OM-cassatie. 1. “In strijd met zijn plicht” ex art. 363 Sr. 2. Poging tot oplichting. Een milieu-inspecteur deelt aan betrokkene mee dat aan hem een dwangsom en/of boete is opgelegd (hetgeen in strijd is met de waarheid) maar dat hij, de milieu-inspecteur, tegen betaling kan zorg
Wetboek van Strafrecht
Art. 326 Sr
Genoemd in 817 uitspraken · Officiële wettekst
817 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 32 · live
1. Vermelding toepasselijke wetsbepalingen voor uitlevering. 2. Vermelding feiten waarvoor uitlevering kan worden toegestaan. Ad 1. De bestreden uitspraak houdt als de in art. 28.3 UW voorgeschreven vermelding van de toepasselijke wetsbepalingen in: “de artikelen 57, 140, 225 en
326 Sr; eetpiraat. Verdachte heeft een groot aantal keren bij restaurants en cafés gedronken en/of gegeten zonder na afloop de rekening te betalen. Hierdoor heeft verdachte een groot aantal ondernemers niet alleen financieel gedupeerd en hun vertrouwen geschaad, maar ook heeft ve
Overschrijding van de redelijke termijn in eerste aanleg kan onder omstandigheden worden gecompenseerd door een voortvarende appèlbehandeling. Of zodanige compensatie kan worden aangenomen is afhankelijk van de omstandigheden van het geval, meer i.h.b. ook van de mate waarin die
Verdachte, die al vele jaren binnen Ahold en haar dochters werkzaam was en in die zin mede beeldbepalend was voor het concern, heeft in zijn functie als lid van de Raad van Bestuur van Ahold, door de bewezen geachte gedragingen het vertrouwen geschonden dat in hem werd gesteld.
Verdachte, die uit hoofde van zijn functie van CEO en de invulling die hij daaraan gaf beeldbepalend was voor Ahold, heeft door de bewezen geachte gedragingen in ernstige mate het vertrouwen geschonden dat in hem werd gesteld.
Verdachte, die uit hoofde van zijn functie van CFO in een periode waarin Ahold een zeer sterke groei doormaakte en internationaal mede toonaangevend werd voor de branche van Ahold van groot belang was, heeft door de bewezen geachte gedragingen in ernstige mate het vertrouwen gesc
1. Oplichting; a. listige kunstgrepen; b. valse naam. 2. Oogmerk criminele organisatie; a. oplichten van personen toereikend gemotiveerd; b. opzetheling ontoereikend gemotiveerd; vernietiging met terugwijzing. Ad 1a. Aangaande listige kunstgrepen eist de wet niet meer dan dat het
Het hof is van oordeel dat de strekking van enerzijds het economische delict art. 82, eerste lid, Wtk 1992 en anderzijds de commune delicten art. 326 en 321 Sr verschillend is. Hieraan doet niet af dat in beide gevallen het motief speelt van bescherming van crediteuren, nu dit mo
Het verweer, strekkende tot niet-ontvankelijkheid van de OvJ in zijn appèl omdat hij geen appèlmemorie had ingediend, verwierp het hof. ‘s Hofs oordeel dat art. 410.1 Sv de bevoegdheid en niet de plicht inhoudt een appèlschriftuur in te dienen is juist.
Geen responsieplicht t.a.v. overgelegd maar niet voorgedragen stuk. Geen rechtsregel verplicht de rechter te beslissen omtrent enig door verdachte schriftelijk gevoerd verweer, dat niet door of namens verdachte ter terechtzitting uitdrukkelijk is voorgedragen. Dit vereiste van ui
Herziening
Vervolging t.z.v. oplichting van vrouw die haar partner (X) onder meer een huwelijk in het vooruitzicht stelde. 1. Art. 14 EVRM noopt niet tot analoge toepassing van art. 338 jo. art. 316.1 Sr op een ander samenlevingsverband dan bedoeld in art. 90octies en 316.1 Sr. 2. Een beroe
Bouwzaak: Vooroverleg bouwbedrijven. N.B. I.v.m. een technische storing is de eerder op rechtspraak.nl gepubliceerde tekst van het vonnis vervangen door onderhavige tekst.
Bouwzaak: Vooroverleg bouwbedrijven
Bouwzaak: Vooroverleg bouwbedrijven
Bouwzaak: Vooroverleg bouwbedrijven
Bouwzaak: Vooroverleg bouwbedrijven
Bouwzaak: vooroverleg bouwbedrijven
's Hofs oordeel dat het bewezenverklaarde - het doen van een betaling via een betaalautomaat met gebruikmaking van een giropas en de daarbij behorende pincode door een ander dan de daartoe gerechtigde - oplevert diefstal waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn berei
Herziening
Tussenarrest inzake Belgisch uitleveringsverzoek strekkende tot strafvervolging of tenuitvoerlegging. HR heropent onderzoek omdat de overgelegde stukken onvoldoende gegevens bevatten voor de beoordeling van het verweer dat, gezien de procesgang i.c. in België geen verzet meer ope
De rechtbank Haarlem veroordeelt een verdachte terzake van het plegen van schennis en een poging tot het bewegen van een minderjarige tot ontuchtige handelingen tot het verrichten van 180 uren werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zes maanden. Verdacht
Clickfondszaak. 1. Niet-ontvankelijkverklaring OM niet begrijpelijk gemotiveerd voorzover is geoordeeld dat (i) het rechtshulpverzoek aan de Zwitserse autoriteiten een misleidend effect zou hebben, (ii) dit effect zou zijn beoogd en (iii) dat niet meer te achterhalen is of van mi
De HR verwerpt de cassatiemiddelen, die gericht zijn tegen de bewezenverklaring van oplichting en poging tot oplichting, onder verwijzing naar de conclusie van de plv. P-G (o.m. handelend over de begrippen listig en wederrechtelijk en over het bewijs van het oogmerk bij art. 326