1. Schriftelijke volmacht van een advocaat aan een griffiemedewerker om cassatie in te stellen. 2. Art. 51 Sv. Ad 1. HR herhaalt HR LJN BJ7810. Voorts herhaalt de HR de mogelijkheid om het verzuim te dekken in het geval het gaat om het instellen van hoger beroep uit HR LJN BV6999
Wetboek van Strafvordering
Art. 416 Sv
Genoemd in 648 uitspraken · Officiële wettekst
648 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Rechtsgeldigheid intrekking hoger beroep door de OvJ en door verdachte. Wet stroomlijnen hoger beroep. De HR ziet aanleiding om in voorafgaande beschouwingen ten behoeve van de in de praktijk vereiste duidelijkheid in te gaan op enkele vragen die in verband met de Wet stroomlijne
Verstek. Aanwezigheidsrecht. Het kantooradres van een advocaat dat is vermeld in de akte rechtsmiddel of de door hem verstrekte schriftelijke bijz. volmacht tot het instellen van een rechtsmiddel is niet een opgave van een adres a.b.i. art. 588a.1 onder c Sv, behoudens in een ver
Telen en bewerken van hennep in woning (art. 3.B Opiumwet) en diefstal d.m.v. braak van elektriciteit t.b.v. hennepkwekerij (art. 311.1.5 Sr). 1. Ontvankelijkheid OM in h.b. ex art. 416.3 Sv. Bevat schriftuur OvJ ’grieven’ in de zin van art. 410.1 Sv? 2. Slagende bewijsklachten.
OM-cassatie. Art. 416.3 Sv. Het Hof heeft na behandeling ttz. het OM alsnog n-o verklaard wegens niet tijdig indienen (4 mnd te laat) van appelschriftuur. 1. De opvatting dat art. 416.3 Sv slechts van toepassing is indien geen schriftuur wordt ingediend, is onjuist. Die bepalin
Stelbrief raadsman niet bij stukken, art. 51 (oud) Sv. Aan cassatieschriftuur gehechte stukken, te weten een stelbrief in h.b. en een verzendrapport waaruit kan worden afgeleid dat deze brief per fax is verzonden naar het toenmalige faxnummer van de strafgriffie van het Hof, bied
1. Beroep op nietigheid inleidende dagvaarding mogelijk indien verdachte n-o wordt verklaard in het h.b.? Art. 422 en 416.2 Sv. 2. Beroep op overschrijding redelijke termijn na uitspraak Hof. Ad 1. Ex art. 422 Sv is het Hof slechts gehouden tot de beraadslaging a.b.i. art. 348 en
Art. 416.2 Sv. Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep. Appelschriftuur. De HR verwijst naar ECLI:NL:HR: 2014:1496 m.b.t. de aan een appelschriftuur te stellen eisen. Het oordeel van het Hof dat "de enkele schriftelijke opgave van verdachte dat hij wegens een verhuizing niet o
1. Stelbrief raadsman niet bij stukken, art. 51 Sv. 2. Aanwezigheidsrecht, detentie uit anderen hoofde. Ad 1. Aan cassatieschriftuur gehechte stukken bieden voldoende grond voor het ernstige vermoeden dat de stelbrief van de raadsman wel ter griffie van het Hof is ontvangen doch
Dagvaarding h.b. Verstek. Art. 260.5 Sv. Vertaling appeldagvaarding. Vooropgesteld moet worden dat ingeval de verdachte de Nederlandse taal niet of onvoldoende beheerst en niet blijkt dat aan de vereisten van art. 260, vijfde lid, Sv is voldaan, dit grond kan vormen voor schorsin
N-o verklaring in h.b. Het Hof heeft klaarblijkelijk toepassing gegeven aan art. 416.2 Sv en daaraan ten grondslag gelegd dat de eerst op 8 maart 2012 ingediende appelschriftuur, gelet op art. 410.1 Sv niet als een appelschriftuur kan worden aangemerkt. Dat oordeel geeft blijk va
Art. 410 en 416.3 Sv. Het Hof heeft geoordeeld dat OM ondanks niet tijdige indiening van de appelschriftuur ontvankelijk is. Mede in het licht van de wetsgeschiedenis geeft dat oordeel geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting, meer i.h.b. niet omtrent het te hanteren toetsings
