Niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie
Wetboek van Strafvordering
Art. 410 Sv
Genoemd in 415 uitspraken · Officiële wettekst
415 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Mega Zeeslag – vrijspraak. Niet bewezen dat opzettelijk onjuiste aangiften vennootschapsbelasting zijn gedaan en dat een valse overeenkomst is opgemaakt. Dat de ontwikkelmaatschappij kosten van het inbouwpakket voor het kantoorgebouw heeft betaald, was niet onzakelijk. Voor overs
Conclusie AG. Had de stelbrief van de raadsman van de verdachte moeten worden aangemerkt als een schriftuur houdende grieven? Conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. rijden terwijl hij wist dat zijn rijbewijs was geschorst, art. 9.5 WVW 1994. Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 432.1.a Sv. Had cassatieberoep binnen 14-dagen na verstekuitspraak hof moeten worden ingesteld, nu dagvaarding in hoger beroep v
Openbaar ministerie niet-ontvankelijk i.v.m. te laat indienen appelschriftuur.
ADM-terrein. OM-appel. Te late indiening appelschriftuur OM. Hoewel sprake is van een geringe termijnoverschrijding, stelt het hof het belang van het ingestelde hoger beroep in dit geval niet boven het belang van de sanctionering van dit verzuim.
ADM-terrein. OM-appel. Te late indiening appelschriftuur OM. Hoewel sprake is van een geringe termijnoverschrijding, stelt het hof het belang van het ingestelde hoger beroep in dit geval niet boven het belang van de sanctionering van dit verzuim.
ADM-terrein. OM-appel. Te late indiening appelschriftuur OM. Hoewel sprake is van een geringe termijnoverschrijding, stelt het hof het belang van het ingestelde hoger beroep in dit geval niet boven het belang van de sanctionering van dit verzuim.
ADM-terrein. OM-appel. Te late indiening appelschriftuur OM. Hoewel sprake is van een geringe termijnoverschrijding, stelt het hof het belang van het ingestelde hoger beroep in dit geval niet boven het belang van de sanctionering van dit verzuim.
ADM-terrein. OM-appel. Te late indiening appelschriftuur OM. Hoewel sprake is van een geringe termijnoverschrijding, stelt het hof het belang van het ingestelde hoger beroep in dit geval niet boven het belang van de sanctionering van dit verzuim.
ADM-terrein. OM-appel. Te late indiening appelschriftuur OM. Hoewel sprake is van een geringe termijnoverschrijding, stelt het hof het belang van het ingestelde hoger beroep in dit geval niet boven het belang van de sanctionering van dit verzuim.
Medeplegen vervaardigen van amfetamine (art. 47 Sr jo. 2.D Opiumwet). Middelen over het verzuim te beslissen op het (voorwaardelijk) verzoek om getuige(-deskundige) te horen, afwijzen verzoek om medeverdachten als getuige te horen en een beroep op niet-ontvankelijkheid OM gelet o
tussenarrest, de officier van justitie kan in het hoger beroep worden ontvangen, aanhouding voor onbepaalde tijd.
Openbaar ministerie niet-ontvankelijk in het hoger beroep wegens te laat indienen van een schriftuur in de zin van 410 Sv.
Conclusie AG. Gewoontewitwassen, art. 420ter Sr. Middelen over (1) het oordeel van het hof dat opsomming van elf met naam genoemde getuigen in appelschriftuur niet kan worden opgevat als een opgave van getuigen als bedoeld in art. 410, derde lid, Sv, zodat deze getuigen niet kunn
Conclusie AG. Profijtontneming, w.v.v. uit andere strafbare feiten als bedoeld in art. 36e, derde lid, Sr. Maatstaf voor afwijzing getuigenverzoek. Middel over het oordeel van het hof dat opsomming van elf met naam genoemde getuigen in appelschriftuur niet kan worden opgevat als
Medeplegen van voorbereidingshandelingen m.b.t. invoer cocaïne (art. 10.5 Opiumwet) en het voorhanden hebben van een revolver (art. 26.1 WWM). 1. Motivering afwijzing getuigenverzoek en 2. Motiveringsklacht welke ‘andere hand-of spandiensten’ verdachte zou hebben verricht ten ein
De verdachte heeft meermaals nagelaten om cliëntenonderzoek te verrichten op de wijze zoals voorgeschreven in artikel 3 Wwft. Het hof verklaart de verdachte hiervoor schuldig zonder oplegging van straf. Nu de schending van de in artikel 3 van de wet neergelegde verplichting tot c
Schriftuur kan niet kan worden aangemerkt als een schriftuur als bedoeld in artikel 410, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering. De aanvullende schriftuur is te laat ingediend. Het hof is van oordeel dat de omstandigheid dat de schriftuur niet tijdig is ingediend in deze
Conclusie AG. Ontvankelijkheid van de verdachte in hoger beroep, art. 410 jo. 416 Sv. Had het hof de door de verdachte aan een griffiemedewerker gegeven machtiging tot het instellen van hoger beroep tevens moeten opvatten als een schriftuur houdende grieven als bedoeld in art. 41
Conclusie AG. Had de fax van de raadsman van de verdachte, gericht aan het hof en inhoudende “Het hoger beroep is gericht tegen de bewezenverklaring en de strafmaat” moeten worden opgevat als een schriftuur i.d.z.v. art. 410 jo. 416 Sv? De concliusie strekt tot vernietiging van h
N-o verklaring in h.b. ex art. 416.2 Sv. Is namens verdachte tijdig schriftuur houdende grieven ingediend? HR: Op redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Appelschriftuur van raadsman (faxbericht), verzendoverzicht waaruit succesvolle verzending daarvan naar strafgriffie Rb kan
Conclusie AG over de ontvankelijkheid van het hoger beroep op grond van art. 416, tweede lid, Sv. Bevat de inhoud van de handgeschreven brief van de verdachte ‘grieven’ tegen het vonnis als bedoeld in art. 416, tweede lid, Sv? De AG adviseert de bestreden uitspraak te vernietigen
De verdachte heeft zich in de nacht, samen met een ander, schuldig gemaakt aan een poging tot woninginbraak. Het hof veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 maanden met aftrek van voorarrest.
Antilliaanse zaak. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt ex art. 359.2 Sv m.b.t. betrouwbaarheid van fotoconfrontatie? Het Wetboek van Strafvordering BES bevat geen verplichting ex art. 395, tweede lid, Sv Europese deel van het Koninkrijk. Wetsvoorstel dat daarin beoogt te voorzien