Vuurwerkramp Enschede. 1. HR leest de bewezenverklaring en kwalificatie van feit 4 (toegesneden op art. 158.3 (oud) Sr) aldus verbeterd dat deze uitsluitend ziet op feitelijke leiding geven, nu de bewijsmiddelen niets inhouden omtrent het opdracht geven aan de bedoelde feiten. Ee
Wetboek van Strafvordering
Art. 330 Sv
Genoemd in 252 uitspraken · Officiële wettekst
252 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 10 · live
Heling hawalagelden. In de bewezenverklaring wordt met "hawala" gedoeld op een constructie die inhield dat, nadat uit handel in verdovende middelen verkregen gelden door een mededader in Engeland waren ontvangen, bedragen van diezelfde grootte door een andere mededader aan verdac
Middel dat klaagt over verwerping van het tot strafvermindering strekkende verweer wegens detentie onder het regime van de Tijdelijke wet noodcapaciteit drugskoeriers mist feitelijke grondslag aangezien het hof het beroep op strafvermindering heeft gehonoreerd.
In het verkorte vonnis of arrest moeten de beslissingen zijn opgenomen ten aanzien van op de terechtzitting door of namens de verdachte gedane verzoeken waarop de rechter op straffe van nietigheid gehouden is bepaaldelijk een beslissing te geven (in casu verzoek tot psychiatrisch
Eisen aan een ter terechtzitting gedaan verzoek tot nader onderzoek. De niet nader geadstrueerde suggestie dat er iets mis zou kunnen zijn met het aangetroffen dactyloscopisch spoor is geen voldoende onderbouwd verzoek tot nader onderzoek.
1. ’s Hofs oordeel dat manipulatie van telefoongesprekken niet aannemelijk is geworden, is niet onbegrijpelijk. 2. ’s Hofs beoordeling van de bruikbaarheid van de vertalingen van telefoontaps geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. 3. De schri
9 september 2003 Strafkamer nr. 00522/03 A LR/ABG Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 27 juni 2000, nummer H 068/2000, in de strafzaak tegen: [verdachte], g
1 april 2003 Strafkamer nr. 02550/02 U SCR/IK Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van de Rechtbank te Haarlem van 27 september 2002, nummer RK 02/472, op een verzoek van de Verenigde Staten van Amerika tot uitlevering van: [de opgeëiste
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Ontucht met stiefkind, meermalen gepleegd (art. 245 (oud) en 247 jo. 249.1 Sr). Verzuim hof om te beslissen op voorafgaand aan ttz. in hoger beroep gedaan en ttz. in h.b. herhaald verzoek tot aanpassing van reeds vastgesteld p-v van eerdere tz. in h.b. 1. Heeft dit verzuim ex art
-
-