Niet beslist op telefonisch aanhoudingsverzoek van secretaresse van raadsvrouwe. Hof heeft met het oog op het belang van het recht van verdachte op verdediging in de onverklaarde afwezigheid van de raadsvrouwe aanleiding gevonden door de griffier te laten onderzoeken of zij op de
Art. 410 en 416.3 Sv. 1. Art. 416.3 Sv is mede van toepassing op een geval waarin de appelschriftuur niet tijdig is ingediend (vgl. HR LJN BI4078). Dat geldt ook voor het geval dat niet kan worden vastgesteld dat de appelschriftuur is ingediend op de wijze zoals in art. 410 Sv is
OM-cassatie. Appelschriftuur. In aanmerking genomen dat ingevolge art. 410 Sv een appelschriftuur de grieven tegen het vonnis moet bevatten, is het oordeel van het hof dat het de zich bij de stukken bevindende “opgave van bezwaren” niet heeft aangemerkt als appelschriftuur niet o
Onderzoek Pulheim, moord op advocaat. Hof veroordeelt verdachte als medepleger tot maximale tijdelijke gevangenisstraf van 30 jaar. Constatering vormverzuim (Prokuratuur).
Afwijzing door het Hof van het verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak vanwege deelname raadsvrouwe van verdachte aan landelijke staking van strafrechtadvocaten. HR herhaalt toepasselijke overweging uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1314. Uit ’s Hofs motivering van de afwijzing
Profijtontneming. Artt. 422 en 416.2 Sv. Nu onder de vraag van art. 422.1 Sv “of het hoger beroep is ingesteld overeenkomstig de eisen die dit wetboek daaraan stelt” mede moet worden begrepen het in art. 416.2 beschreven geval, volgt uit art. 422 Sv dat de beraadslaging in h.b.
Geen afschrift appeldagvaarding verzonden naar raadsvrouw, art. 51 (oud) Sv, thans art. 48 Sv. De toelichting op het middel vermeldt dat de raadsvrouw zich per e-mailbericht aan de strafgriffie van het Hof heeft gesteld. Een uitdraai van dat e-mailbericht en een printscreen uit M
OM-cassatie. Verjaring. Art. 70 Sr. Verlening verjaringstermijn bij overtredingen van 2 naar 3 jaar. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2010:BK1998. Het uitgangspunt dat ingeval van verandering van wetgeving m.b.t. de verjaringstermijn deze verandering direct van toepassing is, met dien vers
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. rijden onder invloed (art. 8.5 WVW 1994) en rijden terwijl overgifte rijbewijs is gevorderd (art. 9.7 WVW 1994). Dubbel verstek. Dient (ná 14-dagentermijn maar vóór tz. in h.b.) door raadsman van verdachte naar hof gezonden faxbericht (“h.b. i
Milieustrafrecht. Brand bij Chemie-Pack. Verdachte was productieleider. Hof verwerpt verweer dat OM niet-ontvankelijk moet worden verklaard. Toezegging aan productiemedewerker geen toezegging a.b.i. art. 226g Sv. Ook geen strijd met Zwolsman- en Karman-criteria. Vervolgingsbeslis
Profijtontneming. Verzoek tot aanhouding ottz. De HR stelt revelante overwegingen uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1314 voorop. Gelet op hetgeen is vooropgesteld en in aanmerking genomen hetgeen door de raadsman aan zijn verzoek tot aanhouding ten grondslag is gelegd, kunnen de door het Hof
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. zwart rijden(art. 70.1 jo. 101 Wet personenvervoer 2000). Dubbel verstek. Niet ter kennis van Hof gekomen appelschriftuur, die blijkens aan cassatieschriftuur gehechte stukken buiten termijn en bij verkeerde instantie is ingediend. Kon Hof voo
Aanhoudingsverzoek raadsvrouwe op de grond dat zij verhinderd is wegens andere zaak voorafgaand aan tz. per e-mail gedaan en afgewezen. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2005:AT5663 inhoudende dat de uiteindelijke beslissing op een aanhoudingsverzoek ttz. dient te