Hoge Raad herijkt regels inzake overschrijding van de redelijke termijn. De HR acht het dienstig de uitgangspunten en regels over de inbreuk op het in art. 6.1 EVRM gewaarborgde recht van de verdachte op behandeling van zijn strafzaak binnen een redelijke termijn en het rechtsgev
Wetboek van Strafvordering
Art. 311 Sv
Genoemd in 309 uitspraken · Officiële wettekst
309 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Vormverzuimen, art. 359a Sv. Politiegeweld tijdens insluiting verdachte. Medeplegen gekwalificeerde diefstal, art. 311.1 Sr. 1. Beoordelingskader vormverzuimen. 2. Beroep op niet-ontvankelijkheid OM in vervolging. 3. Verweer strekkende tot strafvermindering. Ad 1. In aanvulling o
Overzichtsarrest HR over de toepassing van art. 80a RO. Vervolg op de overzichtsarresten van 11 september 2012.
Vormverzuimen, art. 359a Sv. Omzeilen van uitleveringsprocedure door aanhouding in Venezuela en uitzetting door Venezolaanse autoriteiten. Medeplegen voorbereidingshandelingen invoer cocaïne, art. 10a.1 Opiumwet. 1. Beoordelingskader vormverzuimen. 2. Beroep op niet-ontvankelijkh
Liquidatieproces Passage. Verdachte is veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf voor betrokkenheid bij zes moorden, twee pogingen tot moord (art. 289 Sr) en deelneming aan een criminele organisatie (art. 140.1 Sr). 1. Kroongetuigenregeling, art. 226g Sv en art. 44a Sr. 2. Vere
Openlijke geweldpleging (art. 141.1 Sr) en mishandeling (art. 300.1 Sr). Vordering b.p. en schadevergoedingsmaatregel (svm). HR stelt een en ander voorop m.b.t. vraag in welke gevallen middel dat klaagt over toewijzing vordering b.p. maar niet expliciet over oplegging svm voor he
Liquidatieproces Passage. Verdachte is veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf voor betrokkenheid bij twee moorden (art. 289 Sr), deelneming aan een criminele organisatie (art. 140.1 Sr) en bezit van valse reisdocumenten (art. 231.2 Sr). 1. Kroongetuigenregeling, art. 226g Sv
1. Beperking voeren woord tot verdediging. Art. 311, lid 2, Sv. 2. Herhalen inhoud pleitnota eerste aanleg en het op voorhand toesturen van de pleitnota in hoger beroep. Ad 1. HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR 23 maart 1993, ECLI:NL:HR:1993:ZC9251, inhoudende dat de r
Motivering hogere straf dan gevorderd. De wet waarbij art. 359.7 Sv is vervallen is op 1-1-05 in werking getreden en is van toepassing op zaken waarin het onderzoek ter terechtzitting na 1-1-05 is gesloten, zoals i.c. HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR NJ 2006, 393. In
Profijtontneming. 1. Motivering schatting w.v.v. Art. 359.3, 511f en 511g Sv. 2. Verwerping verweer m.b.t. het terugstorten van gelden aan de Vereniging van Eigenaren. 3. Oordeel Hof m.b.t. aanvangsmoment redelijke termijn. Ad. 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR
Profijtontneming. Kenbaar maken door de OvJ van zijn voornemen de vordering ex art. 36e Sr aanhangig te maken, art. 311.1 Sv. HR herhaalt HR LJN AK3574 en HR LJN BN2297 m.b.t. de in het geding zijnde rechtszekerheid en de door de rechter bij gebreke van de aankondiging te maken a
Profijtontneming. Verwerping verweer strekkende tot niet-ontvankelijkverklaring OM in de ontnemingsvordering. De HR herhaalt de toepasselijke overwegingen uit HR LJN AK3574. Het middel stelt de vraag aan de orde welk gevolg de rechter aan het verzuim, dat de OvJ bij gelegenheid v
Conclusie AG. Vormverzuimen in het voorbereidend onderzoek als bedoeld in art. 359a Sv. De AG wijdt algemene beschouwingen aan het beoordelingskader ter zake van art. 359a Sv (zie ook ECLI:NL:PHR:2020:655). Ingegaan wordt onder meer op de grondslagen voor toepassing van art. 359a
De enkele omstandigheid dat niet aannemelijk is geworden dat de betrokkene tijdig conform art. 311 lid 1 Sv bekend is geworden met het voornemen van de ovj om een ontnemingsvordering aanhangig te maken, leidt niet tot niet-ontvankelijkheid van de ovj in zijn ontnemingsvordering.
Conclusie AG. Vormverzuimen in het voorbereidend onderzoek als bedoeld in art. 359a Sv. De AG wijdt algemene beschouwingen aan het beoordelingskader ter zake van art. 359a Sv. Ingegaan wordt onder meer op de grondslagen voor toepassing van art. 359a Sv, de verhouding tussen de we
Onderbreking en beperking laatste woord art. 311.4 Sv. Het recht het laatst te spreken (art. 311, vierde lid, Sv) betekent dat de verdachte (of bij diens afwezigheid de raadsman) als laatste de gelegenheid krijgt nog aan te voeren wat dienstig kan zijn voor de beoordeling van de
Tegen verzoeker is een strafrechtelijk financieel onderzoek aanhangig. Geoordeeld dat de inbeslaggenomen voorwerpen nog steeds dienen tot bewaring van het recht tot verhaal voor een door de rechter op te leggen verplichting tot betaling van een geldbedrag aan de Staat ter ontnemi
Liquidatieproces Passage. Verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf jaren en zes maanden voor vier feiten m.b.t. het voorhanden hebben (art. 26.1 WWM), overdragen (art. 31.1 WWM) en zonder erkenning verhandelen (art. 9.1 WWM) van (vuur)wapens en munitie en van dit
1. Vordering b.p. verhoogd na requisitoir e.a. Art. 51g.1 en 51g.3 Sv, art. 311.1 Sv. 2. Toegewezen bedrag vordering b.p. hoger dan bedrag in bewezenverklaring. Ad 1. Uit art. 51g Sv volgt niet dat de tijdig in e.a. gevoegde b.p. de opgevoerde schadeposten gedurende de behandelin
-
Verdachte laatste woord. Uit het p-v van de terechtzitting in hoger beroep blijkt niet dat aan verdachte het recht is gelaten het laatst te spreken. Daarom moet het ervoor worden gehouden dat het in art. 311.4 Sv op straffe van nietigheid gegeven voorschrift niet in acht is genom
-
Conclusie AG. Liquidatieproces Passage. Verdachte is veroordeeld voor betrokkenheid bij meerdere moorden, een poging daartoe en deelneming aan een criminele organisatie. Art. 140 en 289 Sr. Middelen verdachte over o.m. uitleg en toepassing kroongetuigenregeling art. 226g e.v. Sv
Laatste woord verdachte. Uit het p-v van de tz. in h.b. blijkt niet dat aan verdachte het recht is gelaten het laatst te spreken. Daarom moet het ervoor worden gehouden dat het in art. 311.4 Sv op straffe van nietigheid gegeven voorschrift niet in acht is genomen.
-