: de verdachte wenst zijn oorspronkelijke bezwaren tegen het vonnis niet langer te handhaven (Museumplein en Coronagerelateerde strafzaken).
Blijkens de mededelingen van de raadsman op de terechtzitting in hoger beroep heden wenst de verdachte het hoger beroep niet te handhaven, zodat hij geacht moet worden de eerder tegen het vonnis opgeven bezwaren in te trekken. VE n-o o.g.v. 416, lid 2 Sv.
Verdachte niet-ontvankelijk. Hoewel zich in het dossier een door de raadsman opgestelde brief bevindt waarin is vermeld 'betreft: appèlschrituur', is in de brief met zoveel woorden opgenomen dat er 'thans geen grieven kenbaar worden gemaakt'.
vedachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep, verdachte wenst het hoger beroep niet te handhaven, intrekking hoger beroep niet meer mogelijk, 416 lid 2 Sv, vordering benadeelde partij in casu onvoldoende reden om behandeling hoger beroep voort te zetten
Conclusie AG. Middelen klagen dat het hof de verdachte ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard in haar hoger beroep, onder meer vanwege schending aanwezigheidsrecht en schending recht van verdachte op een inhoudelijke behandeling van de zaak in hoger beroep. Conclusie stre
Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep.
416 lid 2