Huiselijk geweld. Naar het oordeel van het hof handelde aangeefster uit noodweer, te weten ter noodzakelijke verdediging van haar eigendom tegen de ogenblikkelijke, wederrechtelijke aanranding van haar eigendomsrecht door de verdachte. Als reactie daarop gaf de verdachte aangeefs
Wetboek van Strafrecht
Art. 304 Sr
Genoemd in 105 uitspraken · Officiële wettekst
105 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Samenloop van medeplegen poging doodslag (art. 287 Sr) en openlijke geweldpleging in vereniging (art. 141 Sr) door slachtoffer tegen het hoofd te slaan en terwijl hij op de grond ligt tegen het hoofd te schoppen. Eendaadse of meerdaadse samenloop, art. 55.1 en 57 Sr? Belang bij c
Zware mishandeling met voorbedachten rade begaan tegen kind de dood ten gevolge hebbende, poging tot zware mishandeling begaan tegen kind en mishandeling begaan tegen kind (meermalen gepleegd), art. 300, 302, 303 en 304 Sr. Stiefvader slaat, na eerdere mishandelingen, zijn versta
Veroordeling in verband met mishandeling, begaan tegen zijn levensgezel. Overschrijding van de redelijke termijn met ruim 7 maanden. Gevangenisstraf van 1 week voorwaardelijk, proeftijd van 1 jaar.
Man heeft in 2015 in Utrecht zijn levensgezel opzettelijk zwaar letsel toegebracht. De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. Daarnaast legt de rechtbank een contactverbod op.
Verdachte is veroordeeld voor mishandeling van zijn levensgezel en van vernieling van een deur van de moskee in Zutphen. De rechtbank legt op een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van één maand, met aftrek van de tijd die verdachte in verzekering en voorlopige hechteni
Op de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Op de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
OM-cassatie.1. Verjaring. 2. Motivering vrijspraak. Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2010:BK1998. In geval van verandering van wetgeving m.b.t. de verjaring geldt naar hedendaagse rechtsopvatting in strafzaken als uitgangspunt dat deze verandering direct va
Op de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Op de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Op de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Op de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Op de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Op de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
aansprakelijkheid toepassing strafvorderlijke dwangmiddelen Kort geding
Art. 304 onder 1 Sr. Levensgezel. Het oordeel dat X als “levensgezel” i.d.z.v. art. 304 Sr kan worden aangemerkt is, in aanmerking genomen dat de gebezigde bewijsmiddelen onvoldoende inhouden omtrent de in nota van wijziging bedoelde aard en hechtheid van de betrekking tussen ver
HR: 81.1 RO.
1. Gebruik voor het bewijs van een schriftelijk bescheid houdende een verklaring van een persoon wiens identiteit niet blijkt. 2. Art. 304 Sr. Ad 1. Het Hof heeft in strijd met art. 360.1 Sv nagelaten het gebruik van dit bewijsmiddel, v.zv. inhoudende de verklaring van een onbeke
De verdenking komt er kort en feitelijk op neer dat verdachte heeft geprobeerd het slachtoffer te doden ofwel zwaar lichamelijk letsel heeft toegebracht en slachtoffer heeft mishandeld. De rechtbank verklaart alleen mishandeling bewezen en veroordeelt de verdachte tot één week ge
Verdachte wordt veroordeeld voor het meerdere malen mishandelen en het in hulpeloze toestand brengen en laten van haar dochter in de periode van 1 juni 2010 tot en met 3 april 2011. Verdachte was op grond van de wet als moeder verplicht tot de opvoeding en verzorging van het slac
De f&o genoemd in de toelichting op het middel kunnen niet voor het eerst in cassatie naar voren worden gebracht. Zonder blijk te geven van een onjuiste rechtsopvatting kon het Hof tot een bewezenverklaring en de daarbij behorende kwalificatie komen.
Gesloten stelsel van rechtsmiddelen. Gebreken van een aan een vordering tot bewaringstelling voorafgaande inverzekeringstelling kunnen geen zelfstandige grond vormen voor afwijzing van deze vordering en dus ook niet voor afwijzing van een vordering tot gevangenhouding (vgl. HR NJ
Ambtshalve overweging met betrekking tot het vervallen van het recht tot strafvordering door verjaring. Vóór de wetswijziging van 1 februari 2006 (art. 304 Wetboek van Strafrecht) was mishandeling van een levensgezel geen strafverzwarende omstandigheid. Resteert voor de periode
Conclusie AG over o.m. “als bedrijf uitoefenen” a.b.i. art. 337 Sr en het systeem van strafverzwarende omstandigheden. HR: 81 RO.