Afwijzing door het Hof van het verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak vanwege deelname raadsman van verdachte aan landelijke staking van strafrechtadvocaten. HR herhaalt toepasselijke overweging uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1314. Uit ’s Hofs motivering van de afwijzing va
Wetboek van Strafvordering
Art. 328 Sv
Genoemd in 478 uitspraken · Officiële wettekst
478 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 15 · live
Afwijzing door het Hof van het verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak vanwege deelname raadsman van verdachte aan landelijke staking van strafrechtadvocaten. HR herhaalt toepasselijke overweging uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1314. Uit ’s Hofs motivering van de afwijzing va
Afwijzing door het Hof van het verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak vanwege deelname raadsvrouwe van verdachte aan landelijke staking van strafrechtadvocaten. HR herhaalt toepasselijke overweging uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1314. Uit ’s Hofs motivering van de afwijzing
Profijtontneming. Afwijzing door het Hof van het verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak vanwege deelname raadsvrouwe van betrokkene aan landelijke staking van strafrechtadvocaten. HR herhaalt toepasselijke overweging uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1314. Uit ’s Hofs motiveri
HR: art. 81.1 RO, ook t.a.v. de bewijsklacht van “door twee of meer verenigde personen” a.b.i. art. 312.2 onder 2° Sr.
Slagende middelen over afwijzing getuigenverzoeken. De afwijzing van de verzoeken tot het horen van getuigen door het Hof ttz. in h.b. en in de bestreden uitspraak - bij welke beslissingen het Hof steeds de juiste maatstaf heeft toegepast - is, gelet op hetgeen aan die verzoeken
Afwijzing getuigenverzoek. Het ttz. in h.b. door de raadsman gedane verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak voor het doen ondervragen van getuige X is een verzoek in de zin van art. 331.1, jo. art. 328 Sv om toepassing te geven aan art. 315 Sv. Die bepalingen zijn i
Afwijzing getuigenverzoek. Het ttz. in h.b. door de raadsman gedane verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak voor het doen ondervragen van getuige X is een verzoek in de zin van art. 331.1, jo. art. 328 Sv om toepassing te geven aan art. 315 Sv. Die bepalingen zijn i
Afwijzing getuigenverzoek. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2014:1496 omtrent de beoordeling van cassatieklachten over beslissingen inzake verzoeken tot het oproepen en horen van getuigen. De HR verstaat de afwijzing van het verzoek aldus dat het Hof heeft geoordeeld dat de noodzaak tot he
HR ambtshalve: gedeeltelijke verjaring feit 7. HR verklaart de OvJ in zoverre alsnog n-o in de vervolging. Voor vermindering van de opgelegde gevangenisstraf bestaat echter onvoldoende grond, aangezien de aard en de ernst van het bewezenverklaarde niet worden aangetast door bedoe
BTW-carrousel. Slagende bewijsklacht witwassen (criminele herkomst). CAG: anders.
BTW-carrousel. Slagende bewijsklachten bedrieglijke bankbreuk en witwassen (criminele herkomst). CAG: anders.
Grootschalige kinderpornografie, art. 240b Sr. HR formuleert uitgangspunten voor de strafrechtelijke beoordeling van het op grotere schaal voorhanden hebben van kinderporno en plaatst voor de praktijk enkele opmerkingen over de wijze van ten laste leggen in zaken als de onderhavi
HR: art. 81.1 RO.
HR: 81.1 RO + strafvermindering wegens overschrijding redelijke termijn.
Voorwaardelijk getuigenverzoek, art. 328 jo 331 en 415 Sv. Nu de aan het getuigenverzoek verbonden voorwaarde was vervuld, had het Hof uitdrukkelijk op het verzoek dienen te beslissen. Het verzuim daarop te beslissen heeft nietigheid tot gevolg.
HR: art. 81.1 RO.
Witwassen, art. 420bis Sr. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2013:150 m.b.t. verwerven en voorhanden hebben van voorwerpen verkregen uit eigen misdrijf. Deze rechtsregels hebben slechts betrekking op het geval dat verdachte voorwerpen heeft verworven of voorhanden heeft gehad, terwijl aanne
HR: art. 81.1 RO.
Getuigenverzoeken. 1. Het ttz. gedane verzoek tot het horen van de getuige X is een verzoek tot het horen van getuigen a.b.i. art. 315 i.v.m. art. 328 Sv, zodat een uitdrukkelijke beslissing op dit verzoek was vereist. Het p-v van de tz. in h.b. noch het bestreden arrest houdt ee
Het middel slaagt op de gronden vermeld in de CAG.
Herstelarrest. Foutieve vermelding van het verminderde ontnemingsbedrag als gevolg van de overschrijding van de redelijke termijn in cassatie a.b.i. art. 6.1 EVRM. De Hoge Raad verbetert deze misslag in het op 10 september 2013 in de zaak 11/02589P uitgesproken arrest.
Profijtontneming. Artt. 328, 331 en 415 Sv. Verzuim te beslissen op een voorwaardelijk getuigenverzoek. Nu de aan het verzoek verbonden voorwaarde was vervuld, had het Hof uitdrukkelijk op het verzoek dienen te beslissen. Dit verzuim heeft nietigheid tot gevolg.
Uitlevering. Aanhoudingsverzoek met het oog op het horen van getuigen. 1. De HR stelt voorop dat op de gronden vermeld in HR LJN BW2489, moet worden aangenomen dat het thans geldende art. 26.1 UW niet eraan in de weg staat dat de Rb de oproeping van getuigen of deskundigen kan ge
Puttense moordzaak II. 1. Verwerping verweer. 2. Salduz. 3. Herhaald verzoek horen deskundigen. 4. Samenloop. Ad 1. Indien de aan het verweer en middel ten grondslag liggende stellingen dat de in 1994 in de DNA-databank opgenomen sporendragers volgens de destijds geldende regels