De bewijsoverwegingen van het Hof houden o.m. in dat de verbalisanten verdachte hebben herkend na de camerabeelden te hebben bekeken. Hetgeen de raadsman ter betwisting van de herkenningen door de verbalisanten heeft aangevoerd kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan als het v
Wetboek van Strafvordering
Art. 330 Sv
Genoemd in 252 uitspraken · Officiële wettekst
252 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Verzoek nader onderzoek ex. art. 330 Sv. De beslissing op een verzoek waarop de rechter ingevolge art. 330 Sv op straffe van nietigheid uitdrukkelijk een gemotiveerde beslissing moet geven, dient te zijn vervat in het verkorte vonnis of arrest, voor zover op het verzoek niet reed
Het middel klaagt terecht dat het Hof heeft verzuimd een beslissing te nemen op een voorwaardelijk verzoek van de verdediging tot het oproepen van een getuige. Dat verzuim heeft ingevolge art. 330 Sv jo. art. 415 Sv nietigheid tot gevolg.
1. Getuigenverzoek. 2. Bewijsverweer. Ad 1. Noch de p.v’s van de terechtzittingen noch het bestreden arrest houden beslissingen in op verzoeken tot het horen van getuigen als bedoeld in art. 315 jo. art. 328 Sv. Die verzuimen hebben nietigheid tot gevolg. Ad 2. Het Hof had in het
B.p. die is overleden na toewijzing van de vordering in 1e aanleg. 1. Vordering. 2. Schadevergoedingsmaatregel (s.v.m.). Ad 1. I.c. duurde de voeging ex art. 421.2 Sv van rechtswege voort zodat het Hof ex art. 361 Sv op de vordering diende te beslissen. De omstandigheid dat de b.
Het hof heeft verdachtes verklaring kennelijk niet opgevat als een beroep op psychische overmacht. Dat is niet onbegrijpelijk in aanmerking genomen dat verdachte ter terechtzitting in appel werd bijgestaan door een raadsman die, naar blijkt uit het zittings-pv en de daaraan gehec
Uitdrukkelijke beslissing op het verzoek tot horen getuigen i.c. niet vereist nu a) aan dat verzoek de voorwaarde was verbonden dat het hof i.v.m. het beoordelen van de betrouwbaarheid de noodzaak tot dat horen zou zien en b) het hof de verklaringen van deze getuigen bij de polit
-
-
Conclusie AG. Veroordeling voor o.m. medeplegen van poging tot moord en poging tot uitlokking van moord (art. 45, 46a, 47 en 289 Sr). M1: bewijsklacht poging tot uitlokking. M2: wettelijke grondslag strafoplegging. M3: rechts- en motiveringsklachten over (de verwerping van 359a-v
Onderzoek ‘Scherm’ en het bijbehorende procesdossier heeft betrekking op een proces rond de productie van versnijdingsmiddelen, de daarin figurerende personen, waaronder de verdachte, en de rollen die zij in dat proces vervulden. De verdachte heeft daarin een leidinggevende en aa
Arrest van gerechtshof Den Haag. Onderzoek ‘Scherm’ en het bijbehorende procesdossier heeft betrekking op een proces rond de productie van versnijdingsmiddelen, de daarin figurerende personen, waaronder de verdachte, en de rollen die zij in dat proces vervulden. De verdachte heef
De verdachte is ter zake van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III, meermalen gepleegd en handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het
Conclusie AG. Mishandeling. 4 middelen. Het eerste middel klaagt dat het hof heeft verzuimd te beslissen op een door de verdachte voorafgaand aan de zitting gedaan aanhoudingsverzoek. Het hof was hiertoe in het kader van art. 328 jo 331 jo 281 Sv niet gehouden omdat de reden voor
Conclusie AG. Profijtontneming. Middel met 2 deelklachten. Falende eerste deelklacht dat hof niet heeft beslist op getuigenverzoek. Slagende tweede deelklacht komt op tegen afwijzing van getuigenverzoek omdat onaannemelijk is dat getuige (medebetrokkene) binnen aanvaardbare tijd
Conclusie AG. Oplichting en witwassen. Falend middel over de afwijzing van een voorwaardelijk verzoek om handtekeningonderzoek. Tevens falend middel over de redengevendheid van een document. AG merkt ambtshalve op dat de redelijke termijn in cassatie is overschreden. De conclusie
Wrakingsverzoek ingediend tegen de rechters van de strafkamer naar aanleiding van gegeven tussenbeslissing. Wrakingsverzoek afgewezen, geen objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.
Conclusie AG. Verdachte niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep. M1 klaagt tevergeefs over juistheid en motivering van deze beslissing. M2 klaagt over verzuim te beslissen op verzoek om verbalisant te horen over uitreiking van mededeling uitspraak. Middel faalt, omdat in besl
Conclusie AG. M1) Falende klacht dat het hof de verdachte ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard in het door hem ingestelde hoger beroep. M2) Klacht dat het hof niet heeft beslist op het aanhoudingsverzoek, is terecht voorgesteld, maar behoeft niet tot cassatie te leiden
Conclusie AG. Mishandelingen van toenmalige vriendin (art. 300 Sr). Falende klachten over (i) afwijzing van voorwaardelijk verzoek tot opnieuw horen van aangeefster als getuige, (ii) verwerping van UOS/verweer over betrouwbaarheid van verklaringen van aangeefster en (iii) opleggi
-
Conclusie AG. Belaging (art. 285b Sr). Terbeschikkingstelling met dwangverpleging (art. 37a en 37b Sr). Middel klaagt terecht dat hof niet heeft gereageerd op (voorwaardelijk) verzoek dat gedaan is in het kader van de beslissing over de tbs. Volgens de AG leidt dat echter niet to
Conclusie AG. Afwijzing aanhoudingsverzoek is niet begrijpelijk gemotiveerd omdat (i) oordeel hof dat verdachte “eind augustus al op de hoogte was van de zitting” niet begrijpelijk is nu dagvaarding niet in persoon is uitgereikt en (ii) oordeel hof dat verdachte reeds in eerste a
Conclusie AG. Mishandeling begaan tegen een ambtenaar (art. 300.1 jo 304 Sr) en mishandeling, meermalen gepleegd (art. 300.1 Sr). 1. Noodweer. 2. Verzuim te beslissen op verzoek verdachte bij laatste woord. 3. Oplegging ISD-maatregel i.s.m. art. 38m.4 Sr. De conclusie strekt tot
Conclusie AG. Zware mishandeling (art. 302 Sr). 1. Heeft hof ten onrechte niet gerespondeerd op voorwaardelijke verzoeken? 2. Bewijsklacht zwaar lichamelijk letsel. 3. Motivering strafoplegging gevangenisstraf, art. 359.6 Sv. De conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden