Overzichtsarrest HR over de toepassing van art. 80a RO. Vervolg op de overzichtsarresten van 11 september 2012.
Wetboek van Strafrecht
Art. 311 Sr
Genoemd in 211 uitspraken · Officiële wettekst
211 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Art. 359a Sv. 1. Geen beslissing op verweer strekkende tot niet-ontvankelijkverklaring van het OM in de vervolging op de grond dat de politie een bestuursrechtelijke bevoegdheid heeft ingezet voor een strafrechtelijk doel. 2. Toepassingsbereik art. 359a Sv; vormverzuim moet zijn
Profijtontneming. 1. Art. 511g.2 en art. 359.3 Sv. 2. Art. 36e.7 Sr hoofdelijke aansprakelijkheid. Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:BT6251 en ECLI:NL:HR:2007:BA0424. De door het Hof gevolgde werkwijze voldoet aan de eisen die door de HR zijn gesteld. V
Profijtontneming. 1. Afwijzing getuigenverzoeken. 2. Art. 36e.7 Sr hoofdelijke aansprakelijkheid. Ad 1. Art. 418.1 Sv. Onjuiste maatstaf. HR wijst voorts op de herstelmogelijkheid a.b.i. ECLI:NL:HR:2013:2056. Ad. 2. Art. 36e.7 Sr houdt een wijziging van wetgeving in t.a.v. de toe
HR: art. 81.1 RO. Conclusie AG over ernstige inbreuk rechtsorde a.b.i. art. 126m.1 Sv bij inbraak woning en art. 359a Sv, bewijsuitsluiting.
Gekwalificeerde diefstal. Bewijs van diefstal in vereniging. I.c. is de diefstal begaan door twee of meer verenigde personen a.b.i. art. 311.1 sub 4 Sr en ook is de diefstal door verdachte gepleegd onder een van de strafverzwarende omstandigheden als genoemd in voormelde bepaling
1. Aantekening mondeling arrest enkelvoudige kamer hof. 2. Strafoplegging. Ad 1. Ingevolge art. 3.d Regeling aantekening mondeling vonnis (Stcrt. 1996, 197) mag in de aantekening van het mondeling vonnis voor de inhoud van de bewijsmiddelen worden verwezen naar het proces-verbaal
HR ambtshalve: verjaring. HR vernietigt de bestreden uitspraak, behoudens voor zover daarbij het vonnis van de Politierechter in de rechtbank is vernietigd en verklaart de OvJ alsnog n-o in de vervolging.
HR: art. 80a RO. Gelet op de wettelijke strafmaxima en in aanmerking genomen de door het Hof opgelegde straf en ’s Hofs motivering van die straf, is het belang van verdachte bij zijn cassatieberoep niet evident. HR verwijst naar ECLI:NL:HR:2012:BX0146. De schriftuur bevat niet ee
Grondslagverlating. Art. 311 Sr. De kwalificatie vindt niet haar grondslag in de bewezenverklaring. Daarover klaagt het middel terecht. Tot cassatie behoeft dat echter niet te leiden. Behalve dat de poging tot diefstal is begaan door twee of meer verenigde personen i.d.z.v. art.
Gekwalificeerde diefstal. Bewijs van diefstal in vereniging. I.c. is de diefstal begaan door twee of meer verenigde personen a.b.i. art. 311.1 sub 4 Sr en blijkens de bewijsvoering is de diefstal door verdachte gepleegd onder een van de strafverzwarende omstandigheden als genoemd
Computercriminaliteit. Verdachte en OM in cassatie. 1. Verwerping verweer dat geen sprake kan zijn van overtreding van art. 138a (oud) Sr. 2. Onjuiste uitleg Hof van de in de tenlastelegging opgenomen bestanddelen ‘geautomatiseerd werk’ en ‘gemeen gevaar voor de verlening van die
-
Medeplegen poging tot doodslag (art. 287 Sr), medeplegen diefstal met geweld (art. 312.2.2 Sr), medeplegen wederrechtelijke vrijheidsberoving (art. 282.1 Sr), voorhanden hebben vuurwapen en munitie (art. 26.1 WWM) en poging tot zware mishandeling, meermalen gepleegd (art. 302.1 S
Art. 68 Sr en 313 Sv, wijziging tll. Toevoeging subsidiair feit, nl. opzet- of schuldheling van gebaksvorkjes gestolen uit woning gelegen te A (art. 416.1. resp. 417bis.1 Sr), aan oorspronkelijk tlgd., nl. medeplegen diefstal van voorwerpen, waaronder gebaksvorkjes, in/uit woning
Overlevering naar Polen toegestaan. Verweer m.b.t. schending 3 EVRM ivm slechte detentieomstandigheden in Polen, wordt door de rechtbank verworpen.
O.g.v. art. 358.4 Sv behoeven slechts die wettelijke voorschriften te worden vermeld die de toegepaste verbods- en strafbepalingen inhouden en de onmiddellijke grondslag der veroordeling uitmaken. Indien de veroordeling is gebaseerd op art. 312 dan wel 311, behoeft art. 310 Sr ni
Feitelijke leidinggeven aan bedrieglijke bankbreuk begaan door rechtspersoon, art. 343.1 (oud) Sr. Strafmotivering (taakstraf van 160 uren, subsidiair 80 dagen hechtenis). Kon hof in strafverzwarende zin acht slaan op niet aan verdachte tlgd. veroordelingen voor onder meer soortg
Pools EX-EAB. gelijkstelling met een Nederlander. Vonnis I niet langer uitvoerbaar, weigering ex 6a OLW ten aanzien van vonnis II.
Conclusie AG. Onaangelijnd los laten lopen van American Staffordshires. 1. Gevaarlijk dier, art. 425 Sr. 2. Beschadiging van een andere hond, art. 350 Sr. Voorwaardelijk opzet.
Bewijsklacht opzet op het medeplegen van het na de poging tot diefstal toegepaste geweld faalt. N.a.v. CAG overweegt de HR nog het volgende. Niet alleen de delictsomschrijving, maar in het concrete geval ook de tll. bepaalt waarop het opzet van de verdachte moet zijn gericht. Dat
Virtueel amulet en masker in het online spel Runescape kunnen worden aangemerkt als ‘goed’ in de zin van art. 310 Sr en zijn vatbaar voor diefstal. Verdachte en medeverdachte dwongen het slachtoffer met geweld en bedreiging met geweld zich aan te melden op zijn account in het onl
Beroep in cassatie tegen een vonnis van de Politierechter en een beschikking van het Hof als bedoeld in art. 410a.4 Sv. 1. Ontvankelijkheid cassatieberoep tegen vonnis Politierechter. 2. Buiten behandeling laten hoger beroep. Art. 129 en 410a Sv. Ontvankelijkheid cassatieberoep t
Conclusie AG. Opzettelijk handelen in strijd met art. 3B OW en diefstal d.m.v. verbreking (art. 311.1.5 Sr). 1. Klacht over afwijking van uos. 2. Bewijsklacht plegen diefstal d.m.v. verbreking. 3. Onvolkomenheid bij beëdiging van AG. Conclusie strekt tot verwerping van het beroep
-