Medeplegen van voorbereidingshandelingen m.b.t. invoer cocaïne (art. 10.5 Opiumwet) en het voorhanden hebben van een revolver (art. 26.1 WWM). 1. Motivering afwijzing getuigenverzoek en 2. Motiveringsklacht welke ‘andere hand-of spandiensten’ verdachte zou hebben verricht ten ein
Wetboek van Strafvordering
Art. 410 Sv
Genoemd in 415 uitspraken · Officiële wettekst
415 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 10 · live
verdachte, een oud-voetbaltrainer, wordt veroordeeld voor het aanranden van een 18-jarige jongen tot een gevangenisstraf van 8 weken waarvan 4 weken voorwaardelijk.
Conclusie AG. Moord in Molenschot. Middelen m.b.t. 1. afwijzing verzoek horen humanistisch geestelijk verzorger PI, 2. voorbedachte raad en 3. oordeel hof dat overschrijding redelijke termijn in h.b. geen aanleiding geeft tot strafvermindering. Ambtshalve opmerking AG over door h
De verdachte heeft meermaals nagelaten om cliëntenonderzoek te verrichten op de wijze zoals voorgeschreven in artikel 3 Wwft. Het hof verklaart de verdachte hiervoor schuldig zonder oplegging van straf. Nu de schending van de in artikel 3 van de wet neergelegde verplichting tot c
Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep.
Schriftuur kan niet kan worden aangemerkt als een schriftuur als bedoeld in artikel 410, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering. De aanvullende schriftuur is te laat ingediend. Het hof is van oordeel dat de omstandigheid dat de schriftuur niet tijdig is ingediend in deze
Conclusie AG. Beleggingsfraude. Het eerste middel is gericht tegen de (on)voorzienbaarheid van de straf(eis) en het bij de strafoplegging betrokken uitgangspunt dat bij soortgelijke ernstige feiten een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vijf jaar op zijn plaats is. Tweede midd
Conclusie AG. Ontvankelijkheid van de verdachte in hoger beroep, art. 410 jo. 416 Sv. Had het hof de door de verdachte aan een griffiemedewerker gegeven machtiging tot het instellen van hoger beroep tevens moeten opvatten als een schriftuur houdende grieven als bedoeld in art. 41
Mega Vandros. Beslissingen op onderzoekswensen. 1. Niet-ontvankelijkheid appel verdachte tegen vrijspraak cumulatief tenlastegelegde feiten. 2. Beoordeling getuigenverzoeken met oog voor buitengewone omvang onderzoek en wijze waarop zich dat heeft ontplooid. 3. Verzoek benoemen,
Conclusie AG. Had de fax van de raadsman van de verdachte, gericht aan het hof en inhoudende “Het hoger beroep is gericht tegen de bewezenverklaring en de strafmaat” moeten worden opgevat als een schriftuur i.d.z.v. art. 410 jo. 416 Sv? De concliusie strekt tot vernietiging van h
Conclusie AG. Art. 47 en 420 ter Sr. 1 Falende klachten over de afwijzing van de bij tijdig ingediende appelschriftuur gedane en ter terechtzitting herhaalde getuigenverzoeken. 2. Falende bewijsklacht medeplegen gewoontewitwassen. Strekt tot verwerping.
Conclusie AG. Motivering afwijzing getuigenverzoek(en). Slagende klacht dat het hof het bij tijdig ingediende appelschriftuur gedane en ter terechtzitting herhaalde getuigenverzoek niet begrijpelijk heeft afgewezen. Ook de klacht over de motivering van de afwijzing van het ter te
Diefstal d.m.v. valse sleutel (art. 311.1.5. Sr) door het vertrouwen te winnen van een oudere dementere vrouw en haar pasje en pincode te gebruiken voor het pinnen van o.a. een groot geldbedrag. Middel over afwijzing horen aangeefster als getuige. HR: art 81.1 RO. HR ambtshalve:
N-o verklaring in h.b. ex art. 416.2 Sv. Is namens verdachte tijdig schriftuur houdende grieven ingediend? HR: Op redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Appelschriftuur van raadsman (faxbericht), verzendoverzicht waaruit succesvolle verzending daarvan naar strafgriffie Rb kan
Conclusie P-G. Fiscale strafzaak. De beoordeling van de vraag of een appelschriftuur een opgave van getuigen in de zin van art. 410, derde lid, Sv bevat, is aan het hof. Zijn oordeel dienaangaande kan als steunend op een aan de feitenrechter voorbehouden uitleg der gedingstukken,
Conclusie AG over de ontvankelijkheid van het hoger beroep op grond van art. 416, tweede lid, Sv. Bevat de inhoud van de handgeschreven brief van de verdachte ‘grieven’ tegen het vonnis als bedoeld in art. 416, tweede lid, Sv? De AG adviseert de bestreden uitspraak te vernietigen
De verdachte heeft zich in de nacht, samen met een ander, schuldig gemaakt aan een poging tot woninginbraak. Het hof veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 maanden met aftrek van voorarrest.
Opzettelijk mondeling zich jegens een persoon uiten, kennelijk om diens vrijheid om een verklaring naar waarheid of geweten ten overstaan van een ambtenaar af te leggen te beïnvloeden, terwijl hij weet of ernstige reden heeft te vermoeden dat die verklaring zal worden afgelegd
Conclusie AG in zaak 'neparts' over (1) verwerping verzoek horen getuigen in China, (2) oplichting en stelling dat i.c. 'dwaasheid niet wordt beschermd', (3) witwassen en het (jurisprudentieel) onderscheid tussen lid 1a en lid 1b van art. 420bis Sr en (4) de bij de strafopleggin
Antilliaanse zaak. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt ex art. 359.2 Sv m.b.t. betrouwbaarheid van fotoconfrontatie? Het Wetboek van Strafvordering BES bevat geen verplichting ex art. 395, tweede lid, Sv Europese deel van het Koninkrijk. Wetsvoorstel dat daarin beoogt te voorzien
Conclusie plv. AG. Art. 6 EVRM. Klachten inzake a) het gebruik van belastende verklaringen van niet door de verdediging gehoorde getuigen, waarop volgens het middel de bewezenverklaring in beslissende mate is gebaseerd en b) de afwijzing van een voorwaardelijk verzoek tot het hor
Medeplegen moord in vakantiewoning op camping in Ewijk door met vuurwapen kogel af te vuren op ander (art. 289 Sr) en medeplichtigheid aan medeplegen opzettelijke brandstichting auto waarin stoffelijk overschot lag (art. 157.1 Sr). 1. Namens OM is in strijd met art. 410.1 Sv geen
Belaging, art. 285b.1 Sr. Hof heeft verdachte ex art. 416.2 Sv n-o verklaard in zijn h.b., omdat hij niet een schriftuur met grieven tegen vonnis Pr heeft ingediend. Aan cassatieschriftuur gehechte appelmemorie bevindt zich niet bij stukken. HR: Op de gronden die zijn vermeld in
Conclusie plv. AG. 2 middelen. Zaak ‘Condor’. Falende klachten inzake UOS t.a.v. n-o OM en verwerping getuigenverzoeken. Strekt tot verwerping. Samenhang met 17/02519 en 17/04919 (Peek).
Conclusie AG over 1. Bewezenverklaring plaats misdrijf (witwassen), bestanddeel ‘omzetten’; 2. Reactie uos; en 3. Afwijzing voorwaardelijk verzoek horen getuige i.v.m. aan getuige toekomend verschoningsrecht. De AG stelt voor dat de Hoge Raad het beroep in cassatie zal verwerpen.