In de strafzaak MH17 spreekt de rechtbank één verdachte vrij en veroordeelt zij drie verdachten tot een levenslange gevangenisstraf. Het vonnis gaat uitgebreid in op de ontvankelijkheid van de officier van justitie. Dat bevat de vraag van rechtsmacht vanwege een buiten Nederland
Wetboek van Strafvordering
Art. 348 Sv
Genoemd in 196 uitspraken · Officiële wettekst
196 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
In de strafzaak MH17 spreekt de rechtbank één verdachte vrij en veroordeelt zij drie verdachten tot een levenslange gevangenisstraf. Het vonnis gaat uitgebreid in op de ontvankelijkheid van de officier van justitie. Dat bevat de vraag van rechtsmacht vanwege een buiten Nederland
In de strafzaak MH17 spreekt de rechtbank één verdachte vrij en veroordeelt zij drie verdachten tot een levenslange gevangenisstraf. Het vonnis gaat uitgebreid in op de ontvankelijkheid van de officier van justitie. Dat bevat de vraag van rechtsmacht vanwege een buiten Nederland
Aanvullende conclusie AG op ECLI:NL:PHR:2022:333 n.a.v. HR 7 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:801 i.v.m. bespreking resterende middelen. Artt. 149a, 149b, 315 en 415 Sv. Falende klachten over afgewezen verzoeken tot voeging van stukken aan dossier en horen getuigen (M3) en terechte kla
Het ontbreken van een veroordeling wegens een strafbaar feit staat de ontvankelijkheid van een ontnemingsvordering in de weg. De officier van justitie is niet-ontvankelijk in de vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
Officier van justitie ontvankelijk in de vervolging van verdachte (art. 54a Sr oud/125p Sv nieuw). Terugwijzing naar de rechtbank. In het geval een telecommunicatiedienstverlener wordt verdacht van medeplichtigheid aan verboden handelingen van zijn klanten, is het niet altijd ver
De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich in vereniging schuldig heeft gemaakt aan een bedreiging door te schieten naar twee verbalisanten die in hun dienstvoertuig zaten. Daarnaast wordt bewezen verklaard dat verdachte, met anderen, vuurwapens en munitie
Verzoek ex art. 530 Sv na beleidssepot: geen gronden van billijkheid. Alleen vergoeding verzoekschriftprocedure.
rekestenprocedure, geen gronden van billijkheid om tot vergoeding over te gaan voor de verzochte vergoeding ex 533 Sv gelet op de verklaring van verzoekster
Conclusie AG. Afpersing (art. 317 Sr). Heeft hof ten onrechte met toepassing van art. 423.1 Sv het vonnis deels bevestigd, nu dat vonnis mede is gewezen door een rechter die niet heeft deelgenomen aan het o.t.tz. waar de zaak inhoudelijk is behandeld? O.g.v. art 350 Sv en 365.1 S
Het hof spreekt de verdachte vrij van de tenlastegelegde verkrachting. Het hof is van oordeel dat de verklaringen van aangeefster niet robuust genoeg kunnen worden geacht daar waar het de kern van het verwijt aan de verdachte betreft, en is voorts van oordeel dat het in deze zaak
rekestenprocedure hoger beroep, in de genoemde omstandigheden -uitgaande van de onschuld van appellant- ziet het hof onvoldoende grond voor matiging of afwijzing van een vergoeding voor ondergane detentie, hoger beroep gegrond
artikel 533 Sv - gronden van billijkheid
533 Sv, dat gronden van billijkheid voor het toekennen van een schadevergoeding ontbreken omdat “geen sprake is van een zaak die onmiskenbaar zou hebben geleid tot het niet opleggen van een straf of maatregel” geeft blijk van een onjuiste maatstaf
Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van drie accountants. Onduidelijkheid over niet doorgaan transactie en onduidelijkheid of bij de daaropvolgende besluitvorming omtrent vervolging een juiste en redelijke belangenafweging is gemaakt door een daartoe
Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van drie accountants. Onduidelijkheid over niet doorgaan transactie en onduidelijkheid of bij de daaropvolgende besluitvorming omtrent vervolging een juiste en redelijke belangenafweging is gemaakt door een daartoe
Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van drie accountants. Onduidelijkheid over niet doorgaan transactie en onduidelijkheid of bij de daaropvolgende besluitvorming omtrent vervolging een juiste en redelijke belangenafweging is gemaakt door een daartoe
art. 530 Sv - onschuldpresumptie - eigen verklaring
Artikel 12 Sv-klacht. Klager verzoekt om vervolging voor een zwaardere strafbaarstelling (artikel 6 WVW 1994) dan het delict dat door de officier van justitie is tenlastegelegd (artikel 5 WVW 1994). Een dergelijke klacht is wel mogelijk, maar niet meer wanneer het onderzoek ter t
art 530 Sv - mediation
art 530 Sv - gronden van billijkheid
art 530 Sv - gronden van billijkheid
Verdachte n-o in h.b. nu OvJ en verdachte afstand hebben gedaan van het instellen van rechtsmiddelen bij de Pr. Middelen over het ontbreken van de zittingsaantekeningen van de griffier bij afwezigheid van een p-v van de ttz van de Pr, de afwijzing van het verzoek een meegebrachte
Conclusie AG. Beleggingsfraude in concernverband. Feitelijke leiding geven aan verduistering en gewoontewitwassen. Klachten met betrekking tot (1) het bewijs van feitelijke leidinggeven en (2) de kwalificatieuitsluitingsgrond bij witwassen ten aanzien van uit eigen misdrijf verkr
Conclusie AG. Kernroljurisprudentie. Art. 423.2 Sv. Raadsman te laat voor zitting politierechter. Verzoek raadsman om de zaak tijdens die zitting op een later moment te behandelen dan wel tot aanhouding naar een volgende zitting afgewezen. Heeft het hof het verzoek tot terugwijzi