Militaire zaak. 1. Ontvankelijkheid OM. 2. Art. 6 EVRM vanwege, onthouden mogelijkheid tegenonderzoek. Ad 1. De klacht dat niet is voldaan aan het motiveringsvoorschrift van art. 359.2, tweede volzin, Sv stuit af op de omstandigheid dat het hier een verweer betreft a.b.i. art. 35
Wetboek van Strafvordering
Art. 358 Sv
Genoemd in 373 uitspraken · Officiële wettekst
373 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Noodweer(exces). Voor zover het middel klaagt dat niet is voldaan aan het motiveringsvoorschrift van art. 359.2, tweede volzin, Sv miskent het dat het beroep op noodweer(exces) een verweer betreft waarop ex art. 358.3 Sv bepaaldelijk moet worden beslist. Voor die beslissing geldt
OM-cassatie. Grondslagverlating? Art. 240b.1 Sr, “afbeelding van een seksuele gedraging”. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AQ3710 m.b.t. het onvoldoende feitelijke betekenis hebben van de term “afbeelding van een seksuele gedraging” en het voor de “opgave van het fei
O.g.v. art. 358.4 Sv behoeven slechts die wettelijke voorschriften te worden vermeld die de toegepaste verbods- en strafbepalingen inhouden en de onmiddellijke grondslag der veroordeling uitmaken. Indien de veroordeling is gebaseerd op art. 312 dan wel 311, behoeft art. 310 Sr ni
Art. 359.3 Sv. Uit de bewoordingen van art. 359.3 Sv volgt dat deze bepaling in ieder geval geen toepassing kan vinden indien door of namens verdachte t.t.z. vrijspraak is bepleit. In die bepaling wordt niet onderscheiden naar de grond waarop die vrijspraak is bepleit. ’s Hofs oo
Preliminair verweer. 1. Vzv. het middel de klacht bevat dat ’s Hofs motivering niet voldoet aan het in art. 359.2 2e volzin Sv gegeven motiveringsvoorschrift t.a.v. uitdrukkelijk onderbouwde standpunten, stuit het af op de omstandigheid dat het hier een verweer betreft a.b.i. art
Art. 359.2 Sv. HR herhaalt de algemene beschouwingen uit HR LJN AU9130. De pleitnotities houden een uitvoerige opsomming in van argumenten op grond waarvan de gewraakte getuigenverklaringen als onbetrouwbaar aangemerkt moeten worden. In het middel wordt echter niet met voldoende
Conclusie AG. Middelen over oordeel hof m.b.t. bewijsminimum ex art. 342 lid 2 Sv en betrouwbaarheid van verklaringen van aangeefster. Middel over de bevestiging door hof van vonnis rb en de daarin gegeven redenen om voorbij te gaan aan uos, zonder dat hof deze redenen aanvult i.
Conclusie AG. Betekeningsperikelen. Dagvaarding is toegezonden aan het van verdachte bekende (inschrijf)adres in België. Ontbreekt de postcode en, zo ja, is dat van belang? Volgens AG is de appeldagvaarding rechtsgeldig aan verdachte betekend. Conclusie strekt tot verwerping.
De Staat handelt niet onrechtmatig door eiser geen gratie te verlenen ter zake van een strafbaar feit dat was verjaard ten tijde van het wijzen van arrest door de Hoge Raad. In dat arrest was ambtshalve cassatie wegens verjaring achterwege gebleven.
Conclusie AG. Beleggingsfraude in concernverband. Feitelijke leidinggeven aan verduistering en gewoontewitwassen. Klachten van de verdachte met betrekking tot onder meer (1) de verenigbaarheid met art. 326 Sv van het gebruik van een gemeenschappelijk of verzamelproces-verbaal in
Conclusie AG. Beroep op psychische overmacht. Slagende klacht over het ontbreken van een uitdrukkelijke beslissing.
Medeplegen gewoonteheling (art. 417 jo. 416.1.a Sr) en deelneming aan criminele organisatie (art. 140.1 Sr) door samen met zijn broer op zeer grote schaal en in georganiseerd verband uit bedrijfsbusjes gestolen gereedschappen te verkopen. 1. Nietigheid dagvaarding t.a.v. deelnemi
Conclusie AG. Recidiveregeling van art. 123b WVW 1994. Besproken worden de vragen: 1. Is er in geval van dwingend voorgeschreven verlies van geldigheid van het rijbewijs in de in art. 123b WVW 1994 bepaalde gevallen sprake van een criminal charge? 2. Zo ja is deze regeling in str
Conclusie plv. AG. WOTS-zaak. Falende klachten inzake strafmotivering en verzuim een toepasselijke wetsbepaling te vermelden. Strekt tot verwerping van het beroep.
Medeplegen van feitelijke leiding geven aan het door rechtspersoon opzettelijk i) doen van onjuiste en/of onvolledige aangifte omzetbelasting, art. 68.1.a AWR en ii) niet doen van aangifte vennootschapsbelasting, art. 69.1 AWR en medeplegen van feitelijke leiding geven aan het do
CAG. Zgn. beleggingen in incassoportefeuilles. Oplichting en valsheid in geschrift, art. 225 Sr. Middelen over bevestigen/vernietigen en kwalificatie falen. Overweging over opzet op valsheid in geschrift omdat verdachte niet alleen had kunnen maar ook moeten zien dat de werkgever
Conclusie AG. Onaangelijnd los laten lopen van American Staffordshires. 1. Gevaarlijk dier, art. 425 Sr. 2. Beschadiging van een andere hond, art. 350 Sr. Voorwaardelijk opzet.
Slagende klacht m.b.t. verwerping verweer n-o OM. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2012:BX4280. Het Hof heeft zijn oordeel dat de OvJ “kon en mocht” komen tot de beslissing de verdachte een transactie aan te bieden alsmede dat de omstandigheid dat het transactieb
Economische zaak. HR: 81.1 RO + strafvermindering wegens overschrijding redelijke termijn.
Begunstiging. Art. 189.1.3 Sr. Eigenaar discotheek wist filmbeelden geweldsdelict waarbij zijn portiers betrokken zijn. 1. Voorwerpen i.d.z.v. art. 189.1.3 Sr. 2. Exceptie art. 189.3 Sr. Ad 1. De opvatting dat onder “voorwerpen die kunnen dienen om de waarheid aan de dag te breng
Witwassen, artt. 420bis en 420quater Sr. HR herhaalt HR LJN BM4440 m.b.t. het witwassen van een door verdachte zelf begaan misdrijf en voegt daar ter verduidelijking aan toe: Met deze rechtspraak wordt mede beoogd te voorkomen dat een verdachte die een bepaald misdrijf heeft bega
HR: art. 81 RO.
Uos. T.a.v. een verweer a.b.i. art. 358.3 Sv geldt het motiveringsvoorschrift van art. 359.2 eerste volzin Sv .
Zaak Willem H. 1. Beroep op ontbreken van onpartijdigheid rechter, art. 6.1 EVRM. 2. Uitlatingen vz. van de Rb verenigbaar met art. 6.1-2 EVRM? 3. Uitsluiten getuigenverklaringen voor het bewijs. 4. (Afgeleid) verschoningsrecht? Uitsluiten getuigenverklaring van de secretaresse v