Contradictoir. geen verwijzing kanton in afwijking van 94 lid 2 Rv
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 97 Rv
Genoemd in 88 uitspraken · Officiële wettekst
88 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Reflexwerking van de Colportagewet ten behoeve van de kleine ondernemer; dwaling en misbruik van omstandigheden, onder verwijzing naar een verklaring van het Steunpunt Acquisitiefraude (SAF); wanprestatie; onredelijk bezwarend beding
De kantonrechter is voornemens om terug te komen op haar eerdere oordeel over de bevoegdheid, en de zaak alsnog te verwijzen naar de handelskamer van deze rechtbank. Daartoe is redengevend dat de rechtskeuze om toekomstige geschillen aan de kantonrechter voor te leggen, buiten de
Eiseres vordert terugbetaling van verschillende leningen die zij stelt te hebben verstrekt aan gedaagde. Gedaagde wordt toegelaten tot het leveren van bewijs van de stelling dat hij aflossingen heeft gedaan op een van die leningen. Ook vordert eiseres op grond van de ‘overeenkoms
Verwijzing naar kanton. Duidelijke aanwijzingen dat het totaal van de vorderingen geen hogere waarde vertegenwoordigt dan 25.000 euro.
Tussenvonnis. Moet ambtshalve worden verwezen naar een kamer voor kantonzaken op de grond dat overeenkomst tot in gebruik geven van bestelbussen kwalificeert als huurovereenkomst? (artikel 71 Rv) Nee, want de overeenkomst is geen huurovereenkomst nu geen tegenprestatie is verschu
Publicatie boek in strijd met beding in vaststellingsovereenkomst?
Civiel recht. Vonnis in incident. De zaak is aangebracht bij de kamer voor andere zaken dan kantonzaken. Vordering is minder dan € 25.000. De kamer voor andere zaken dan kantonzaken van deze rechtbank verwijst de zaak, na partijen te hebben gehoord, op grond van artikel 93 aanhef
verzekeringsovereenkomst
Openstaande facturen voor bouw, onderhoud en hosting van de webshop voor een horecagroothandel. De groothandel hoeft de openstaande facturen voor de bouw van de webshop niet te betalen vanwege een geslaagd beroep op ontbinding, maar moet wel de facturen betalen voor het onderhoud
Arbeidszaak. Kort geding. Loonvordering en wedertewerkstelling na ontslag op staande voet.
Overeenkomst van opdracht. Schending klachtplicht 6:89 BW. Schuldenaar is door het late klagen in zijn belangen geschaad.
Burgerlijk procesrecht. Bevoegdheidsincident. Competentie kantonrechter. Omvang processtuk. Rechtbank ziet geen reden voor verwijzing of voor vervanging van de dagvaarding door een korter exemplaar.
Gedaagde heeft eiseres op eigen initiatief, ongevraagd, benaderd met het doel haar ertoe te bewegen een nieuw energiecontract af te sluiten. Eiseres is geen consument, maar ook geen grote onderneming, en een kleinverbruiker in de zin van de Elektriciteitswet 1998. In verband met
Incidentele vordering tot verwijzing afgewezen. Kantonrechter is bevoegd. Artikel 97 lid 1 Rv.
Zaak met conventie en reconventie, over betaling van facturen voor verrichte werkzaamheden in woning van eiser in conventie. Reconventionele schadevordering afgewezen, want ontbinding was niet rechtsgeldig wegens ontbreken verzuim.
Een fiscaal adviesbureau moet een voormalige maat in de maatschap van het adviesbureau ruim 17.000 euro aan winstdeling over 2023 en 2024 betalen.
Incident, absolute bevoegdheid kantonrechter, art. 97 Rv
Verdeling nalatenschap. Geld onttrokken door erfgenaam? Schenking? Schuld van de nalatenschap? Bewijsopdracht.
Tussenarrest. Montage en levering dak- en gevelplaten. Schuldeisersverzuim? Bewijsopdracht.
De vrouw vordert in conventie de helft van de door de man ontvangen compensatie op grond van de Catshuisregeling. Er zijn duidelijke aanwijzingen dat de man niet meer compensatie zal ontvangen dan de al ontvangen € 30.000,-, en daarmee dat de vordering van de vrouw niet meer dan
Beoordeeld moet worden of geIntimeerde aanspraak heeft op nakoming en/of schadevergoeding omdat appellante sub 2 ander bier dan het overeengekomen merkbier aan haar heeft geleverd.
Overeenkomst van opdracht. Ontbinding, opzegging, meerwerk, verzuim.
Bevoegdheidsincident. De rechtbank Midden-Nederland (locatie Utrecht) is relatief bevoegd.
De vraag die voorligt, is of tussen partijen een overeenkomst voor de koop van het bedrijfspand tot stand is gekomen. De rechtbank is van oordeel dat tussen partijen geen koopovereenkomst tot stand is gekomen.