28 november 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R03/009HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De moeder], wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. M. Ynzonides, t e g e n 1. DE RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING, gevestigd te Rotterdam, 2. DE WILL
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 805 Rv
Genoemd in 75 uitspraken · Officiële wettekst
75 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Cassatie in het belang der wet. Familieprocesrecht. Art. 798 lid 1 Rv. Is gecertificeerde instelling belanghebbende in zaak op de voet van art. 1:253n BW tot beëindiging van gezamenlijk gezag over onder toezicht gesteld kind?
Wzd-zaak. Art. 24 lid 3 Wzd. Art. 38 lid 5 Wzd. Procespositie echtgenote: belanghebbende of informant? Eisen van art. 24 lid 3 Wzd. Deskundigenonderzoek nodig?
Vordering tot cassatie in het belang der wet. Is de Gecertificeerde Instelling in een procedure tussen ouders over gezag en/of omgang belanghebbende?
Cassatie na verwijzing (20/00494). Partneralimentatie en afwikkeling vermogensrechtelijke gevolgen echtscheiding. Grenzen alimentatiegeschil na verwijzing. Motiveringsklachten over ingangsdatum alimentatie. Onbegrijpelijke berekening brutobedrag behoefte.
Procedure na verwijzing. Internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter (Brussel II-bis Verordening), indiening verzoekschrift: 7 januari 2013. Ouders hebben de minderjarigen tijdens een begeleid contact in kader van uithuisplaatsing op 28 september 2012 overgebracht van
Prejudiciële vraag belanghebbende
Wanneer juist is dat de rechtbank geen afschrift van de beschikking naar de vrouw heeft gestuurd, dan is dat in strijd met de wet, maar op grond van hetgeen het hof voorts overweegt had de vrouw desondanks tijdig in beroep kunnen komen en haar hoger beroep dan ook moet worden afg
ontvankelijkheid. Kinderalimentatie. Hoger beroep ingesteld binnen drie maanden nadat de beschikking op andere wijze bekend is geworden. Ter zitting gedeeltelijk overeenstemming bereikt over de kinderbijdrage. Toepasselijke wetsartikelen: artikel 805 jo. 291 jo. 272 Rv.
Artikel 805 Rv; artikel 806 Rv; artikel 1 lid 1 Algemene Termijnenwet; rechtsmiddeltermijnen zijn van openbare orde; de moeder is te laat in hoger beroep gekomen van de eindbeslissing inzake het gezamenlijk ouderlijk gezag; het hof neemt gelet op de betwisting door de vader geen
Bekrachtiging verlenging OTS en machtiging UHP. Minderjarige verblijft sinds zij een paar maanden oud is in een pleeggezin. Ouders wonen in Spanje, houden de hulpverlening op afstand en geven geen openheid van zaken over hun privé situatie.
Ontvankelijkheid moeder nadat zij te laat in hoger beroep is gekomen van een beschikking waarop naast de uitspraakdatum ook een stempel staat met een latere datum. Artikelen: 805 en 806 Rv, 1 Algemene termijnenwet en 3 en 9 IVRK
Jeugdrecht. Hoorrecht minderjarige (art. 809 Rv). Vader zonder gezag belanghebbende in procedure over ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing (art. 798 Rv)? Family life (art. 8 EVRM).
Bewind en mentorschap. Schending van het beginsel van hoor en wederhoor door twee belanghebbenden niet in de procedure te betrekken? Criterium bij het afwijken van de wettelijke voorkeursregeling (art. 1:435 lid 4 en art. 1:452 lid 4 BW).
Niet-ontvankelijk. Beroepschrift is buiten de beroepstermijn ingekomen. Geen verschoonbare termijnoverschrijding.
Procesrecht. Art. 805 lid 2 Rv. Ontvankelijkheid hoger beroep van tussenbeschikking. Abusievelijk geplaatste ‘rechtsmittelbelehrung’? Verschoonbare onduidelijkheid?
Ontvankelijkheid. Beroepstermijn: te laat hoger beroep ingesteld.
Personen en familierecht. Kinder- en partneralimentatie: behoefte en draagkracht. Stelplicht en bewijslast m.b.t. behoefte kinderalimentatie ingeval van hoog netto gezinsinkomen; onderbouwing draagkracht: toetsen draagkrachtberekening (HR 4 december 2015, NJ 2016/24).
Wrakingszaak. Wrakingsverzoek ongegrond. Het niet aanmerken als belanghebbende en om die reden geen gemachtigde toelaten bij een zitting is een procesbeslissing die niet onbegrijpelijk is. De weigering van de verstrekking van een proces-verbaal van de zitting is in lijn met het W
Tijdigheid hoger beroep. Toepassing artikel 806, lid 1, onder b, Rv.
Tijdigheid van appel; art. 806 Rv. Termijnoverschrijding niet verschoonbaar. Afwijzing bewijsaanbod d.m.v. horen griffiemedewerker.
Gezagszaak. Appel is tijdig ingesteld op grond van art. 806 lid 1 sub b Rv. Nu achteraf is gebleken dat de kinderen zijn geboren staande het in het buitenland voltrokken en in Nederland voor erkenning vatbaar huwelijk, is de beslissing van de rechtbank om de vader op grond van ar
Rechtbank wijst verzoek bijzondere curator tot vernietiging van de erkenning af. De moeder gaat in hoger beroep. Het hof verklaart haar verzoek niet-ontvankelijk. De moeder is geen belanghebbende als bedoeld in artikel 798 Rv.
Ontvankelijkheid; moeder heeft haar beroepschrift na de wettelijke beroepstermijn van drie maanden ingediend.
Betekening bestreden beschikking aan man zonder vaste woon- of verblijfplaats. Is de betekening op juiste wijze verlopen en is de man niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep? Had de man een bekende woonplaats buiten Nederland? Artikel 806 lid 1 sub b Rv.