Ontvankelijkheid van het hoger beroep. Ter zitting mondelinge uitspraak gedaan. Enkele dagen later volgt de beschikking. Wanneer begint de termijn te lopen? Hof: in dit geval de datum van de beschikking.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 805 Rv
Genoemd in 75 uitspraken · Officiële wettekst
75 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Ontvankelijkheid appel toepassing art. 806 en 805 Rv
Geen aanleiding terug te komen van voorlopig oordeel in tussenbeschikking dat de man niet kan worden ontvangen in zijn verzoek in hoger beroep. Ook indien de man de door de rechtbank aan hem verzonden beschikking niet heeft ontvangen, is artikel 806 lid 1 aanhef en onder a Rv van
Nu de Raad voor de Kinderbescherming noch verzoeker noch belanghebbende is als bedoeld in artikel 798 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv), maar optreedt in zijn functie als bedoeld in artikel 810 Rv, is het voor de Raad voor de Kinderbescherming niet mogelijk om in hoger
Kinderalimentatie. Ontvankelijkheid van het hoger beroep. Bestreden beschikking niet aangetekend maar per gewone post aan appellant verzonden. Het gevolg is dat artikel 806 lid 1 onder b Rv van toepassing is. Het verzoeken van alimentatie in hoger beroep ten behoeve van een inmid
Beschikking in eerste aanleg niet aangetekend verzonden. Niet artikel 806 lid 1 onder a is van toepassing, maar het bepaalde onder b. Man ontvankelijk in zijn beroep.
Beschikking in eerste aanleg niet aangetekend verzonden. Niet artikel 806 lid 1 onder a is van toepassing, maar het bepaalde onder b. Man ontvankelijk in zijn beroep.
Art. 81 RO. Familierecht. Instelling van bewind en mentorschap; artt. 1:431, 450 BW.
Procesrecht. Ontvankelijkheid hoger beroep ondanks termijnoverschrijding? Partij aan te merken als verschenen belanghebbende als bedoeld in art. 358 lid 2 Rv., nu zij als wederpartij genoemd in het verzoekschrift tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor, zich in de proced
Kinderalimentatie. Ontvankelijkheid van het hoger beroep, (geen) overschrijding termijn, artikel 806 en 805 Rv.
Zowel inleidend verzoekschrift als de beschikking wel verzonden, maar de beschikking van december 2009 niet op voorgeschreven wijze (aangetekend). In dat geval is art. 806 lid 1 onder b van toepassing. Man derhalve ontvankelijk in zijn op 23 april 2010 ingesteld hoger beroep.
Beschikking vermelde verschillende data waarop deze (mogelijk) gegeven zou zijn. Het leek er op dat het hoger beroep niet tijdig was ingediend. Het na de zitting toegestuurde proces-verbaal en de door de rechtbank verstrekte informatie verschafte onvoldoelde duidelijkheid. Alsnog
Familierecht. Echtscheiding; een beschikking houdende echtscheiding waartegen hoger beroep is ingesteld, gaat pas in kracht van gewijsde in de zin van art. 1:163 lid 3 BW, nadat de appelbeschikking in kracht van gewijsde is gegaan, ook in de gevallen dat het hoger beroep wellicht
Beschikking Rechtbank niet op juiste wijze verzonden. Art. 291 en 272 Rv. Moeder ontvankelijk in haar beroep.
Ontvankelijkheid hoger beroep en door appellant ingesteld incidentele appel. Hoger beroep na ruim twee jaar in dit geval ontvankelijk. Betekening. Artikel 3 Rv, bevoegdheid. Wettelijke maatstaven en wijziging van omstandigheden.
Beroepschrift te laat ingediend: artikel 805 en 806 lid 1 Rv.
Toerekening van niet ontvangen afschrift van het verzoekschrift in eerste aanleg. Risico niet-informeren van het GBA door appellant. Appel te laat ingesteld.
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens het te laat instellen van hoger beroep op grond van artikel 806 li1 sub RV.
Appeltermijn in een internationale zaak. 801 lid 1 sub a Rv. Bijzondere omstandigheden.
Artikel 806 Rv. (Juiste) toezending van een afschrift van de beslissing in eerste aanleg aan belanghebbende. Hoger beroep te laat.
Appeltermijn. Artikel 806 Rv. Het hoger beroep is te laat ingediend.
Niet-ontvankelijkheid. Aan de wettelijke termijn van hoger beroep doet niet af, dat partijen niet van een nieuwe, latere uitspraakdatum op de hoogte zijn gesteld en evenmin, dat de de beschikking op de dag van de uitspraak niet door de griffier zou zijn ondertekend of dat in de
Biologische vaders, die samenwonen, verzoeken gezamenlijk gezag over hun biologisch kinderen. Rechtbank wijst verzoek in 1998 toe. Biologische moeders, die samengewoond hebben, komen in beroep in augustus 2005.
28 november 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R03/009HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De moeder], wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. M. Ynzonides, t e g e n 1. DE RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING, gevestigd te Rotterdam, 2. DE WILL
Bijstandsverhaal. Overschrijding appeltermijn; verkeerde ‘Rechtsmittelbelehrung’ aan voet beschikking. Geen verschoonbaar verzuim (art. 6:11 Awb).