Ook als de meervoudige strafkamer slechts - zoals waarschijnlijk lijkt - heeft willen aangeven de eigen waarneming als bewijsmiddel bruikbaar te achten, waarop de verdediging om nader onderzoek kan vragen, zijn de woorden waarin dit is gebeurd, geduid mede in het licht van de eer
Wetboek van Strafrecht
Art. 284 Sr
Genoemd in 210 uitspraken · Officiële wettekst
210 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 9 · live
1. Term ‘bedreiging met zware mishandeling’ ex art. 285 Sr. 2. Bewezenverklaring schuldheling Ad 1. ’s Hofs oordeel dat de bedreiging is geschied onder zodanige omstandigheden dat bij het slachtoffer de redelijke vrees kon ontstaan dat hij zwaar lichamelijk letsel zou kunnen be
Dwang door feitelijkheid ex art. 242 Sr. De bewezenverklaring houdt in dat de feitelijkheid hierin bestond dat verdachte een feitelijk overwicht op het slachtoffer heeft gehad (gezien het leeftijdsverschil tussen verdachte en slachtoffer en de relatie opa-kleinkind) en aldus voor
OM-cassatie. Verhouding art. 266.1 en 285.1 (oud) Sr tot art. 285b.1 Sr in het licht van art. 55.2 Sr. ’s Hofs oordeel dat sprake is van “een systematische specialis verhouding” tussen enerzijds art. 266.1 Sr en art. 285.1 (oud) Sr en anderzijds art. 285b Sr, dus dat elk van eers
Bewijsoverwegingen ten aanzien van medeplegen bankovervallen, voorwaardelijk opzet op medeplegen, toepassing meerderjarigenstrafrecht op jeugdige verdachte. Gevangenisstraf voor de duur van negen jaren wegens deelneming in georganiseerd verband aan reeks gewapende overvallen op o
Door een feitelijkheid wederrechtelijk dwingen ex art. 284 Sr. 1. De bewijsmiddelen houden in dat verdachte gebruik heeft gemaakt van zijn positie van militaire meerdere tegenover het slachtoffer als ondergeschikte, dat hij het slachtoffer naar een niet voor hem (het slachtoffer)
Toezegging aan getuige. Door slachtoffer is in overleg met OvJ een geldelijke beloning ter beschikking gesteld aan een getuige voor het afleggen van een verklaring. Een gedeelte van de beloning zou pas worden verstrekt als een veroordeling zou volgen. 1. De opvatting dat een aan
Belaging ex art. 285b Sr. 1. Art. 2.1 Vierde Protocol EVRM verhindert niet ook gedragingen op de openbare weg strafbaar kunnen zijn. 2. Uitleg "inbreuk maken op de persoonlijke levenssfeer". 3. Uitleg "stelselmatig" en "oogmerk". Ad 2. In aanmerking genomen hetgeen de bewijsmidde
Pincode.
‘Wederrechtelijk’ conform art. 284 Sr in casu opgevat als ‘onbevoegdelijk’; het hof heeft de grondslag der telastelegging niet verlaten; toereikend bewijs.