HR: art. 81.1 RO.
Wetboek van Strafvordering
Art. 410 Sv
Genoemd in 415 uitspraken · Officiële wettekst
415 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 13 · live
Afwijzing bij tussenarrest van door de verdediging gedane verzoeken. Het Hof heeft bij de afwijzing van het verzoek deskundige X een onderzoek te laten instellen (een verzoek a.b.i. art. 328 jo 316 Sv) de juiste maatstaf toegepast, en de afwijzing toereikend gemotiveerd. Bij de a
Profijtontneming. 1. Afwijzing getuigenverzoeken. 2. Art. 36e.7 Sr hoofdelijke aansprakelijkheid. Ad 1. Art. 418.1 Sv. Onjuiste maatstaf. HR wijst voorts op de herstelmogelijkheid a.b.i. ECLI:NL:HR:2013:2056. Ad. 2. Art. 36e.7 Sr houdt een wijziging van wetgeving in t.a.v. de toe
1. Afwijzing getuigenverzoek. Herstelmogelijkheid maatstaf. Regiezitting. 2. Aanwijzing opsporing en vervolging inzake seksueel misbruik. 3. Vordering beledigde partij. Schadevergoedingsmaatregel. Ad 1. Een tz. in h.b. kan worden aangemerkt als een 'regiezitting' indien die zitti
In het dossier bevindt zich een door de officier van justitie ondertekende appelschriftuur, voorzien van de datum 30 maart 2010, (overigens) een datum buiten de periode van 14 dagen na het instellen van hoger beroep (op 12 maart 2010). Deze appelschriftuur is niet door (de griffi
Beslag. De bestreden uitspraak houdt in strijd met art. 353.1 Sv geen beslissing in ten aanzien van inbeslaggenomen voorwerpen. Dit verzuim behoeft evenwel niet tot cassatie te leiden, aangezien de verdachte binnen de in art. 552a.3 Sv gestelde termijn van 3 mnd na de dag waarop
N-o verklaring in h.b. Het Hof heeft klaarblijkelijk toepassing gegeven aan art. 416.2 Sv en daaraan ten grondslag gelegd dat de eerst op 8 maart 2012 ingediende appelschriftuur, gelet op art. 410.1 Sv niet als een appelschriftuur kan worden aangemerkt. Dat oordeel geeft blijk va
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in h.b. Art. 416.2 Sv. Het Hof heeft mede op de grond dat verdachte geen schriftuur houdende grieven heeft ingediend, verdachte ex art. 416.2 Sv n-o verklaard in het h.b. De inhoud van de aan de cassatieschriftuur gehechte kopieën biedt even
Betekening appeldagvaarding. Het middel faalt bij gebrek aan feitelijke grondslag.
Zaak FELIX. Het hof veroordeelt de verdachte terzake van het medeplegen van overtreding van artikel 3 onder B van de Opiumwet (leveringen van hennepplanten) en het witwassen van 2 horloges (Cartier, Rolex) tot een gevangenisstraf voor de duur van 192 dagen. Ontslag van alle recht
Zaak Millecam. 1. Bewijsklacht opzet. 2. Toerekenen letsel aan handelen en nalaten van verdachte; artt. 40 Wet BIG, 7:453 BW. Ad 1. Het Hof heeft vastgesteld dat verdachte t.t.v. het tenlastegelegde als arts was ingeschreven in het krachtens de Wet op de beroepen in de individuel
In de Klimop-zaken heeft het hof uitspraak gedaan over de verzoeken tot het horen van getuigen en andere onderzoekswensen.
In de Klimop-zaken heeft het hof uitspraak gedaan over de verzoeken tot het horen van getuigen en andere onderzoekswensen.
In de Klimop-zaken heeft het hof uitspraak gedaan over de verzoeken tot het horen van getuigen en andere onderzoekswensen.
HR: art. 81.1 RO.
Vervolg op HR LJN BJ6949. Getuigenverzoek na terugwijzing HR. HR herhaalt HR LJN BL3964 m.b.t. de niet-toepasselijkheid van de artt. 410.3, 414.2 tweede volzin en 418.3 Sv en de toepasselijkheid van de artt. 263, 264 en 418.2 Sv in de procedure na terugwijzing. Het Hof heeft na t
1. Afwijzing getuigenverzoek. 2. Falende bewijsklacht. Ad 1. ’s Hof afwijzende oordeel t.a.v. het verzoek tot het horen van de reeds bij appelschriftuur opgegeven getuige is toereikend gemotiveerd, mede in aanmerking genomen dat namens verdachte omtrent de relevantie van het hore
HR: 81 RO. Conclusie AG: anders.
HR: 81 RO
Jeugdzaak. Cautie. Art. 29.2 Sv en art. 359a Sv. Art. 29.2 Sv beoogt de verdachte te behoeden tegen ongewilde medewerking aan zijn eigen veroordeling. Ingevolge die bepaling dient de verdachte voor zijn verhoor te worden medegedeeld, dat hij niet verplicht is tot antwoorden. Indi
OM-cassatie. Jeugdzaak. Art. 410 Sv. De HR herhaalt de toepasselijke overweging uit HR NJ 1998/287 dat in h.b. in e.a. begane verzuimen en vergissingen kunnen worden hersteld, en nader bekend geworden gegevens bij het onderzoek kunnen worden betrokken. Dit brengt mee dat het aan
Zonder instemming van verdachte horen van getuigen door één van de leden van het Hof als Rh-C die nadien aan het onderzoek ttz. heeft deelgenomen. Art. 316.2 Sv. Redelijke wetsuitleg van art. 316.2 Sv - dat ook in h.b. toepasselijk is - brengt mee dat de daar genoemde instemming
1. Art. 515.5 en 518.3 Sv. 2. Slagende bewijsklacht. Ad 1. Tegen een beslissing op een verzoek tot wraking dan wel verschoning staat geen rechtsmiddel open, terwijl i.h.k.v. een cassatieberoep tegen een einduitspraak niet met vrucht kan worden opgekomen tegen zodanige beslissinge
Getuigenverzoek, maatstaf. In art. 410.3 Sv jo. art. 263.2 Sv ligt als vereiste besloten dat de daar bedoelde opgave van getuigen of deskundigen voldoende stellig en duidelijk als zodanig in de appelschriftuur moet zijn vermeld. De beoordeling van de vraag of een appelschriftuur
Falende bewijsklacht.